
4159
Kenmerken van uw auto
Koplampsproeier (indien van toepassing)
Als uw auto is voorzien van een
koplampsproeier, zal deze gelijktijdig met
de ruitensproeier van de voorruit in
werking treden. De sproeier werkt als het
dimlicht is ingeschakeld en het
contact/de startknop in de stand ONstaat.
De sproeiervloeistof wordt op de
koplampen gesproeid.
✽✽ AANWIJZING
Controleer regelmatig of de ruitensproeiervloeistof nog correct op
de koplampen wordt gesproeid.
Nadat de koplampsproeiers zijn geactiveerd, duurt het 15 minuten tot
ze opnieuw kunnen worden
geactiveerd.
OPMERKING
Schakel de ruitenwissers niet in
als de ruit droog is om
beschadiging van de wissers ende voorruit te voorkomen.
Gebruik geen benzine, petroleum, thinner of andere oplosmiddelen
in de buurt van de ruitenwisser- bladen om beschadiging tevoorkomen.
Probeer de ruitenwissers nooit met de hand te bewegen om
beschadiging van de ruiten- wisserarmen en van andereonderdelen te voorkomen.
Gebruik om mogelijke schade aan het ruitenwisser- en
ruitensproeiersysteem tevoorkomen in de winter of bij lagebuitentemperaturen specialeruitensproeiervloeistof.
OPMERKING
Gebruik de ruitensproeiers niet wanneer het reservoir leeg is, om
beschadiging van de ruiten-sproeierpomp te voorkomen.
WAARSCHUWING
Gebruik de ruitensproeiers niet bij temperaturen onder het vriespunt
zonder eerst de voorruit met behulp
van de voorruitontwaseming te
hebben verwarmd; de vloeistof kan
anders op de voorruit bevriezen en
uw uitzicht belemmeren.

4219
Kenmerken van uw auto
Omgaan met CD's
Als de temperatuur in de auto te hoogis opgelopen, open dan eerst de ruiten
voordat u het audiosysteem van uw
auto aanzet.
Het is verboden om MP3/WMA- bestanden zonder toestemming te
kopiëren en te gebruiken. Gebruik
uitsluitend legale CD's.
Breng geen vluchtige stoffen zoals alcohol, thinner, reguliereschoonmaakmiddelen en antistatische
spray aan op CD's.
Voorkom dat het oppervlak van de CD beschadigd raakt. Houd de CD daarom
alleen aan de rand of in het midden
vast.
Reinig het oppervlak van de CD vóór het afspelen met een zachte doek.
Beweeg de doek van binnen naar
buiten.
Zorg dat het oppervlak van de CD niet beschadigd raakt en plak er niets op. Steek geen andere voorwerpen dan
CD's in de CD-speler. (Steek niet meer
dan één CD tegelijk in de CD-speler.)
Berg CD's na gebruik altijd op in hun doosje om ze te beschermen tegen
krassen en stof.
Sommige CD's kunnen wellicht niet worden afgespeeld. Dit is afhankelijk
van het CD-R/CD-RW, deproductiemaatschappij en de
fabricage- en opnamemethode. Als
geprobeerd wordt dergelijke CD's af tespelen, kan er schade ontstaan aanuw audiosysteem.✽✽ AANWIJZING - Het afspelen
van niet-compatibele audio-CD's
met kopieerbeveiliging
CD's met kopieerbeveiliging die niet
compatibel zijn met internationale
standaarden voor audio-CD's (Red
Book) kunnen wellicht niet worden
afgespeeld op het audiosysteem van uw
auto. Als een CD met kopieerbeveiliging
niet op de juiste manier wordt
afgespeeld, duidt dat op een defect aan
de CD, niet aan de CD-speler.

4223
Kenmerken van uw auto
✽✽AANWIJZING - GEBRUIK VAN
HET USB-APPARAAT
Als u een extern USB-apparaat wilt gebruiken, moet u ervoor zorgen dat
het apparaat niet is aangesloten
wanneer de motor wordt gestart. Sluit
het apparaat aan nadat de motor is
gestart.
Als u de motor start terwijl het USB- apparaat is aangesloten, kan het
apparaat beschadigd raken. (USB-
flashstations zijn zeer gevoelig voor
statische elektriciteit.)
Als de motor wordt gestart of afgezet
terwijl het externe USB-apparaat is
aangesloten, werkt het externe USB-
apparaat mogelijk niet.
Niet-originele MP3- of WMA-
bestanden kunnen mogelijk niet
worden afgespeeld door het systeem.
1) Er kunnen alleen MP3-bestanden met een compressiesnelheid tussen
8 Kbps en 320 Kbps worden
afgespeeld.
2) Er kunnen alleen WMA- muziekbestanden met een
compressiesnelheid tussen 8 Kbps
en 320 Kbps worden afgespeeld.
Voorkom statische elektriciteit bij het aansluiten of loskoppelen van het
externe USB-apparaat.
(Vervolg)(Vervolg)
Een gecodeerde MP3-speler wordt
niet herkend.
Afhankelijk van de instellingen van
het externe USB-apparaat, wordt het
apparaat mogelijk niet herkend.
Wanneer de geformatteerde byte- /sectorinstelling van het externe USB-
apparaat niet 512 byte of 2048 byte is,
wordt het apparaat niet herkend.
Het USB-apparaat mag uitsluitend geformatteerd zijn volgens FAT
12/16/32.
USB-apparaten zonder USB I/F- verificatie worden mogelijk niet
herkend.
Voorkom dat lichaamsdelen of
voorwerpen in aanraking komen met
de USB-aansluiting.
Als u het USB-apparaat in korte tijd herhaaldelijk aansluit en weer
loskoppelt, kan het apparaat defect
raken.
U hoort mogelijk een vreemd geluid bij het aansluiten of loskoppelen van
het USB-apparaat. (Vervolg)(Vervolg)
Als u het externe USB-apparaat
tijdens het afspelen loskoppelt, kan
het apparaat beschadigd raken of
werkt het mogelijk niet goed meer.
Koppel daarom het externe USB-
apparaat pas los wanneer het
audiosysteem is uitgeschakeld of in
een andere modus (bijvoorbeeld
Radio of CD) staat.
Afhankelijk van het type en de capaciteit van het externe USB-
apparaat of het bestandstype dat op
het apparaat is opgeslagen, kan de
benodigde tijd voor het herkennen
van het apparaat variëren.
Gebruik het USB-apparaat niet voor andere doeleinden dan het afspelen
van muziekbestanden.
Via de USB-aansluiting kunnen geen video's worden afgespeeld.
Het gebruik van USB-accessoires, zoals laders of verwarming die
gebruikmaken van USB I/F, kan de
prestaties negatief beïnvloeden of
storingen veroorzaken. (Vervolg)

4225
Kenmerken van uw auto
✽✽AANWIJZING - de iPod®
gebruiken
Sommige iPod ®
-modellen
ondersteunen mogelijk het
communicatieprotocol niet en
bestanden worden mogelijk niet goed
afgespeeld.
Ondersteunde iPod ®
-modellen:
- iPod ®
Mini
- iPod ®
4e
(Photo) t/m 6 e
(Classic)
generatie
- iPod ®
Nano 1 e
t/m 4 e
generatie
- iPod ®
Touch 1 e
en 2 e
generatie
De volgorde bij het zoeken of afspelen
van muziekstukken op de iPod ®
kan
verschillen van de volgorde op het
audiosysteem.
Als de iPod ®
vanwege een interne
storing wordt uitgeschakeld, moet de
iPod ®
worden gereset. (Raadpleeg
voor het resetten de handleiding van
de iPod ®
)
Bij een bijna lege batterij werkt de iPod ®
mogelijk niet goed.
(Vervolg)(Vervolg)
Sommige iPod
®
-apparaten, zoals de
iPhone, kunnen via de Bluetooth®
Wireless Technology worden
verbonden. Het apparaat moet een
Bluetooth ®
Wireless Technology-
audiofunctie hebben (zoals voor een
Bluetooth ®
Wireless Technology-
stereokoptelefoon). De audio op het
apparaat kan worden afgespeeld,
maar het kan niet via het
audiosysteem worden bediend.
Als u functies van de iPod ®
op het
audiosysteem wilt gebruiken, moet u
de bij uw iPod ®
geleverde kabel te
gebruiken.
Afhankelijk van de eigenschappen
van uw iPod ®
/iPhone, kan er audio
worden overgeslagen of onjuist
worden afgespeeld.
Wanneer uw iPhone zowel via de Bluetooth ®
Wireless Technology als
via USB is verbonden, is het mogelijk
dat de muziek niet goed wordt
afgespeeld. Selecteer op uw iPhone de
Dock-stekker of de Bluetooth®
Wireless Technology om de audio-
uitgang (bron) te wijzigen. (Vervolg)(Vervolg)
Steek de stekker van de voedingskabel
van de iPod ®
bij het aansluiten van de
iPod ®
volledig in de multimedia-
aansluiting. Als de stekker niet goed is
aangesloten, wordt de communicatie
tussen de iPod ®
en het audiosysteem
mogelijk onderbroken.
Wanneer u de geluidsinstellingen van de iPod ®
en het audiosysteem
aanpast, zullen de effecten van beide
apparaten elkaar overlappen en kan
de geluidskwaliteit afnemen of het
geluid vervormen.
Schakel de equalizerfunctie van de
iPod ®
uit wanneer u de geluidssterkte
van het audiosysteem aanpast en zet
de equalizer van het audiosysteem uit
wanneer u die van de iPod ®
gebruikt.
Haal de kabel van de iPod ®
los van de
iPod ®
wanneer u de iPod ®
niet met
het audiosysteem van de auto
gebruikt. Als u dit niet doet, blijft de
iPod ®
mogelijk in de accessoiremodus
en werkt de iPod ®
mogelijk niet goed.
Behalve de 1M-kabel van uw iPod ®
/
iPhone worden geen andere kabels
herkend.

Kenmerken van uw auto
226
4
✽✽
AANWIJZING - GEBRUIK VAN
DE MOBIELE TELEFOON MET
Bluetooth® Wireless
Technology
Gebruik uw mobiele telefoon niet tijdens het rijden en pas de Bluetooth®
Wireless Technology-instellingen niet
aan tijdens het rijden (bijvoorbeeld
koppelen van een telefoon).
Sommige Bluetooth®
Wireless
Technology-telefoons worden
mogelijk niet herkend door het
systeem of zijn niet volledig
compatibel met het systeem.
Raadpleeg alvorens de Bluetooth®
Wireless Technology-functies van het
audiosysteem te gebruiken de
handleiding van uw telefoon voor het
gebruik van Bluetooth®
Wireless
Technology op uw telefoon.
De telefoon moet aan het audiosysteem zijn gekoppeld voordat
de Bluetooth ®
Wireless Technology-
functies kunnen worden gebruikt.
De handsfree-functies zijn niet beschikbaar als uw telefoon (in de
auto) buiten het bereik van een
telefoonnetwerk is (bijvoorbeeld in
tunnels of in bergachtig gebied). (Vervolg)(Vervolg)
Als het telefoonsignaal zwak is of als
het te rumoerig is in het interieur van
de auto, is de gesprekspartner
mogelijk moeilijk te verstaan.
Leg de telefoon niet in de buurt van of
in metalen voorwerpen, omdat die de
communicatie met het Bluetooth®
Wireless Technology-systeem of de
mobiele telefoon kunnen verstoren.
Als uw telefoon via Bluetooth®
Wireless Technology verbonden is,
kan de batterij sneller leeg zijn dan
gewoonlijk vanwege het uitvoeren van
extra Bluetooth ®
Wireless Technology-
functies.
Sommige mobiele telefoons of andere
apparaten kunnen storingen
veroorzaken in het audiosysteem.
Door in dat geval de apparaten op een
andere plaats op te bergen, kan de
storing verholpen worden.
Sla namen van contacten op in het
Engels, omdat deze anders mogelijk
niet juist worden weergegeven. (Vervolg)(Vervolg)
Als Priority (prioriteit) wordt
ingesteld wanneer het contact AAN
(IGN/ACC ON) wordt gezet, maakt
de Bluetooth ®
Wireless Technology-
telefoon automatisch verbinding.
Zelfs wanneer u buiten bent, maakt de
telefoon met Bluetooth®
Wireless
Technology automatisch verbinding
wanneer u in de buurt van de auto
komt.
Als u niet wilt dat de telefoon
automatisch verbinding maakt met
Bluetooth ®
Wireless Technology, kunt
u Bluetooth ®
Wireless Technology
uitschakelen.
Het volume en de geluidskwaliteit van
de handsfree-gesprekken kunnen per
mobiele telefoon verschillen.
De functies van Bluetooth®
Wireless
Technology kunnen alleen worden
gebruikt wanneer de mobiele telefoon
is gekoppeld aan en verbonden met
het systeem. Ga voor meer informatie
over het koppelen en verbinden van
mobiele telefoons met Bluetooth®
Wireless Technology naar het
hoofdstuk Telefoon instellen. (Vervolg)

4227
Kenmerken van uw auto
(Vervolg)
Wanneer er verbinding wordtgemaakt met een mobiele telefoon met
Bluetooth ®
Wireless Technology,
verschijnt er een icoon ( ) aan de
bovenzijde van het scherm. Wanneer
het icoon ( ) niet wordt
weergegeven, betekent dit dat er geen
verbinding is met het apparaat met
Bluetooth ®
Wireless Technology. U
moet verbinding maken met het
apparaat om het te kunnen gebruiken.
Ga voor meer informatie over mobiele
telefoons met Bluetooth®
Wireless
Technology naar het hoofdstuk
Telefoon instellen.
Het koppelen van en verbinding maken met een mobiele telefoon met
Bluetooth ®
Wireless Technology is
alleen mogelijk wanneer de optie
Bluetooth ®
Wireless Technology op uw
mobiele telefoon is ingeschakeld. (De
procedure voor het inschakelen van
Bluetooth ®
Wireless Technology kan
verschillen, afhankelijk van de
mobiele telefoon.) (Vervolg)(Vervolg)
Op sommige mobiele telefoons kan
het inschakelen van het contact
tijdens een handsfree-telefoongesprek
via Bluetooth ®
Wireless Technology
ervoor zorgen dat het gesprek wordt
beëindigd. (Schakel het gesprek terug
naar uw mobiele telefoon wanneer u
het contact inschakelt.)
Op sommige mobiele telefoons en
apparaten met Bluetooth®
Wireless
Technology worden bepaalde functies
mogelijk niet ondersteund.
De werking van Bluetooth®
Wireless
Technology is mogelijk onstabiel,
afhankelijk van de
communicatiestatus.
Wanneer het audiosysteem in een
elektromagnetische omgeving wordt
geplaatst, ontstaat mogelijk ruis.
![Hyundai Santa Fe 2016 Handleiding (in Dutch) 4233
Kenmerken van uw auto
SETUP
- Type A-1, Type A-2
Scherminstellingen
Druk op de toets Selecteer
[Display] (weergave) met de knop
TUNE of de toets Selecteer het
menu met de knop TUNE.Pop-u Hyundai Santa Fe 2016 Handleiding (in Dutch) 4233
Kenmerken van uw auto
SETUP
- Type A-1, Type A-2
Scherminstellingen
Druk op de toets Selecteer
[Display] (weergave) met de knop
TUNE of de toets Selecteer het
menu met de knop TUNE.Pop-u](/manual-img/35/16343/w960_16343-333.png)
4233
Kenmerken van uw auto
SETUP
- Type A-1, Type A-2
Scherminstellingen
Druk op de toets Selecteer
[Display] (weergave) met de knop
TUNE of de toets Selecteer het
menu met de knop TUNE.Pop-upmodus
[Mode Pop up] verandert . Selectiemodus
Druk in de ingeschakelde stand optoets of om de modus
voor het wijzigen van het pop-
upscherm weer te geven.
Door tekst scrollen
[Scroll text] (door tekst scrollen) instellen /
: Er wordt steeds opnieuw door
de tekst gescrold.
: Er wordt slechts één keer door de tekst gescrold.
Informatie over muziekstuk
Wanneer er een MP3-bestand wordt
afgespeeld, selecteer dan de gewenste
weergave-informatie: 'Folder/File'
(map/bestand) of 'Album/Artist/Song'
(album/artiest/muziekstuk). Geluidsinstellingen
Druk op de toets Selecteer
[Sound] (geluid) met de knop TUNE of
de toets Selecteer het menu met
de knop TUNE.
2
RDM
SETUP
CLOCK
Off
OnOffOn
MEDIARADIO
On
1 RPT
SETUP
CLOCK
![Hyundai Santa Fe 2016 Handleiding (in Dutch) 4235
Kenmerken van uw auto
Snelheidsafhankelijkevolumeregeling
Deze functie dient voor het automatisch
aanpassen van het volume aan de
snelheid van de auto.
Selecteer [Speed Dependent Vol.]
(snelhe Hyundai Santa Fe 2016 Handleiding (in Dutch) 4235
Kenmerken van uw auto
Snelheidsafhankelijkevolumeregeling
Deze functie dient voor het automatisch
aanpassen van het volume aan de
snelheid van de auto.
Selecteer [Speed Dependent Vol.]
(snelhe](/manual-img/35/16343/w960_16343-335.png)
4235
Kenmerken van uw auto
Snelheidsafhankelijkevolumeregeling
Deze functie dient voor het automatisch
aanpassen van het volume aan de
snelheid van de auto.
Selecteer [Speed Dependent Vol.]
(snelheidsafhankelijke volumeregeling)
Selecteer [Off/On] (uit/aan) van de knop TUNE
Gespreksvolume
(indien van toepassing)
Stelt het volume van de stemherkenning in.
Selecteer [Volume Dialogue]
(gespreksvolume) Stel het volume in
met de knop TUNE