Page 49 of 90

6-12
PERIODIEK ONDERHOUD EN EENVOUDIGE REPARATIES
1
2
3
4
56
7
8
9
5.Vul het motorblok met motorolie.
Plaats het de olievuldop weer en
draai deze stevig aan.
DC000079
<>Voeg geen chemische middelen aan
de olie toe. De versnellingsbak-olie
zorgt ook voor de smering van de kop-
peling en bepaalde chemische midde-
len zullen leiden tot slippen van de
koppeling.6.Start de motor en laat deze enkele
minuten lang warmdraaien.
Kontroleer in de tussentijd het
motorblok op olielekkage. Mocht u
ergens een lek ontdekken, stop de
motor dan en probeer de oorzaak te
achterhalen. Aanbevolen motorolie:
Zie blz. 8-1.
Hoeveelheid motorolie:
Totale hoeveelheid: 0,8 L
Periodieke verversing: 0,75 L
1
1
2.Zet de motor af en controleer het
oliepeil, door het kijkglas, rechtson-
der in afdekkap van de versnellings-
bak.OPMERKING:Wacht, na het afzetten van de motor,
enkele minuten met het controleren van
het oliepeil.3.Het oliepeil dient zich tussen tussen
de minimum- en maximum-merkte-
kens te bevinden. Als er zich te wei-
nig olie in de versnellingsbak
bevindt, vul dan olie bij tot aan het
juiste niveau.Verversen van de versnellingsbakolie
1.Start de motor en laat deze enkele
minuten warmdraaien.
2.Stop de motor. Plaats een opvang-
bak voor de olie onder het motorblok
en verwijder de olievuldop.
3.Verwijder de aftapbout en laat de
olie uit de versnellingsbak lopen.
4.Installeer de aftapbout weer en draai
deze vast met het voorgeschreven
aantrekkoppel.1.Versnellingsbak-olievuldop1.Aftapbout
Aantrekkoppel:
Aftapbout:
15 Nm (1,5 m0kg)
3MB-9-D7-6 12/27/00 2:39 PM Page 12
Page 50 of 90

6-13
PERIODIEK ONDERHOUD EN EENVOUDIGE REPARATIES
1
2
3
4
56
7
8
9
DAU01808
Koelsysteem1.Verwijder het paneel D. (Zie blz.
6-9 voor het verwijderen en installe-
ren van het paneel.)
2.Controleer het koelvloeistofpeil in de
expansietank terwijl de motor koud
is, want het peil van de koelvloeistof
varieert met de motortemperatuur.
Het koelvloeistofpeil moet tussen de
het maximum- en het minimum-
merkteken liggen.
3.Als het peil te laag is, vul dan koel-
vloeistof of gedistilleerd water bij tot
het juiste peil.4.Breng het paneel weer aan.
DC000080
<>Te hard water (te veel kalk) of zout
water zal de motor beschadigen. Als u
geen zacht water kunt vinden, kunt u
gedestilleerd water gebruiken.OPMERKING:Als er water is bijgevuld, laat dan zo
spoedig mogelijk een Yamaha dealer het
antivriesgehalte van de koelvloeistof con-
troleren.Als uw motorfiets oververhit raakt, zie dan
voor aanwijzingen blz. 6-41.
2
1
1.Merkteken voor maximum-niveau
2.Merkteken voor minimum-niveau
DAU03101
Koelvloeistof verversen1.Zet de motorfiets op een vlakke
ondergrond.
2.Verwijder de stroomlijnkap C en het
paneel D. (Zie blz. 6-8 ~ 6-9 voor het
verwijderen en installeren van de
stroomlijnkap.)
3.Verwijder de borgbout van de radia-
teurdop en dan de radiateurdop.
12
1.Stopbout
2.Radiateurdop
Inhoud van de expansietank:
0,35 L
3MB-9-D7-6 12/27/00 2:39 PM Page 13
Page 51 of 90
6-14
PERIODIEK ONDERHOUD EN EENVOUDIGE REPARATIES
1
2
3
4
56
7
8
9
8.Maak de koelvloeistofslang weer
vast.
9.Giet de aanbevolen koelvloeistof in
de radiateur, totdat deze vol is.
Aanbevolen koelvloeistof:
Hoogkwalitatieve
ethyleen-glycol antivries met anti-
corrosie middel voor
aluminium motoren.
Mengverhouding koelvloeistof/water:
1:1
Totale hoeveelheid:
1,05 L
Inhoud expansietank:
0,35 L
4.Verwijder de radiateurdop-stopbout
en dan de radiateurdop.
5.Plaats een opvangbak onder de
motor en verwijder de koelvloeistof-
aftapplug.
6.Laat alle koelvloeistof weglopen en
spoel het koelsysteem grondig door
met kraanwater.
7.Vervang de sluitring van de koel-
vloeistof-aftapbout als deze bescha-
digd is en draai de aftapbout vast
met het voorgeschreven aantrekkop-
pel.
1
13
2
1.Aftapbout1.Slang van de expansietank
2.Merkteken voor maximum-niveau
3.Merkteken voor minimum-niveau
Aantrekkoppel:
Koelvloeistof-aftapbout:
10 Nm (1,0 m0kg)
3MB-9-D7-6 12/27/00 2:39 PM Page 14
Page 52 of 90

6-15
PERIODIEK ONDERHOUD EN EENVOUDIGE REPARATIES
1
2
3
4
56
7
8
9
DC000080
<>Te hard water (te veel kalk) of zout
water zal de motor beschadigen. Als u
geen zacht water kunt vinden, kunt u
gedestilleerd water gebruiken.10.Breng de radiateurdop weer aan en
draai deze vast.
11.Laat de motor enkele minuten draai-
en. Stop de motor en controleer het
koelvloeistofpeil in de radiateur. Als
het peil aan de lage kant is, vul dan
koelvloeistof bij tot aan de vulhals
van de radiateur.
12.Verwijder de radiateurdop-stopbout.
13.Vul de expansietank met koelvloei-
stof tot de tank geheel vol is.
14.Doe de dop weer op de expansiet-
ank en controleer het koelsysteem
op lekkage.OPMERKING:Als u sporen van lekkage vindt, vraag dan
een Yamaha dealer om het koelsysteem
te inspecteren.15.Breng de stroomlijnkap, het paneel
en het zadel weer aan.
1
DAU03107
LuchtfilterHet luchtfilter dient regelmatig schoonge-
maakt te worden, op de voorgeschreven
tijdstippen. Als u veel op stoffige wegen
of in regenachtige gebieden rijdt, dient u
het luchtfilter vaker schoon te maken.
1.Verwijder het paneel D. (Zie blz. 6-9
voor het verwijderen en installeren
van het paneel.)
2.Verwijder de schroeven van de
luchtfilter-behuizing en dan de lucht-
filter-behuizing zelf.1.Schroef (´3)
3.Verwijder het luchtfilter uit de behui-
zing.
3MB-9-D7-6 12/27/00 2:39 PM Page 15
Page 53 of 90

6-16
PERIODIEK ONDERHOUD EN EENVOUDIGE REPARATIES
1
2
3
4
56
7
8
9
6.Plaats het luchtfilter met de geleider
weer in de behuizing.
7.Installeer het luchtfilterdeksel en het
paneel met de schroeven.
DC000082
<>8 8
Zorg dat het luchtfilter naar beho-
ren in de luchtfilter-behuizing zit.
8 8
Laat de motor nooit lopen zonder
dat het luchtfilter ge•nstalleerd is.
Dit kan leiden tot bijzonder snelle
slijtage van cilinders en/of zui-
gers.
DAU00629
Afstelling van de carburateurDe carburateur is een bijzonder belangrijk
onderdeel van de motor. De afstelling
ervan dient bijzonder nauwkeurig te
geschieden. Het verdient aanbeveling om
deze afstelling over te laten aan uw
Yamaha dealer die de nodige kennis van
zaken heeft en over ruime ervaring
beschikt. Het hieronder beschreven routi-
ne-onderhoudswerk kunt u echter zelf uit-
voeren.
DC000094
<>De carburateur is na vele tests in de
Yamaha fabrieken afgesteld.
Veranderen van de afstellingen kan lei-
den tot slecht lopen van de motor en
zelfs tot beschadiging hiervan.
4.Trek het luchtfilterelement uit de
geleider en reinig dit met een oplos-
middel. Na het reinigen, drukt u het
element stevig aan, om het oplos-
middel er uit te persen.
5.Breng de voorgeschreven olie aan
op het oppervlak van het luchtfilter
element en pers de overtollige olie
eruit. Het element moet nog wel nat
zijn, maar er mag geen olie uit drui-
pen.
1
2
1.Geleider
2.Luchtfilter element
Aanbevolen olie:
Motorolie
3MB-9-D7-6 12/27/00 2:39 PM Page 16
Page 54 of 90

6-17
PERIODIEK ONDERHOUD EN EENVOUDIGE REPARATIES
1
2
3
4
56
7
8
9
b
a
1
DAU00632
Afstelling stationair toerental1.Start de motor en laat deze enkele
minuten lang warmdraaien met een
toerental van 1.000 ˆ 2.000 tpm.
Laat de motor af en toe met een wat
hoger toerental lopen 4.000 ˆ 5.000
tpm. De motor is warm als deze snel
op de beweging van de gasgreep
reageert.
2.Stel het stationair toerental nu op het
voorgeschreven toerental af, door de
gasstopschroef te verdraaien. Draai
de schroef in de richting aom het
toerental te verhogen en draai de
schroef naar bom het toerental te
verlagen.1.Gasstopschroef
OPMERKING:Als u het toerental niet op de voorge-
schreven waarde krijgt, raadpleeg dan
een Yamaha dealer.
Standaard stationair toerental:
1,250 ~ 1,450 r/min
a
DAU00634
Afstelling van de gaskabelOPMERKING:Alvorens de speling van de gaskabel af te
stellen, dient u het stationair-toerental af
te stellen.De gaskabel-speling kunt u afstellen door
de afstelmoer te verdraaien totdat de juis-
te speling van de gashendel is verkregen.a.Speling
Speling:
3 ~ 5 mm
3MB-9-D7-6 12/27/00 2:39 PM Page 17
Page 55 of 90

6-18
PERIODIEK ONDERHOUD EN EENVOUDIGE REPARATIES
1
2
3
4
56
7
8
9
DAU00652
BandenLet, voor goede rijprestaties, een lange
levens duur en veilig rijden, op de volgen-
de punten:
Bandenspanning
Kontroleer de bandenspanning altijd,
voordat u met de motorfiets
wegrijdt.
DW000082
X@De bandenspanning dient gemeten te
worden als de temperatuur van de
banden gelijk is aan de omgevings-
temperatuur. De bandenspanning is
afhankelijk van het totale gewicht van
de bagage, de bestuurder, de mede-
passagier, overige accessoires
(stroomlijnkappen, zadeltassen, enz. -
monteer nooit accessoires
die niet zijn goedgekeurd voor deze
motorfiets) en de snelheid van de
motorfiets.
*Belasting is het totale gewicht van bagage, bestuur-
der, mede-passagier en accessoires.Maximale belasting*
180 kg
178 kg (Alleen CH, A)
Bandenspanning bij
VoorAchter
koude banden
125 kPa150 kPa
Belasting tot 90 kg(1,25 kg/cm
2, (1,50 kg/cm
2.
1,25 bar)1,50 bar)
90 kg ~150 kPa175 kPa
Maximale belasting*(1,50 kg/cm
2, (1,75 kg/cm
2,
1,50 bar) 1,75 bar)
125 kPa150 kPa
Bij rijden op terrein(1,25 kg/cm
2, (1,50 kg/cm
2,
1,25 bar)1,50 bar)
1.Draai de borgmoer los.
2.Draai de afstelmoer in de richting a
voor meer speling, of in de richting
bom de speling te verminderen.
3.Draai de borgmoer weer aan.
2
1
b
a
1.Vergrendelmoter
2.Afstellmoer
3MB-9-D7-6 12/27/00 2:39 PM Page 18
Page 56 of 90

6-19
PERIODIEK ONDERHOUD EN EENVOUDIGE REPARATIES
1
2
3
4
56
7
8
9
DW000083
X@Een juiste verdeling van het gewicht is
van groot belang voor een goede weg-
ligging, juist reageren op het remmen,
balans en veiligheid in het algemeen.
Zorg ervoor dat bagage die u vervoert,
goed vast zit zodat deze niet kan gaan
schuiven. Plaats de zwaarste voorwer-
pen in het midden van de motorfiets
en verdeel het gewicht gelijkmatig
over rechter- en linkerzijde. Stel de
voorbelasting van de schokbrekers in
aan de hand van het totale gewicht en
breng de bandenspanning ook op de
juiste waarde. OVERLAAD UW
MOTORFIETS NOOIT. Overschrijdt
nooit het totaal toegestane gewicht
van bagage, bestuurder, medepassa-
gier, overige accessoires (stroomlijn-
kappen, zadeltassen, enz. - monteer
nooit accessoires die niet zijn goedge-
keurd voor deze motorfiets). Een te
zwaar beladen motorfiets kan leiden
tot beschadiging van de banden, een
ongeluk en ernstige verwondingen.
Inspekteren van de banden
Kontroleer de banden altijd, voordat u
met de motorfiets wegrijdt. Als het mid-
denprofiel de minimale waarde bereikt
(zie de afbeelding), als er zich een spijker
of stukjes glas in de band bevinden, of als
de flank van de band gescheurd is, vraag
uw Yamaha dealer dan om de band te
vervangen.
DW000078
X@Na uitgebreide tests heeft Yamaha
Motor Co., Ltd. de hieronder genoem-
de banden goedgekeurd voor gebruik
met dit model motorfiets. Yamaha
Motor Co., Ltd. kan geen enkele garan-
tie verlenen over het rijgedrag van de
motorfiets als er andere of andere
kombinaties van banden worden
gebruikt dan de hieronder vermelde.
De voor- en de achterband dienen van
hetzelfde merk en hetzelfde type te
zijn.
1
2
1.Profieldiepte
2.Zijwand
BandenmerkrBandenmaatType
BRIDGESTONE2,75-21 45PTW25VOORBandenmerkrBandenmaatType
BRIDGESTONE4,10-18 59PTW44ACHTER
Minimale
profieldiepte (voor en1,6 mm
achter)
3MB-9-D7-6 12/27/00 2:39 PM Page 19