Page 97 of 244
1- 86 BIJZONDERHEDEN VAN UW HYUNDAI
B580A01L-AXT ZONNEKLEPPEN Uw HYUNDAI is voorzien van zonnekleppen waarmee de bestuurderen de voorpassagier zowel van voren als van opzij tegen zonnestraling kunnen worden beschermd. Om hinderdoor schittering en directe zonnestraling tegen te gaan moet de zonneklep naar beneden wordengekanteld. Beide zonnekleppen zijn aan de achterzijde voorzien van een make-up spiegel.
!WAARSCHUWING:
o Controleer altijd dat de motorkap goed vergrendeld is voordat wordt weggereden. Als demotorkap niet is vergrendeld, kan dit tot ongevallen leiden.
o Niet rijden met de motorkap omhoog; het zicht wordt belemmerd en de motorkap kanomlaagvallen of beschadigd raken. B580A01O
2. Trek de veiligheidshefboom omhoog
en til de motorkap op.
3. Breng de motorkap met de hand omhoog.
Sluit de klep langzaam en controleer of de vergrendeling aangrijpt.
B570A02A-GXT MOTORKAPONTGRENDELING 1. Trek aan de knop om de motorkap te ontgrendelen. B570A01O
B570A02O
Page 98 of 244
BIJZONDERHEDEN VAN UW HYUNDAI 1- 87
B610A01S-GXT CLAXON Om de claxon in werking te stellen moet de afdekking op het stuurwielworden ingedrukt.
YB860A1-AX WAARSCHUWINGSLAMP IN VOORPORTIER(Indien gemonteerd) Een rode lamp gaat branden wanneer
het voorportier wordt geopend. Zo wordt het uitstappen vergemakkelijkt en worden andere weggebruikersgewaarschuwd. B620A01O
B610A01O
B580B02Y-AXT Verlichte make-up spiegel (Indien gemonteerd) Wanneer de afdekking van de make-
up spiegel wordt geopend, gaat de spiegelverlichting branden als hetcontactslot in de stand "ON" staat. LET OP:
Zet de zonneklep in een zodanige stand dat het zicht op de weg, het verkeer of andere objecten nietwordt verhinderd.
!
N.B.:
Een sticker van het extra veiligheidssysteem (SRS) metbruikbare informatie bevindt zich aan de achterzijde van elke zonneklep.
Page 99 of 244

1- 88 BIJZONDERHEDEN VAN UW HYUNDAI
B340G01O-GXT KOPLAMPAFSTELLING De hoogte van de lichtbundel kan worden aangepast, afhankelijk van hetaantal passagiers en de lading in de bagageruimte, door aan de schakelaar voor de koplampafstelling te draaien.Hoe hoger de stand van de schakelaar, hoe lager de lichtbundel schijnt. Zorg steeds dat de lichtbundelop de juiste hoogte staat, omdat anders andere weggebruikers kunnen worden verblind. In onderstaande tabelworden de juiste schakelaarstanden aangegeven. Bij een afwijkende ladingstoestand moet een zodanigeschakelaarstand worden gekozen, dat de hoogte van de lichtbundel zoveel
B600A02Y-AXTVERSTELLING VAN HET STUURWIEL(Indien gemonteerd) Voor het verstellen van het stuurwiel:
1. Trek het handel naar boven en houd het vast om te ontgrendelen.
2. Beweeg het stuurwiel omhoog of omlaag in de gewenste stand.
3. Laat het handel los als het stuurwiel zich in de gewenste stand bevindt.
!WAARSCHUWING:
Stel de stuurkolom niet tijdens het rijden af. U kunt de controle over de auto verliezen en een aanrijding veroorzaken. B600A01O
HSM080
YB830A1-FX OPBERGRUIMTE IN ARMLEUNING Deze opbergruimte bevindt zich in de neerklapbare armleuning en is bereikbaar door het deksel te openen.HSM2049
Page 100 of 244

BIJZONDERHEDEN VAN UW HYUNDAI 1- 89
B660B02O-GXT Snelheid instellen 1. Druk de ON/OFF-toets in. De
"CRUISE" waarschuwingslamp in het instrumentenpaneel gaat branden. Hierdoor wordt hetsysteem ingeschakeld.
2. Accelereer tot de gewenste snelheid
boven 40 km/h is bereikt.
B660A01S-GXT AUTOMATISCHE SNELHEIDSREGELING(Indien gemonteerd) Met dit regelsysteem is het mogelijk een eenmaal ingestelde snelheid con-stant aan te houden. Het regelsysteem kan vanaf een snelheid van 40 km/u worden ingeschakeld.
B660A01O B660B01O
3. Druk de schakelaar "SET" (COAST) in nadat de gewenste snelheid is bereikt.
4. Neem uw voet van het gaspedaal en de gewenste snelheid wordt automatisch aangehouden.
mogelijk overeenkomt met een hoogte die aan de hand van één van onderstaande schakelaarstandenwordt verkregen.
Beladingstoestand
Alleen bestuurder Bestuurder + voorpassagierBestuurder,voorpassagier + achterbankvolledig bezet Max. aantal personen Max. aantal personen + max.toegestane beladingBestuurder + maximumtoegestane belading Schakelaarstand
(2WD/4WD)
0 0 1 1 2 3
Page 101 of 244

1- 90 BIJZONDERHEDEN VAN UW HYUNDAI
De snelheid die vóór het uitschakelen was ingesteld, wordt automatisch weer hervat na het indrukken van de "RE-SUME (ACCEL)" toets; hierbij moet de rijsnelheid hoger zijn dan 40 km/h. B660E01Y-AXT Hogere snelheid instellen
1. Druk de "RESUME (ACCEL)" toets in en houd hem ingedrukt.
2. Wacht tot de gewenste snelheid is bereikt en laat de "RESUME(ACCEL)" toets los. Bij ingedrukte toets neemt de snelheid geleidelijktoe.
o Door het keuzehandel in stand "N"
te zetten (automatischetransmissie).
o Door het verlagen van de snelheid
tot 20 km/h onder de ingesteldesnelheid.
o Bij afremmen tot een snelheid la-
ger dan 40 km/h.
o Door het uitschakelen van de
hoofdschakelaar.
B660D01O-GXT Ingestelde snelheid hervatten
B660D01O5. Om de snelheid te verhogen moethet gaspedaal voldoende worden ingedrukt om de ingestelde snelheidte overschrijden. Nadat het gaspedaal wordt losgelaten, wordt de eerder ingestelde snelheid weeraangehouden.
B660C01O-GXT Snelheidsregeling uitschakelen
o Druk de "CANCEL" toets in.
o Door het koppelingpedaal in te drukken (handgeschakelde versnellingsbak). B660C01O
Page 102 of 244

BIJZONDERHEDEN VAN UW HYUNDAI 1- 91
!WAARSCHUWING:
o Als de automatische snelheidsregeling niet wordt gebruikt, zet dan de hoofdschakelaar "uit".
o Gebruik de automatische snelhei- dsregeling alleen als eenconstante snelheid kan wordenaangehouden en niet met druk verkeer of slechte weersomstandigheden en ookniet op hellingen van meer dan 6%.
o Als uw HYUNDAI de eerste auto met een dergelijk systeem is, is het raadzaam de bediening vanhet systeem goed te kennen alvorens het te gebruiken.
o Houd rekening met de verkeersomstandigheden alvorens het systeem in werkingte stellen. o Als met ingeschakelde
automatische snelheidsregelingwordt gereden, mag de versnellingshandel niet in neutraal worden gezet zonder hetkoppelingpedaal in te drukken, anders loopt het motortoerental ontoelaatbaar hoog op.
B660F01O-GXT Lagere snelheid instellen
1. Druk de "SET (COAST)" toets in en houd hem ingedrukt. Bij ingedrukte toets neemt de snelheid geleidelijk af.
2. Wacht tot de gewenste snelheid is bereikt en laat de toets los. B660B01O
Page 103 of 244

1- 92 BIJZONDERHEDEN VAN UW HYUNDAI
B710A01O-GXT BEDIENING VERWARMING EN KOELING (Indien gemonteerd)
1. Ventilatieroosters opzij
2. Ventilatieroosters aan de zijkant
3. Ventilatieroosters voorruit
4. Centrale Ventilatieroosters
HSM2116B710B02O-AXT MIDDELSTE VENTILATIEROOSTERS Deze ventilatieroosters bevinden zich
midden in het dashboard. Om de richting van de luchtstroom te veranderen kan de knop in het middenvan het rooster naar links en rechts, en op-en-neer worden bewogen. De roosters zijn open als de draaiknop inde " " stand staat, en zijn gesloten als de draaiknop in de " "stand wordt gezet. Deze roosters altijdvrijhouden.
B710C02O-GXT ZIJVENTILATIEROOSTERS De zijventilatieroosters bevinden zich
aan beide zijden in de voorportieren. Om de richting van de luchtstroom teveranderen kan de knop in het midden van het rooster naar links en rechts, en op-en-neer worden bewogen. Deroosters zijn open als de draaiknop in de " " stand staat, en zijn gesloten als de draaiknop in de " "standwordt gezet. Deze roosters altijd vrijhouden.
Page 104 of 244

BIJZONDERHEDEN VAN UW HYUNDAI 1- 93
B670A03O-AXT DRAAISCHAKELAARS VOOR BEDIENING VERWARMING/VENTILATIE(Indien gemonteerd)
Er zijn drie draaiknoppen en twee toetsen voor de bediening van hetverwarmings- en aircosysteem. Dit zijn:
1. Regeling buitenluchttoevoer
2. Schakelaar airconditioning
3. Regeling luchtverdeling
4. Regeling aanjagersnelheid
5. Regeling temperatuur B670A01OYB440B1-AX AANJAGERSCHAKELAAR Hiermee wordt de aanjager in-en
uitgeschakeld en kan de aanjagersnelheid worden gekozen. De aanjagersnelheid en daarmee de hoeveelheid binnenstromende luchtkan worden geregeld door de schakelaar tussen de standen "1" en "4" te zetten. HSM111
1
3
45
2
B670C03O-AXT LUCHTTOEVOERBEDIENING Hiermee kan de toevoer van verse lucht of de recirculatie van lucht in dewagen worden gekozen.Druk de toets in om de luchttoevoerte wijzigen (verse lucht/recirculatie). VERSE LUCHT ( ) : De lamp in de
toets brandt als de luchtverdeling in de stand luchttoevoer staat.
RECIRCULATIE ( ) : De controle-
lamp in de toets brandt niet de stand
voor luchtcirculatie is ingeschakeld.
B670C02O