
Aanwijzingen
Gebruikersinformatie Stic k
er
s en plaatjes In de motorruimte bevinden zich enkele on-
derdel
en met
veiligheidscertificaten, stickers
en plaatjes die in de fabriek zijn aange-
bracht, en die belangrijke informatie over de
werking van de wagen bevatten. Deze certifi-
caten, stickers en plaatjes zijn bijvoorbeeld
te vinden op de tankklep, de zonneklep aan
bijrijderszijde, op de stijl van het bestuurder-
sportier of op de vloer van de bagageruimte.
● Verwijder deze veiligheidscertificaten, stic-
ker s
en plaatjes onder geen beding, en zorg
ervoor dat ze in een goede staat verkeren en
leesbaar zijn.
● Als een wagenonderdeel waarbij een veilig-
heidsc
ertificaat, sticker of plaatje hoort, ver-
vangen wordt, dan moet deze veiligheidsin-
formatie in de gespecialiseerde werkplaats
opnieuw op dezelfde plaats worden aange-
bracht.
Veiligheidscertificaat
Een veiligheidscertificaat op de stijl van het
portier geeft aan dat op het moment van fa-
bricage aan alle door de nationale verkeers-
autoriteiten voorgeschreven veiligheidsstan-
daarden en -specificaties met betrekking tot
verkeersveiligheid voldaan is. Daarnaast wordt de maand en het jaar van fabricage, en
het ch
assisnummer vermeld.
Sticker met hoogspanningswaarschuwing*
In de buurt van de sluiting van de motorkap
bevindt zich een sticker met informatie over
de hoge spanning waaronder de elektrische
wagenonderdelen staan. Het ontstekingssys-
teem van de wagen voldoet onder andere
aan de Canadese norm ICES-002.
Wagen gebruiken in andere landen en
continenten Wagens worden in de fabriek voor een be-
p
aal
d l
and geproduceerd en voldoen aan de
nationale goedkeuringsvoorschriften die gel-
den op de bouwdatum.
Als de wagen in een ander land verkocht of
gedurende een lange tijd gebruikt wordt,
moet er rekening worden gehouden met de
wettelijke voorschriften die in dat land gel-
den.
Het is mogelijk dat u bepaalde uitrustingen
moet in- of uitbouwen en bepaalde functies
moet uitschakelen. Ook de servicewerkzaam-
heden kunnen anders zijn. Dit geldt met na-
me als u met uw wagen gedurende lange tijd
in een gebied met een ander klimaat rijdt.
Aangezien er in de wereld verschillende fre-
quentiebanden zijn, is het mogelijk dat de af fabriek meegeleverde radio of het meegele-
verde n
avigatiesysteem in een ander land
niet werkt. VOORZICHTIG
● SEA T k
an niet aansprakelijk gesteld worden
voor schade aan de wagen door een brand-
stof van lage kwaliteit, een gebrekkige servi-
ce of de niet-beschikbaarheid van originele
onderdelen.
● SEAT kan niet aansprakelijk gesteld worden
als
de wagen gedeeltelijk of geheel niet vol-
doet aan de wettelijke eisen van andere lan-
den of continenten. Ontvangst van radio en antenne
Voor radio's en navigatiesystemen die in de
f
abriek
in
gebouwd zijn, geldt dat de antenne
van de antenne op verschillende plaatsen in
de wagen kan zijn ingebouwd:
● Aan de binnenzijde van de achterruit, naast
de achterruit
verwarming,
● aan de binnenzijde van de zijruiten achter-
in,
● aan de binnenzijde van de voorruit,
● op het dak van de wagen.
De aan de binnen
zijde van de ruit geplaatste
antennes zijn herkenbaar aan de dunne dra-
den.
278

Controleren en bijvullen
VOORZICHTIG
De antennes aan de binnenzijde van de ruiten
ku nnen be
schadigd raken als voorwerpen die
in de wagen vervoerd worden erlangs schuren
of met reinigingsmiddelen of andere chemi-
sche corroderende of zuur bevattende stoffen
behandeld worden. Plak geen stickers op de
verwarmingsdraden en maak de binnenzijde
van de ruiten nooit met corroderende of zuur
bevattende reinigingsmiddelen, of een ander
soortgelijk chemisch product, schoon. Let op
Als er elektrische apparaten in de buurt van
de in het gl a
s ingebouwde antenne worden
gebruikt, kan de ontvangst op het AM-fre-
quentiebereik van de radio gestoord worden. Informatie over reparaties van SEAT
ATTENTIE
Onjuist uitgevoerde reparaties of wijzigingen
ku nnen s
chade aan en storingen in de werk-
ing van de wagen veroorzaken en van invloed
zijn op de werking van de hulpsystemen voor
de bestuurder en het airbagsysteem. Dit kan
ernstige ongevallen tot gevolg hebben.
● Laat reparaties en wijzigingen aan de wa-
gen uitv
oeren door een gespecialiseerde
werkplaats. Wagens aan einde van levensduur in-
z
amel
en en
verschroten Wagens aan einde van levensduur inzamelen
In v
eel
Europese landen bestaat al een uitge-
breid netwerk van inzamelingscentra voor ge-
bruikte wagens. Na het inleveren van de wa-
gen ontvangt u een vernietigingsbewijs waar-
op staat aangegeven dat de wagen in over-
eenstemming met de regelgeving en milieu-
vriendelijk verschroot zal worden.
U kunt de wagen gratis inleveren, mits u aan
de landelijke wettelijke voorschriften voldoet.
Neem contact op met een technische dienst
voor meer informatie over het inzamelen en
verschroten van wagens aan het einde van
hun levensduur.
Verschroting
Als de wagen of afzonderlijke delen van het
airbagsysteem en de gordelspanners worden
verschroot, moeten altijd de bestaande vei-
ligheidsvoorschriften worden opgevolgd. De-
ze voorschriften zijn bekend bij de gespecia-
liseerde werkplaatsen. Controleren en bijvullen
T ank
en
In
leiding tot thema De tankklep zit rechtsachter op de wagen.
ATTENTIE
Het onvoorzichtig tanken of werken met
brand s
tof kan een brand of ontploffing ver-
oorzaken met ernstige brandwonden en let-
sel tot gevolg.
● Zorg ervoor dat de vuldop steeds correct
ges
loten is om het verdampen en morsen van
brandstof te voorkomen.
● Brandstoffen zijn hoogst ontvlambare en
explo
sieve stoffen die brandwonden en ander
ernstig letsel kunnen veroorzaken.
● Als tijdens het tanken de motor niet is uit-
gezet
of het vulpistool niet volledig in de vu-
lopening van de brandstoftank is gestoken,
kan deze eruit vallen of kan er brandstof ge-
morst worden. En dit kan leiden tot brand, ex-
plosies en ernstig lichamelijk letsel.
● Tijdens het tanken moeten de motor, de in-
terieurv
oorverwarming ( ››› pag. 187) en het
contact om veiligheidsredenen uitgeschakeld
worden. » 279
Technische gegevens
Aanwijzingen
Bedienen
Noodgevallen
Veiligheid

Trefwoordenlijst
Omschakelknop Sc h
ak
elaar alarmlichten . . . . . . . . . . . . . . . . . 139
Onderdelenset . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 260
Onderhoudsmiddelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 267
ont- en vergrendelen elektrisch bedienbaar panoramadak . . . . . . . 133
elektrisch bedienbare schuifdeur . . . . . . . . . . 126
met afstandsbediening . . . . . . . . . . . . . . . . . . 119
met Keyless Access . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 120
portier . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 125
rolgordijn . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 134
schuifdeur . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 126
van binnenuit . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 119
Opbergvak brillenvak . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 173
dakconsole . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 173
dashboardkastje . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 175
Extra opbergmogelijkheden . . . . . . . . . . . . . . 177
instrumentenpaneel . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 173
kaarten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 174
klaptafel . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 176
middenarmsteun voor . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 174
middenconsole voorin . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 174
schuifladen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 176
uitneembaar prullenbakje . . . . . . . . . . . . . . . . 177
verlichting dashboardkastje . . . . . . . . . . . . . . 141
voetenruimte achterin . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 175
Opbergvak in de dakconsole . . . . . . . . . . . . . . . . 173
Opbergvakken . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 172
Openen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 115 elektrische ruitbediening . . . . . . . . . . . . . . . . . . 13
motorkap . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 13
panoramadak . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 14
tankklep . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 281 Openen en sluiten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 10, 115
achterk lep . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 12
elektrisch bedienbaar panoramadak . . . . . . . 133
elektrisch bedienbare schuifdeur . . . . . . . . . . 126
elektrische ruitbediening . . . . . . . . . . . . . . . . . . 13
in de slotcilinder . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 10
met afstandsbediening . . . . . . . . . . . . . . . . . . 119
met Keyless Access . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 120
motorkap . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 13
panoramadak . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 14
portier . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 125
rolgordijn . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 134
schuifdeur . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 126
tankklep . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 281
van binnenuit . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 119
Oprolautomaat van de gordel . . . . . . . . . . . . . . . . 70
Opslag van gegevens tijdens de rit . . . . . . . . . . . 263
Optisch parkeersysteem . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 223
Opvouwbare wiggen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 87
Overzicht waarschuwings- en controlelampjes . . . . . . . . . 34
Overzicht motorruimte . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 290
P Panoramadak . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 14, 133 noodsluiten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 15
rolgordijn . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 134
sluitkrachtbegrenzing . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 134
storing . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 134
Park Assist . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 224
Parkeerhulp . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 221, 222, 224 Met aanhangwagen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 222
optisch parkeersysteem . . . . . . . . . . . . . . . . . . 223
storing . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 222
Parkeerlicht . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 136
Parkeren . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 196, 199
Park Pilot . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 222 Pechoproep . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 114
Pedal
en . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 60, 62
Peil controleren . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 41
Polijsten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 270
Portier . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 125 kinderbeveiliging . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 127
noodsluiten of noodopenen . . . . . . . . . . . . . . . 10
openen en sluiten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 10
Waarschuwingslampje . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 125
Portieren noodvergrendelen . . . . . . . . . . . . . . . . . 11
Portiergreep . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 10
Portierslot . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 10
Profieldiepte van de banden . . . . . . . . . . . . . . . . 308
R
Radio-ontvangst antenne . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 278
storingen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 279
Railsysteem met bevestigingselementen . . . . . . 167 bagagenet . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 168
Ramen Automatische regeling . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 131
automatisch openen/sluiten . . . . . . . . . . . . . . 131
comfortopenen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 132
comfortsluiten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 132
elektrisch . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 13
ijs verwijderen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 269
sluitkrachtbegrenzing . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 132
storing . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 132
RCTA . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 240 zie Uitparkeerhulp . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 236
Rear Traffic Alert . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 240
Rear view camera . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 228
Recycling . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 279
Reflecterend vest . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 85
Regelapparaten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 263 herprogrammeren . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 264
330