Page 112 of 232

110
Bandenspanningscontrolesysteem
Het controlesysteem van de
bandenspanning is een hulpsysteem; de
bestuurder moet waakzaam blijven.
Ondanks de aanwezigheid van dit systeem
dient u maandelijks en voor elke lange reis de
bandenspanning (ook die van het reservewiel)
handmatig te controleren.
Het rijden met een te lage bandenspanning
heeft een nadelige invloed op het weggedrag
en de remweg van de auto en veroorzaakt
vroegtijdige bandenslijtage, vooral onder
zware omstandigheden (zware belading, hoge
snelheden, een lange rit).
Een te lage bandenspanning leidt ook tot
een hoger brandstofverbruik. U kunt de meeteenheid waarin de bandenspanning
wordt weergegeven configureren door op de toets
MODE
te drukken: selecteer vervolgens in het menu
"Meeteenheid bandenspanning" de eenheid psi, bar
of kPa.
Raadpleeg de desbetreffende rubriek voor meer
informatie over de configuratie van de auto .
Waarschuwing te lage
bandenspanning
Deze waarschuwing bestaat uit het
permanent branden van het lampje, een
geluidssignaal en, afhankelijk van de
uitvoering van uw auto, een melding op
het display.
Dit systeem controleert automatisch de
bandenspanning tijdens het rijden.
Zodra de auto rijdt, controleert het systeem
permanent de spanning van de vier banden.
In het ventiel van elke band (met uitzondering van
het reservewiel) is een druksensor gemonteerd.
Het systeem geeft een waarschuwing zodra wordt
gesignaleerd dat de spanning van een of meer
banden te laag is. Als er een afwijking in de bandenspanning van één
band wordt geconstateerd, kan deze band worden
herkend aan het pictogram of, afhankelijk van de
uitvoering, de weergegeven melding.
-
V
erminder onmiddellijk uw snelheid en vermijd
plotselinge stuurbewegingen en krachtig
remmen.
-
Z
et de auto zo snel mogelijk stil, wanneer de
verkeersomstandigheden dit toelaten.
-
G
ebruik in het geval van een lekke band
de bandenreparatieset of het reservewiel
(afhankelijk van de uitvoering).
-
B
ij een te lage bandenspanning:
•
C
ontroleer als u een compressor in
de auto hebt (bijvoorbeeld die van de
bandenreparatieset) de spanning van de vier
banden als deze zijn afgekoeld.
of
De door de fabrikant voor uw auto aanbevolen
bandenspanning staat vermeld op de
bandenspanningssticker.
De bandenspanning moet worden
gecontroleerd als de banden "koud" zijn (de
auto heeft langer dan een uur stilgestaan
of er is minder dan 10
km gereden met
een beperkte snelheid). Onder andere
omstandigheden moet de bandenspanning
ten opzichte van de op de sticker vermelde
spanning met 0,3
bar worden verhoogd.
Raadpleeg de desbetreffende rubriek voor
meer informatie over de identificatie , met
name de bandenspanningssticker.
Rijden
Page 187 of 232

1
Audio- en telematicasysteem met touchscreen
Multimedia audiosysteem –
Bluetooth®-telefoon – GPS-
navigatie
Inhoud
De eerste stappen 1
T ermenlijst 2
St
uurkolomschakelaars
3
M
enu's
3
R
adio
4
D
AB-radio (Digital Audio Broadcasting)
5
M
edia
6
N
avigatie
9
T
elefoon
1
2
Gegevens auto
1
4
Instellingen
1
4
Gesproken commando's
1
6
Het systeem is zodanig beveiligd dat het
uitsluitend in uw auto functioneert.
Om veiligheidsredenen mag de bestuurder
handelingen die zijn volledige aandacht
vragen uitsluitend uitvoeren bij stilstaande
auto.
Als de motor is afgezet schakelt het systeem
zichzelf, na het inschakelen van de eco-mode,
uit om te voorkomen dat de accu ontladen
raakt.
De eerste stappen
Gebruik de toetsen onder het touchscreen om de
hoofdmenu's te openen en druk ver volgens op de
op het touchscreen weergegeven toetsen.Het touchscreen is een "resistief " scherm
dat voelbaar aangeraakt moet worden, met
name bij bewegingen (door een lijst bladeren,
scrollen over de kaart, enz.). Lichtjes aanraken
is niet voldoende. Als het scherm met
meerdere vingers wordt aangeraakt, worden
de commando's niet opgevolgd.
Het scherm kan ook worden bediend
als u
handschoenen draagt. Dankzij
deze technologie kan het scherm bij elke
temperatuur worden gebruikt.
Gebruik voor het schoonmaken van het
scherm een zacht, niet-schurend doekje
(bijvoorbeeld een brillendoekje) zonder
schoonmaakmiddel.
Raak het scherm niet aan met scherpe
voorwerpen.
Raak het scherm niet aan met natte handen.
Als het zeer warm is in het interieur, kan het
geluidsvolume worden beperkt om het systeem
te beschermen. Zodra de temperatuur in het
interieur is gezakt, zal de oorspronkelijke
instelling weer worden gebruikt.
Het systeem kan ook gedurende minimaal
5
minuten overgaan in de waakstand (volledig
uitschakelen van het scherm en het geluid).
.
Audio- en telematicasysteem met touchscreen
Page 211 of 232

1
Audiosysteem
Multimedia audiosysteem –
Bluetooth®-telefoon
Inhoud
De eerste stappen 1
St uurkolomschakelaars 2
R
adio
2
M
edia
4
T
elefoon
5
I
nstellingen
6
G
esproken commando's
6
Het systeem is zodanig beveiligd dat het
uitsluitend in uw auto functioneert.
Om veiligheidsredenen mag de bestuurder
handelingen die zijn volledige aandacht
vragen uitsluitend uitvoeren bij stilstaande
auto.
Als de motor is afgezet schakelt het systeem
zichzelf, na het inschakelen van de eco-mode,
uit om te voorkomen dat de accu ontladen
raakt.
De eerste stappen
Aan/uit en volumeregeling.
Selecteren van het golfbereik FM en
AM.
Selecteren van de bron USB of AUX.
Toegang tot de lijst van aangesloten
telefoons.
Draaien: scrollen door de lijst of
afstemmen op een radiozender.
Drukken: bevestigen van de op het
scherm weergegeven optie.
Informatie over de op dat moment
beluisterde radiozender of het op dat
moment gebruikte medium.
Selecteren van opgeslagen zenders.
FM-A, FM-B, FM-C, AM-A, AM-B,
AM-C.
Weergeven van het menu en instellen
van de opties.
.
Audiosysteem