
125
Starten van de auto
Vanuit stand P:
F H oud het rempedaal volledig ingetrapt.
F
S
tart de motor.
F
H
oud het rempedaal ingetrapt en druk op de
toets Unlock .
F
B
eweeg de selectiehendel twee keer naar
achteren om de automatische stand D te
selecteren of twee keer naar voren om de
achteruitversnelling R in te schakelen.
Vanuit de neutraalstand N :
F
H
oud het rempedaal volledig ingetrapt.
F
S
tart de motor.
F
H
oud het rempedaal ingetrapt, druk de
selectiehendel naar achteren om de
automatische stand D te selecteren of naar
voren ter wijl u de toets Unlock indrukt om
de achteruit R in te schakelen.
Ver volgens, vanuit stand D of R :
F
L
aat het rempedaal los.
F
G
eef geleidelijk gas om de elektrische
parkeerrem automatisch vrij te zetten.
F
A
ls de parkeerrem is vrijgezet, zet de auto
zich in beweging.
Laat onder winterse omstandigheden
(temperatuur lager dan -23°C) de motor
enkele minuten stationair draaien alvorens
weg te rijden. Dit is belangrijk voor de
goede werking en de levensduur van de
motor en de transmissie. Het aanduwen om de motor te starten
is bij een auto met een automatische
transmissie niet toegestaan.
Parkeren van de auto
Ongeacht de stand van de transmissie wordt bij
het afzetten van het contact automatisch stand
P ingeschakeld, behalve als de transmissie in
stand N staat. In dat geval wordt stand P na
5
seconden ingeschakeld (om de vrijloop te
kunnen activeren).
Controleer of stand P inderdaad is
ingeschakeld en of de elektrische parkeerrem
automatisch is aangetrokken; zo niet, trek de
parkeerrem dan handmatig aan.
De desbetreffende lampjes van de
selectiehendel en de hendel van de
elektrische parkeerrem, en de lampjes
op het instrumentenpaneel moeten
branden.
To e t s S P O R T/ E C O
Driver Sport Pack
Als bij draaiende motor het Driver Spor t Pack
wordt geactiveerd, schakelt de transmissie bij
een hoger toerental op zodat een sportievere
rijstijl mogelijk is.
Het programma wordt automatisch
uitgeschakeld bij het afzetten van het contact.
Eco-stand
Door deze stand te activeren wordt het
brandstofverbruik verlaagd door de werking
van de ver warming en airconditioning, en
(afhankelijk van de uitvoering) de pedalen,
de automatische transmissie en de
schakelindicator te optimaliseren.
Activeren van het programma Driver Spor t Pack wordt
niet aanbevolen in de volgende situaties:
-
h
et ASR-systeem is uitgeschakeld,
-
h
et minimumniveau van de brandstofvoorraad is
bereikt,
-
h
et minimumniveau van de AdBlue-voorraad is bereikt.
Druk op het voorste deel van de toets om
het Driver Spor t Pack te activeren. Het
bijbehorende verklikkerlampje gaat branden.
Als u nogmaals op deze toets drukt, wordt de
functie uitgeschakeld. Het verklikkerlampje
gaat uit.
Raadpleeg de desbetreffende rubriek voor
meer informatie over het Driver Spor t Pack .
Bij aangekoppelde aanhanger heeft het
indrukken van deze toets geen effect.
6
Rijden

188
Slijtage van remschijven/
remtrommels
Raadpleeg het PEUGEOT-netwerk
of een gekwalificeerde werkplaats
voor informatie over het controleren
van de slijtage van de remschijven
en -trommels.
Elektrische parkeerrem
Dit systeem hoeft niet apart
gecontroleerd te worden. Als er
zich toch een probleem voordoet,
laat het systeem dan controleren
door het PEUGEOT-netwerk of een
gekwalificeerde werkplaats.
Raadpleeg de desbetreffende rubriek
voor meer informatie over de elektrische
parkeerrem .
Velgen en banden
De bandenspanning moet
minstens eens per maand en
voorafgaand aan een lange rit bij
alle banden (wanneer ze koud zijn)
gecontroleerd worden. De op de sticker aangegeven
bandenspanningen gelden voor koude
banden. Als u meer langer dan 10
minuten of
meer dan 10 kilometer hebt gereden met een
snelheid van meer dan 50 km/u, moet u de
bandenspanning 0,3 bar (30 kPa) verhogen
ten opzichte van de op de sticker aangegeven
waarden.
Een te lage bandenspanning leidt ook tot
een hoger brandstofverbruik. Een onjuiste
bandenspanning kan veroorzaakt vroegtijdige
slijtage van banden en heeft een negatieve
invloed op het weggedrag van de auto. Kans op
een ongeval!
Het rijden met versleten of beschadigde
banden vermindert de remwerking en heeft
een negatieve invloed op het weggedrag. Het
wordt aanbevolen om de staat van de banden
(profiel en bandwangen) en velgen regelmatig
te controleren en om te controleren dat de
banden over een ventiel beschikken.
Het gebruik van andere dan de gespecificeerde
velg- en bandmaten kan effect hebben op
de levensduur van de banden, het draaien
van de wielen, de bodemvrijheid en de
snelheidsmeteraanduiding, en kan tevens een
negatieve invloed hebben op het rijgedrag van
de auto.
De montage van verschillende banden op
de voor- en op de achteras kan leiden tot
een onjuiste timing van het elektronisch
stabiliteitsprogramma (ESP). Gebruik uitsluitend door PEUGEOT
aanbevolen producten of gelijkwaardige
kwaliteitsproducten.
Om de werking van belangrijke
onderdelen als het remsysteem te
optimaliseren, selecteert en biedt
PEUGEOT specifieke producten aan.
Na het wassen kan er zich een laagje
vocht of onder winterse omstandigheden
ijs vormen op de remschijven en
remblokken: de remwerking kan daardoor
afnemen. Rem een paar keer lichtjes om
de remmen vocht- en ijsvrij te maken.
AdBlue® (BlueHDi-
motoren)
Om het milieu zo min mogelijk te belasten en
om aan de nieuwe Euro 6 -norm te voldoen,
heeft PEUGEOT er voor gekozen zijn auto's
met dieselmotor te voorzien van een systeem
waarbij het roetfilter (FAP) wordt gecombineerd
met een SCR-systeem (Selective Catalytic
Reduction) voor de nabehandeling van
de uitlaatgassen zonder dat de prestaties
veranderen of het brandstofverbruik toeneemt.
SCR-systeem
Met behulp van een vloeistof die AdBlue® wordt
genoemd en ureum bevat, kan een katalysator
tot 85% stikstofoxide (NOx) omzetten in stikstof
en water (deze zijn niet schadelijk voor de
gezondheid en het milieu).
Praktische informatie

189
De AdBlue® bevindt zich in
een specifiek reservoir van
ongeveer 17
liter.
Wanneer u met de resterende hoeveelheid nog
maximaal ongeveer 2400
km kunt rijden tot het
reservoir helemaal leeg is, wordt automatisch
een waarschuwingssysteem geactiveerd.
Als het AdBlue
®-reser voir leeg is, zorgt
een wettelijk verplicht systeem er voor
dat de motor niet opnieuw kan worden
gestart.
Als het SCR-systeem niet goed werkt,
stoot uw auto te veel schadelijke stoffen
uit, waardoor hij niet meer aan de Euro
6-emissienorm voldoet.
Neem bij een storing in het SCR-
systeem zo snel mogelijk contact op
met het PEUGEOT-netwerk of een
gekwalificeerde werkplaats: na 1100
km
wordt een systeem geactiveerd dat het
opnieuw starten van de motor blokkeert.
In beide gevallen geeft een
actieradiusindicator aan hoever u nog kunt
rijden voordat de motor niet meer gestart
kan worden. Raadpleeg de desbetreffende rubriek voor
meer informatie over de lampjes
en de
bijbehorende waarschuwingsmeldingen.
Bevriezing van AdBlue
®
AdBlue® bevriest bij temperaturen lager
dan ongeveer -11°C.
Het SCR-systeem is voorzien van een
voorverwarmingssysteem voor het
AdBlue
®-reser voir waardoor u ook in zeer
koude omstandigheden kunt blijven rijden.
Bijvullen van AdBlue®
Het is raadzaam om zo snel mogelijk
AdBlue® bij te vullen zodra de eerste
waarschuwing wordt gegeven dat het
minimumniveau is bereikt.
Om er voor te zorgen dat het SCR-systeem
correct werkt:
-
G
ebruik uitsluitend AdBlue
® die aan de
norm ISO 22241 voldoet.
-
A
ls de AdBlue
® niet in de originele
jerrycan wordt bewaard, verliest het
zijn zuiverheid.
-
V
erdun de AdBlue
® nooit met water.
AdBlue
® is verkrijgbaar bij het PEUGEOT-
netwerk of een gekwalificeerde werkplaats. U kunt ook naar een tankstation gaan
dat over AdBlue
®-pompen beschikt
voor personenauto's (voor versies met
toegang tot het AdBlue
®-reser voir via de
brandstofvulklep).
Vul nooit AdBlue
® bij vanuit een
vulsysteem dat is bedoeld voor
vrachtwagens.
Voorschriften voor opslag
AdBlue® bevriest bij temperaturen lager dan
ongeveer -11°C en verliest zijn kwaliteit bij
temperaturen vanaf 25°C. Het is raadzaam dit
koel en buiten direct zonlicht te bewaren.
Onder deze omstandigheden is de vloeistof ten
minste één jaar houdbaar.
Als de vloeistof bevroren is geweest, kan
deze weer worden gebruikt nadat deze bij
kamertemperatuur volledig is ontdooid.
Bewaar de flacons AdBlue
® niet in uw
auto.
Gebruiksvoorschriften
AdBlue® is een oplossing op ureumbasis.
Deze vloeistof is onontvlambaar, kleurloos en
geurloos (indien koel bewaard).
7
Praktische informatie

190
Als het additief in contact komt met de huid,
moet u de huid wassen met kraanwater en met
zeep. Als additief in de ogen komt, spoel de
ogen dan onmiddellijk en grondig gedurende
ten minste 15 minuten met kraanwater of met
een oogspoelmiddel. Raadpleeg een arts bij
een branderig gevoel of blijvende irritatie.
Als AdBlue wordt ingeslikt, spoel de mond dan
met schoon water en drink ver volgens een
ruime hoeveelheid water.
Onder bepaalde omstandigheden (bijvoorbeeld
bij een hoge temperatuur) kan het risico van het
vrijkomen van ammoniakdampen niet worden
uitgesloten: adem deze niet in. Ammoniak
werkt irriterend op de slijmvliezen (ogen, neus
en keel).
Bewaar AdBlue
® buiten het bereik van
kinderen, in de originele flacon of jerrycan.
Procedure
Controleer voordat u gaat bijvullen of de auto
op een vlakke en horizontale ondergrond staat.
Controleer 's winters of de
omgevingstemperatuur van de auto hoger
is dan -11°C. Als het kouder is, bevriest de
AdBlue
® waardoor u de vloeistof niet in het
reser voir kunt gieten. Laat uw auto enkele uren
op een warmere plaats staan en vul ver volgens
het reservoir bij. Bij een storing in het AdBlue
® -systeem,
die bevestigd wordt door de melding " Vul
AdBlue bij: starten onmogelijk", moet u
minimaal 5
liter bijvullen.
Giet nooit AdBlue
® in de brandstoftank.
Raadpleeg de uitgebreide beschrijvingen
verderop in dit document voor de
specificaties met betrekking tot de
toegangsconfiguratie voor het AdBlue
®-
reser voir (via de bagageruimte of via de
brandstofvulklep).
Als er AdBlue
® op de zijkant van de auto
of op een andere plaats is gemorst, spoel
het additief dan onmiddellijk weg met koud
water of veeg het weg met een vochtige
doek.
Gekristalliseerde vloeistof moet worden
ver wijderd met een spons en warm water. Belangrijk: als u AdBlue hebt bijgevuld
nadat het reser voir leeg is geraakt
,
dient u ongeveer 5 minuten te wachten
voordat u het contact weer aanzet, zonder
het bestuurderspor tier te openen, de
auto te vergrendelen, de sleutel in het
contactslot te steken of de sleutel van
het Keyless entr y en star t-systeem in
het interieur te brengen .
Zet ver volgens het contact aan en start na
10 seconden wachten de motor.
Praktische informatie

191
Toegang tot het AdBlue®
reservoir via de achterklep
Het AdBlue®-reser voir moet bij elke periodieke
onderhoudscontrole worden gevuld door het
PEUGEOT-netwerk of een gekwalificeerde
werkplaats.
Vanwege de inhoud van het reser voir kan
het echter noodzakelijk zijn om het reser voir
tussentijds bij te vullen zodra dit door een
waarschuwing (verklikkerlampjes en melding)
wordt aangeduid.
Dit kunt u laten uitvoeren door het PEUGEOT-
netwerk of door een gekwalificeerde
werkplaats.
Als u zelf het reser voir wilt bijvullen, lees
dan de volgende procedure aandachtig.
De verpakking in flacons met een
antidruppelsysteem vergemakkelijkt het
bijvullen.
F
Z
et het contact af en haal de sleutel uit het
contactslot. F
W
anneer u via de bagageruimte werkt,
til dan de vloerbekleding op en ver wijder
vervolgens het reservewiel en/of de
opbergbak (afhankelijk van de uitvoering).
F
D
raai de zwarte dop een kwartslag linksom
zonder er druk op uit te oefenen en
verwijder deze.
F
D
raai de blauwe dop linksom.
F
P
ak een flacon AdBlue
® met een
antidruppelsysteem. Controleer de
houdbaarheidsdatum en lees vervolgens
aandachtig de gebruiksaanwijzing op het
etiket voordat u de inhoud van de flacon in
het AdBlue
®-reser voir van uw auto giet.
F
V
oer na het bijvullen dezelfde handelingen
in omgekeerde volgorde uit.
Met subwoofer
- Haal voorzichtig de bedrading los uit de houder zodat u over een zekere lengte aan
bedrading beschikt.
-
M
aak de centrale moer los en ver wijder de
bevestiging (moer en bout).
F
P
laats de subwoofer tegen de zijwand van
de bagageruimte.
7
Praktische informatie

192
Lees de volgende procedure aandachtig om
correct bij te vullen.
F
Z
et het contact af en haal de sleutel uit het
contactslot.
F
Z
org dat de auto is ontgrendeld en open de
brandstofvulklep. Draai de blauwe vuldop
van het AdBlue
®-reservoir linksom.
F
H
oud een flacon of jerrycan met
AdBlue
® bij de hand. Controleer de
houdbaarheidsdatum en lees vervolgens
aandachtig de gebruiksaanwijzing op het
etiket voordat u de inhoud van de flacon/
jerrycan in het AdBlue
®-reser voir van uw
auto giet.
Of
F
S
teek het vulpistool van de AdBlue
®-pomp
in de vulopening van het reser voir en vul bij
tot het vulpistool automatisch afslaat.
Belangrijk:
Om er voor te zorgen dat het AdBlue
®-
reser voir niet overstroomt, wordt
aanbevolen:
F
O
m 10 tot 13
liter bij te vullen met
behulp van AdBlue
®-flacons.
Of
F
O
m bij een tankstation bij te vullen
tot het vulpistool maximaal drie keer
automatisch is afgeslagen.
F
V
oer na het bijvullen dezelfde handelingen
in omgekeerde volgorde uit.
Toegang tot het
AdBlue® reservoir via de
brandstofvulklep
De aanwezigheid van een blauwe dop achter
de brandstofvulklep geeft de toegang tot het
AdBlue
®-reservoir aan.
Draai voordat u de subwoofer weer monteert
de moer enkele omwentelingen los. F
V
er wijder de opbergbak of til hem op.
Praktische informatie

214
Zekeringkast in de
motorruimte
De zekeringkast bevindt zich onder de
motorkap, naast de accu.
Toegang tot de zekeringenOverzicht zekeringen
Zekering
N r.Stroomsterkte (A)Functies
F13 5Intelligente servicecentrale (BSI).
F16 15Mistlampen vóór.
F18 10Grootlicht rechts.
F19 10Grootlicht links.
F25 40Relais koplampsproeiers (montage achteraf).
F27 25Intelligente servicecentrale (BSI).
F28 30Emissieregelsysteem dieselmotor (AdBlue
®).
F29 30Ruitenwissermotor vóór.
F30 80Gloeibougies (diesel), programmeerbare extra verwarming
(montage achteraf), koplampsproeierpomp.
F
M
aak het deksel los.
F
V
ervang de zekering.
F
S
luit na het ver vangen van de zekering
zorgvuldig het deksel voor een goede
afdichting van de zekeringkast.
In geval van pech

235
AAanhanger................................ 89, 109 -110, 174
Aanhangergewichten .................................... 221
Aansluiten MirrorLink
...........................11 -12 , 17
Aansluiting 12 V
...............................
..58, 60, 62
Aansluiting 220 V
............................................ 60
Aansluiting 230 V
............................................ 58
ABS
........
......................................................... 87
Accessoires ....................................... 47, 84, 113
Accu
............................... 181, 18 6, 215, 217-218
Accu laden
............................................. 216 -217
Achterbank
...............................
.................56-58
Achterklep sluiten
..................................... 40, 47
Achterruitverwarming
.........................5 5, 70 -71
Achteruitrijcamera
......................................... 15 8
Achteruitrijlicht
...................................... 209 -210
Actief dodehoekbewakingssysteem
............. 15
6
Actieradius AdBlue
................................... 25 -26
Actieradius AdBlue
® ........................................ 25
A
ctive Safety Brake......................... 16, 14 6, 148
Adaptieve cruise control met stopfunctie
.................... 132-13 3, 13 8 -141, 14 4
Adaptieve snelheidsregelaar
........................ 13
9
AdBlue
® ..................................... 1 6, 25, 188 -189
Afmetingen ............................................. 231-232
Afstandsbediening
.................................... 39
-44
Afstellen van de koplamphoogte
....................80
AFU
................................................................. 87
Afzetten van de motor
............................ 11 0 -111
Afzonderlijk massapunt
................................ 183
Airbags
...............................
..........18, 92, 94, 99
Airbags vóór
........................................ 93 -94, 99
Airconditioning
...................................... 6, 65 - 66
Airconditioning (handbediend)
......66-67, 69-70
Airconditioning met gescheiden regeling
.......70
Alarmknipperlichten
............................ 6
2, 84- 85
Alarmsysteem
........................................... 4
8-49
Algemeen menu
................................................ 4
Allesdragers
...............................
...................182
Antidiefstalsysteem/Startblokkering
............... 44
A
ntispinregeling (ASR) ~ Antislipregeling
...... 18
Apple CarPlay-verbinding .........................12, 16
Apple®-speler ........................................ 9, 10, 24
Armsteun ......................................................... 58
Armsteun achter .............................................. 61
Armsteun vóór
........................................... 59
-60
ASR
........
......................................................... 87
Audio-aansluitingen
........................................ 60
Audiokabel
.................................................. 9, 23
Automatische airconditioning ~ Airconditioning, automatische
................67- 6 9
Automatische ruitenwissers
......................81, 8 3
Automatische transmissie ~ Versnellingsbak,
automatische
..................... 6, 22, 118 -129, 187
Automatisch inschakelen alarmknipperlichten
...................................... 85
Automatisch inschakelen verlichting
..74, 76, 78
Automatisch noodremsysteem
.......16, 14 6, 148
AUX-aansluiting
...................................... 8, 9, 23
BBagageafdekking ...................................... 61- 63
Bagagenet voor hoge belading .......................64
Bagageruimte
............................................ 40, 47
Banden
................
...................................... 6, 188
Banden oppompen
...................................... 188
Bandenreparatieset
.......................193, 197-20 0
Bandenspanning
...................188, 197, 205, 233
Bandenspanningscontrole (met set)
...............................
...............19 4, 19 6 -20 0
Batterij afstandsbediening vervangen ~ Afstandsbediening,
batterij vervangen
................................... 45-46
Batterij afstandsbediening ~ Afstandsbediening, batterij
....................44-46
Bediening autoradio aan
stuurkolom ~ Autoradio,
bedieningen aan stuurkolom
.............. 2
-3, 3, 3
Bedrijfsauto
................................................... 23
3
Bekerhouder
..............................
.....................58
Beladen
..................................................... 6, 182
Benzinemotor
........................ 172, 183, 222-226
Beveiliging tegen beknellen ~ Klembeveiliging
...................................... 5 0, 71
Bijvullen AdBlue
® ................................... 19 0 -191
Binnenspiegel
................................................. 56
BlueHDi
.......................................... 25, 188, 220
Bluetooth (handsfree set)
.....9 -10, 13 -14, 25 -2 6
Bluetooth (telefoon)
........................ 13 -15, 25 -27
Bluetooth-telefoon met spraakherkenning
.....13
Bluetooth-verbinding
.......... 10, 13 -15, 19, 25 -27
Boordcomputer
......................................... 28-30
Boordgereedschap
................................ 193 -19 4
Bovenste riem
............................................... 102
Brandstof
................................................... 6 , 172
Brandstofadditief
........................ 1
4 -15, 18 6 -187
Brandstofniveaumeter
............................ 170 -171
Brandstoftank
......................................... 170 -171
Brandstof tanken
.................................... 170 -172
Brandstoftank leeg (diesel)
........................... 220
Brandstofverbruik
............................................. 6
Brandstofvuldop ~ Brandstoftankdop
.... 17
0 -171
Brandstofvulklep ~ Brandstoftankklep ...17 0 -171Buitenlandse reizen ........................................ 75
Buitenspiegels ................................. 5 5, 15 4 -15 5
CCD ......................................................... 9, 23 -24
CD MP3 ................................................. 9, 23 -24
CD-/MP3-speler
...............................
...............23
Centrale vergrendeling
.......................40, 42- 43
Claxon
............................................................. 86
.
Trefwoordenregister