Page 365 of 540

5-87
Rijden met uw auto
5
• Er wordt plotseling aan hetstuurwiel gedraaid.
Beperkingen van het systeem
Het LKA-systeem treedt mogelijk
vroegtijdig in werking, ook al verlaat
de auto de rijstrook niet OF het LKA-
systeem waarschuwt u mogelijk niet
als de auto de rijstrook onder de
volgende omstandigheden verlaat:
Als de rijstrook- en wegcondities
slecht zijn
• De rijstrookmarkering is lastig teonderscheiden ten opzichte van
het wegdek of de
rijstrookmarkering is vervaagd ofonduidelijk.
• De kleur van de rijstrookmarkering is lastig te onderscheiden ten
opzichte van het wegdek.
• Er bevinden zich markeringen op het wegdek die lijken op een
rijstrookmarkering. Deze worden
onbedoeld door de cameragesignaleerd. • De rijstrookmarkering gaat op in
een andere of splitst zich
(bijvoorbeeld bij een tolpoort).
• Het aantal rijstroken neemt toe of af of de rijstrookmarkeringen lopendoor elkaar heen.
• Er zijn meer dan twee rijstrookmarkeringen op de weg
voor u.
• De rijstrookmarkering is zeer breed of smal.
• De rijstroken voor de auto zijn niet zichtbaar als gevolg van regen,
sneeuw, water op de weg, een
beschadigd of vuil wegdek, enz.
• Er valt dankzij een middenberm, bomen, enz. een schaduw over de
rijstrookmarkering.
• De rijstroken zijn incompleet of er zijn wegwerkzaamheden.
• Er zijn zebrapadmarkeringen of andere symbolen op het wegdek
aangebracht.
• De rijstrookmarkering in een tunnel is vervuild door olie, enz.
• De rijstrook houdt plotseling op, zoals op een kruising. Als externe condities wijzigen
• De helderheid van het omgevings-
licht verandert plotseling, bijvoor-
beeld wanneer u een tunnel in of
uit rijdt of onder een brug door rijdt.
• De helderheid van het omgevingslicht is te laag, zoals
wanneer de koplampen in het
donker uitgeschakeld zijn of als de
auto door een tunnel rijdt.
• Er bevindt zich een rijstrookafbakening, zoals
betonblokken, een geleiderail en
reflectorpaal op de weg, die
onbedoeld door de camera wordtgesignaleerd.
• Wanneer licht van een straatlan- taarn of tegemoetkomende auto op
een nat wegdek of een plas op de
weg wordt gereflecteerd.
• Het blikveld voor wordt gehinderd door de schittering van de zon.
• Er is onvoldoende ruimte tussen u en uw voorligger om de
rijstrookmarkering te kunnen
signaleren of de voorligger rijdt op
de rijstrookmarkering.
Page 366 of 540

5-88
Rijden met uw auto
• U rijdt op een steile helling, overeen heuvel of op een bochtige
weg.
• Slechte wegomstandigheden zorgen voor overmatige trillingen
tijdens het rijden.
• De omgevingstemperatuur van de binnenspiegel is hoog als gevolg
van direct zonlicht, enz.
Als het zicht vooruit slecht is
• De voorruit of de cameralens van het LKAS wordt geblokkeerd door
vuil e.d.
• De voorruit is beslagen; een helder zicht op de weg is niet mogelijk.
• Door het plaatsen van objecten op het dashboard, enz.
• De sensor kan de rijstrook niet waarnemen als gevolg van mist,
zware regenval of sneeuw.Wijzigen functie LKA-systeem
De bestuurder kan overschakelen van het LKA-systeem naar het Lane
Departure Warning-systeem (LDW) ofin de modus LKA-systeem wisselen
tussen Standaard LKA en Actieve
LKA op het LCD-display. Ga naar
"Gebruikersinstellingen →
Bestuurdershulp →LKA (Hulp bij
rijbaan aanhouden) →LDW
(Waarschuwing bij
rijbaanwissel/Standaard LKA/ActieveLKA)". Het systeem is automatisch ingesteld op Standaard LKA als ergeen functie is geselecteerd.
Lane Departure Warning
Het LDW-systeem waarschuwt debestuurder zichtbaar en hoorbaar als
het systeem signaleert dat de auto
de rijstrook verlaat. Het stuurwiel
wordt niet bediend.
Standaard LKA
De Standaard LKA-modus helpt de
bestuurder de auto op de rijstrook te
houden. Het bedient nagenoeg nooithet stuurwiel als de auto goed op de
rijstrook rijdt. Als de auto de rijstrook
dreigt te verlaten, begint het het
stuurwiel echter wel te bedienen.
Actieve LKA
De modus Actieve LKA biedt een
intensievere bediening van het
stuurwiel in vergelijking met de
modus Standaard LKA. De ActieveLKA-modus kan helpen bij het
tegengaan van vermoeidheid bij debestuurder door te helpen de auto in
het midden van de rijstrook tehouden.
Page 369 of 540

5-91
Rijden met uw auto
5
Systeem standby
Het Driver Attention Warning-
systeem (DAW) gaat naar de stand
gereed en geeft het scherm
'Uitgeschakeld' weer in de volgende
situaties.
- De camera signaleert geenrijstroken.
- De rijsnelheid blijft lager dan 60 km/h of hoger dan 200 km/h.
Storing in het systeem
Check systeem waarsch.
oplettendh. best. (DAW)
Als de waarschuwingsmelding
"Check systeem waarsch.
oplettendh. best. (DAW)" wordt
weergegeven, werkt het systeem
niet goed. In dat geval adviseren weu de auto te laten controleren door
een officiële Hyundai-dealer.
OOS057086LOOS057087L
•Het Driver Attention Warning-
systeem (DAW) is geen
vervanging voor een veilig
rijgedrag, maar dient slechts
als hulpmiddel. Het is de
verantwoordelijkheid van de
bestuurder altijd voorzichtig
te rijden om onverwachte en
plotselinge situaties te
voorkomen. Let te allen tijdeop de wegomstandigheden.
•Het systeem kan een pauze
voorstellen naar aanleiding van
het rijgedrag van de
bestuurder, ook al voelt de
bestuurder zich niet vermoeid.
•Een bestuurder die zich
vermoeid voelt zou een pauze
moeten nemen, ook al wordt erdoor het Driver Attention
Warning-systeem (DAW) niet
voorgesteld een pauze tenemen.
WAARSCHUWING
Page 370 of 540

5-92
Rijden met uw auto
Het Driver Attention Warning-
systeem (DAW) maakt gebruik van
de camerasensor op de voorruit. Om de camerasensor in optimale conditie te houden moeten de
volgende aanwijzingen worden
opgevolgd:
• Plaats GEEN accessoires ofstickers op de voorruit en breng
geen getinte coating aan op de
voorruit.
• Plaats GEEN reflecterende objecten (bijv. wit papier,
spiegel) op het dashboard. Elke
lichtreflectie kan een storing in
het Driver Attention Warning-
systeem (DAW) veroorzaken.
• Voorkom met de grootste zorgvuldigheid dat decamerasensor in aanraking
komt met water.
• Probeer de camera NOOIT zelf te demonteren en stel de camera
niet bloot aan schokken.
• Haal de camera niet uit elkaar, bijvoorbeeld om de ruit extra tetinten of coatings of accessoires
aan te brengen. ls u de camera uit elkaar hebt
gehaald en weer in elkaar hebt
gezet, adviseren we u de
kalibratie van het systeem te
laten controleren door een
officiële Hyundai-dealer.
AANWIJZING•Het rijgedrag van de auto in
voorwaartse richting laat
ernstig te wensen over (door
een groot verschil in
bandenspanning, ongelijk-
matige bandenslijtage, onjuisttoespoor/uitspoor).
•De auto rijdt op een slechte weg.
•De auto rijdt op een
slingerende weg.
•De auto rijdt door een gebied
waarin het hard waait.
•De volgende rijbegeleidings- systemen zijn actief:
- Lane Keeping Assist-
systeem (LKA)
- Forward Collision- Avoidance Assist (FCA)
Het Driver Attention Warning-
systeem (DAW) werkt mogelijk
niet goed en waarschuwt inbeperkte mate onder de
volgende omstandigheden:
•De rijstrook wordt slecht
herkend. (Zie "Lane KeepingAssist-systeem (LKA)" in dit
hoofdstuk voor meer
informatie.)
•Er wordt wild met de auto
gereden of er wordt abrupt om
een obstakel heen gestuurd
(bijv. wegwerkzaamheden,
andere voertuigen, gevallen
objecten, slechte wegen).
OPMERKING
Als het volume van het
audiosysteem van de auto hoog
is, zijn de
waarschuwingssignalen van
het Driver Attention Warning-
systeem (DAW) mogelijk niet
hoorbaar.
OPMERKING
Page 517 of 540

7-69
7
Onderhoud
• Reinig kunststof onderdelen enlichting niet met chemische
oplosmiddelen of sterke
reinigingsmiddelen, om
beschadiging ervan te
voorkomen.Wassen met een hogedrukreiniger
• Houd bij het gebruik van eenhogedrukreiniger voldoende afstand
tot de auto. Wanneer u onvoldoende
afstand houdt of de druk te hoog is,
kunnen onderdelen van de
beschadigd raken of kan er water in
de auto komen.
• Spuit niet met een hogedrukreiniger direct op de camera, de sensoren of
de omgeving ervan. Schokken door
waterstralen uit de hogedrukreiniger
kunnen ervoor zorgen dat het
apparaat niet goed werkt.
• Houd de spuitmond uit de buurt van stofhoezen (rubberen of kunststof
afdekkapjes) of stekkers, aangezien
deze beschadigd kunnen raken
wanneer deze in aanraking komen
met waterstralen uit de
hogedrukreiniger. • Water in de motorruimte,
inclusief water onder hoge druk,
kan storingen veroorzaken in de
elektrische circuits.
• Zorg ervoor dat water en andere vloeistoffen nooit in contact
komen met elektrische/
elektronische com-ponenten in
de auto omdat ze dan
beschadigd kunnen raken.
AANWIJZING
Natte remmen
Test na het wassen de remmen
van uw auto bij lage snelheid
om te controleren of de remwer-
king door binnengedrongen
water beïnvloed is. Droog deremmen door het rempedaal bij
lage snelheid licht in te trappenwanneer de remprestaties
verminderd zijn.
WAARSCHUWING
OOS077051
Page:
< prev 1-8 9-16 17-24