
Wat te doen in een noodgeval
4
6
ALS DE MOTOR NIET GESTART KAN WORDEN
F030100AUN Als de motor niet of langzaam
ronddraait
1. Controleer als uw auto is uitgerust met
een automatische transmissie of de selectiehendel in stand N of P staat en
of de parkeerrem geactiveerd is.
2. Controleer of de accuklemmen schoon zijn en goed vastzitten.
3. Schakel de interieurverlichting in. Als de interieurverlichting zwakker gaat
branden of uitgaat als u de startmotor
bedient, is de accu te ver ontladen.
4. Controleer of de aansluitingen van de startmotor goed vastzitten.
5. Probeer de auto niet aan te slepen of aan te duwen. Zie de aanwijzingen bij
“Starten met hulpaccu”. F030200AFD
Als de motor wel ronddraait maar niet aanslaat
1. Controleer het brandstofniveau.
2. Zet het contact in stand LOCK/OFF en
controleer alle stekkerverbindingen
van de ontsteking, de bobine en de
bougies. Sluit een eventuele losse
stekker weer aan.
3. Controleer de brandstofleiding in de motorruimte.
4. Neem contact op met een officiële HYUNDAI Erkend Reparateur of eenhulpdienst als de motor nog steeds
niet gestart kan worden.
WAARSCHUWING
Probeer de auto niet aan te slepen
of aan te duwen. Hierdoor kan een
aanrijding of andere schade
ontstaan. Verder kan de katalysator
door overbelasting beschadigd
raken en brand veroorzaken als de
auto wordt aangesleept of
aangeduwd.

757
Onderhoud
G210100AFD
Vervangen zekering zijpaneel
1. Zet het contact in stand LOCK en alleandere schakelaars uit.
2. Open het deksel van de zekeringkast. 3. Verwijder de verdachte zekering.
Gebruik het demontagegereedschap
dat zich in de zekeringkast in de
motorruimte bevindt.
4. Controleer de verwijderde zekering; vervangen indien deze is doorgebrand.
5. Plaats een nieuwe zekering met dezelfde stroomsterkte en controleer of
de zekering goed vastzit.
Neem contact op met een officiële
HYUNDAI Erkend Reparateur als de
zekering niet goed vastzit.
Als u geen reservezekering hebt, kunt u de zekering van een ander circuitgebruiken dat niet nodig is om te kunnen
rijden, bijvoorbeeld van de aansteker,mits de zekering dezelfde stroomsterkteheeft.
Controleer de zekeringkast in de
motorruimte wanneer de koplampen of
andere elektrische componenten niet
werken. Vervang een doorgebrande
zekering.
OCM054002OCM070021

761
Onderhoud
Zekeringkast zijpaneel bestuurderszijdeOmschrijving Stroomsterkte
zekering Beveiligd onderdeel
START 10A Relais alarmsysteem
P/WDW LH 25A Hoofdschakelaar ruitbediening, schakelaar ruitbediening achter (links)
P/WDW RH 25A Hoofdschakelaar ruitbediening, schakelaar ruitbediening rechts voor, schakelaar ruitbediening rechts achter
S/ROOF 20A S/ROOF Motor van het schuif-/kanteldak
P/SEAT 30A Schakelaar handmatige verstelling bestuurders-/passagiersstoel, schakelaar lendensteun bestuurdersstoel
SAFETY PWR 25A Module elektrisch bedienbare ruit met klembeveiliging MIRR HTD 10A Schakelaar achterruitverwarming, elektrisch verstelbare buitenspiegel links/rechts
A/BAG #1 15A Airbagmodule
ROOM LP 10A Instrumentenpaneel (IND.), portierverlichting links/rechts, leeslampje, interieurverlichting, bagageruimteverlichting,
schakelaar make-upspiegelverlichting links/rechts, interieurverlichting achter links/rechts
A/CON 10A Module klimaatregeling voor, ionisator, Incar-sensor, regensensor, elektrochromatische spiegel, motor van het
schuif-/kanteldak, schakelaar airconditioning achter, ICM-relaiskast (aircorelais achter, koplampsproeierrelais)
aanjagerrelais, GM02 (massa)
H/LP WASHER 25A ICM-relaiskast (koplampsproeierrelais) P/AMP 30A Audioversterker
P/OUTLET CTR 25A Centrale 12V-aansluiting P/OUTLET 25A 12V-aansluiting en aansteker voor, 12V-aansluiting achter
C/LIGHTER 15A 12V-aansluiting voor en aansteker
DR/LOCK 20A Relais vergrendelen/ontgrendelen portier, ICM-relaiskast (deadlock-relais), BCM Servo centrale vergrendeling
links/rechts voor, servo centrale vergrendeling links/rechts achter, Servo achterklepvergrendeling, GM01 (massa)
A/BAG IND 10A Instrumentenpaneel (IND.), afsluitschakelaar PAB, digitale klok
ESC SW 10A ESP-schakelaar, stuurhoekschakelaar, ICM-relaiskast (P/N-relais) Module stoelverwarming bestuurders-
/passagiersstoel, Multifunctionele schakelaar (Remocon)
T/SIG 10A Schakelaar alarmknipperlichten
RR FOG 15A ICM-relaiskast (relais mistachterlicht)

Onderhoud
62
7
Omschrijving Stroomsterkte
zekering Beveiligd onderdeel
PDM #2 15A PDM, module Smart Key, Start/Stoptoets, Sleutelhangerhouder, sleutelsolenoid
HAZARD 15A Relais alarmknipperlichten, schakelaar alarmknipperlichten, BCM, instrumentenpaneel (IND.)
Multifunctionele schakelaar (verlichting), achterlichtunit (OUT) links/rechts Elektrisch verstelbare buitenspiegel
links/rechts, koplamp links/rechts
RR WIPER 15A Relais ruitenwisser achter, motor achterruitenwisser
A/CON SW 10A Module klimaatregeling voor (automatisch)
CLUSTER 10A Dynamo, zoemer parkeerhulp achter, instrumentenpaneel (IND.) BCM, module bandenspanningscontrole,
module, Smart Key A/V- en navigatiesysteem, PIO-unit
BCM #1 10A Module Smart Key, PDM, BCM
FUEL LID 15A Schakelaar tankdopklep
B/ALARM HORN 10A Relais claxon alarmsysteem
RR A/CON 15A ICM-relaiskast (aircorelais achter)TPMS 10A Module bandenspanningscontrole, initiator links/rechts voor, Initiator links achter
AUDIO #2 10A Audiosysteem, A/V- en navigatiesysteem, PIO-unit, BCM, PDM Module Smart Key, digitale klok,
schakelaar elektrisch verstelbare buitenspiegel
BLOWER 10A Aanjagerrelais, aanjager, schakelaar airconditioner 10 A STOP LP 15A Remlichtschakelaar PDM #1 20A PDM
BCM #3 10A BCM, RF ontvanger, schakelaar contactslotverlichting en waarschuwingsschakelaar portier Schakelaar elektrisch
verstelbare buitenspiegel, controlelampje beveiliging
CLOCK 15A Module klimaatregeling voor, diagnosestekker, digitale klok
AUDIO #1 15A Audiosysteem, A/V- en navigatiesysteem, PIO-unit ATM 10A Toets Sport Mode, sleutelsolenoid
S/WARMER 15A Module stoelverwarming bestuurders-/passagiersstoel BCM #2 10A Dimmer, BCM, PDM, instrumentenpaneel (MICOM)POWER CONNECTOR Zekering - ROOM LP 15 A, CLOCK 15 A, AUDIO #1 15 A, BCM #3 10 A

763
Onderhoud
OmschrijvingStroomsterkte
zekering Beveiligd onderdeel
ALT 175A Draadzekering - BLR, B+ 2, P/WDW, ABS 1, ABS 2 Zekering - DEICER, RR HTD, A/CON, FR FOG, H/LP LO LH H/LP LO RH
IGN 1 40A Contactslot (ACC, IG 1), Relaiskast PDM (relais IGN 1)
ABS 1 40A Multifunctionele servicestekker, ABS-module ESP-module
CON FAN 2 50A Relais condensorventilator (High)
ABS 2 20A ABS-module, ESP-moduleBLR 40A Zekering - BLR
P/WDW 40A Relais elektrisch bedienbare ruiten, zekering - klembeveiliging
B+2 50A Zekering - B/ALARM HORN, P/SEAT, TPMS, RR A/CON S/WARMER, S/ROOF, RR FOG, PDM #2,
P/AMP H/LP WASHER
IGN 2 40A Contactslot (START, IG 2), startrelais Relaiskast PDM (relais IGN 1)
B+ 1 50A FUSE - DR/LOCK, HAZARD, ATM, PDM #1, FUEL LID STOP,
POWER CONNECTOR (BCM #3, CLOCK ROOM LP, AUDIO #1)
CON FAN 1 40A Relais condensorventilator (LOW) ECU MAIN 40A Motorrelais
1 DEICER 15A Relais ruitenwisserontdooier voor
2 RR HTD 30A Relais achterruitverwarming
3- - -
4 H/LP LO RH 15A Relais dimlicht rechts
5 HORN 15A Claxonrelais
6 H/LP LO LH 15A Relais dimlicht links
7 H/LP HI IND 10A Instrumentenpaneel (grootlicht IND.)
8 ALT DSL 10A -
9 A/CON 10A Aircorelais
10 ATM 15A Motor-ECU 4WD (G4KE/G6DC/D4HB handgeschakeld), relais achteruitrijlicht
Motorruimte

Onderhoud
66
7
GLOEILAMPEN
G220000AFD
Gebruik alleen lampen met de voorgeschreven wattage.
✽✽ AANWIJZING
Na zware regenval of het wassen van de
auto kan het lijken alsof er vocht in dekoplampen en achterlichten zit. Dit
wordt veroorzaakt door hettemperatuurverschil tussen debinnenzijde en de buitenzijde van het
lampglas. Dit is vergelijkbaar met hetbeslaan van de ruiten bij het rijden
onder regenachtige omstandigheden en
duidt niet op een probleem met uw auto.
Laat in het geval er vocht in het circuitvan de verlichting is gekomen de auto
controleren door een officiële
HYUNDAI Erkend Reparateur.
WAARSCHUWING -
Vervangen van gloeilampen
Zet, voordat u lampen gaat
vervangen, de parkeerrem stevig
vast en controleer of het contact in
stand LOCK staat om te voorkomen
dat de auto plotseling in beweging
komt, dat u zich brandt of dat u een
schok krijgt.
OPMERKING
Zorg ervoor dat de doorgebrande lamp vervangen wordt door een metdezelfde wattage. Anders kan dezekering of het elektrische
bedradingssyteem beschadigdraken.
OPMERKING
Raadpleeg een officiële HYUNDAIErkend Reparateur wanneer u niet
over het juiste gereedschap, dejuiste lampen en/of ervaringbeschikt. In veel gevallen kan het zelf vervangen van lampen
problemen opleveren vanwege hetfeit dat om bij de lamp te kunnenkomen, eerst andere onderdelen
verwijderd dienen te worden. Dat isin het bijzonder het geval als u dekoplampunit moet verwijderen ombij de gloeilamp(en) te kunnen
komen. Het verwijderen en plaatsenvan de koplampunit kan leiden totbeschadigingen aan de auto.

785
Onderhoud
Laat de motor in een afgesloten ruimte(bijvoorbeeld een garage) niet langer
draaien dan nodig is om de auto naar
binnen of naar buiten te rijden.
Stel het ventilatiesysteem zo af dat er verse buitenlucht naar het interieur
gevoerd wordt als de auto in een open
ruimte stilstaat terwijl de motor wat
langer moet blijven draaien.
Blijf nooit met draaiende motor gedurende langere tijd in eenstilstaande auto zitten.
Als de motor afslaat of niet wil aanslaan en er teveel startpogingen
ondernomen worden, kan hetemissieregelsysteem beschadigd
raken. G270303AFDVoorzorgsmaatregelen katalysator
(indien van toepassing)
Uw auto is uitgerust met een katalysator
ten behoeve van de emissieregeling.
Daarom moeten de volgende
voorzorgsmaatregelen in acht wordengenomen:
Gebruik bij een benzinemotor uitsluitend LOODVRIJE BENZINE.
Gebruik de auto niet als de motor duidelijk storingen vertoont, zoals
overslaan of vermogensverlies. Doe geen dingen die slecht zijn voor
de motor. Voorbeelden hiervan zijn: de
auto in de versnelling laten uitrollenterwijl het contact in stand LOCK staat
en een helling af rijden met het contactin stand LOCK.
Laat de motor niet langdurig (5 minuten of langer) met een hoog
stationair toerental draaien.
Voer zelf geen aanpassingen of wijzigingen uit aan de motor of het
emissieregelsysteem. Alle controles en
afstellingen moeten door een erkende
HYUNDAI Erkend Reparateur
uitgevoerd worden.
Voorkom rijden met een extreem laag brandstofniveau. Het leegrijden van de
tank kan leiden tot overslaan van de
motor en overbelasting van de
katalysator.
Wanneer bovenstaande
voorzorgsmaatregelen niet in acht
worden genomen, kan schade aan dekatalysator en aan uw auto ontstaan.
Bovendien kan hierdoor de garantie
vervallen.
WAARSCHUWING - Brand
Een heet uitlaatsysteem kan brandbare materialen in brand
doen vliegen.
Vermijd contact tussen de auto en brandbare materialen zoals gras,
planten, papier, bladeren, enz. door
niet in de nabijheid daarvan te
parkeren of te rijden, of de motorstationair te laten draaien.