
ZEKERINGEN VERVANGEN
INLEIDING
130) 131) 132) 133) 134)
59) 60)
De elektrische installatie wordt beveiligd
door zekeringen: bij een storing of bij
oneigenlijk gebruik van de installatie
brandt de zekering door.
Tang voor het verwijderen van
zekeringen
Gebruik het tangetje dat aan het deksel
van de zekeringenkast van de
motorruimte geklemd is, om een zekering
te vervangen fig. 145.
Neem de tang uit de bovenste
klemmetjes, oefen wat druk uit en trek de
tang naar buiten door hem omhoog te
trekken.De tang fig. 146 heeft twee uiteinden,
speciaal ontworpen om de verschillende
types zekeringen die aanwezig zijn in het
voertuig te verwijderen.
1: MINI-zekering;
2: J-CASE zekering.
Berg na gebruik het tangetje weer op, ga
als volgt te werk:
neem de tang uit de bovenste
klemmetjes;
zet de tang in zijn zitting, door hem
naar beneden te duwen, tot hij op zijn
plaats vastklikt.
PLAATS VAN DE ZEKERINGEN
De zekeringen, die door de gebruiker
kunnen worden vervangen, zijn
gegroepeerd in twee dozen onder de
opstaptrede van de passagiersstoel en in
de bagageruimte.
BESTURINGSEENHEID ONDER
OPSTAPTREDE PASSAGIERSSTOEL
Ga als volgt te werk om een zekering te
vervangen:
til het bovenste uiteinde van de
opstaptrede 1 fig. 147 aan de
passagierszijde op, trek eraan om de
2 knoppen los te laten;
verwijder paneel 2 fig. 148, door deze
omlaag uit te nemen, na het losschroeven
van de twee bevestigingshaken;
14508036S0053EM
14608036S0005EM
14708036S0010EM
148
NOODGEVALLEN

MOTOROLIE
151)
65)
BELANGRIJK Verifieer de aanduiding van
het motoroliepeil voordat u lange ritten
gaat maken.
Het motoroliepeil wordt bij elke start
getoond op het display van het
instrumentenpaneel of op het display van
het Connect-systeem door in het
hoofdmenu (MENU-toets)
achtereenvolgens de volgende functies
te activeren: “Applicaties”; “My Car”; en
"Oliepeil".
Controleer op het display aan de hand
van de 6 streepjes of het oliepeil tussen
MIN en MAX ligt: 1 streepje MIN-peil,
6 streepjes MAX-peil. Als de
oliepeilaanduiding de eerste rode
inkeping bereikt, vul dan olie bij via de
vulopening 1 en houd er rekening mee dat
elke inkeping op het display overeenkomt
met circa:
Motor 2.0 T4 MAir
250 ml.
2.2 JTD-motor
150 ml.
66)
BELANGRIJK Zorg ervoor niet teveel
motorolie bij te vullen. Teveel motorolie
kan tot schade aan de motor leiden. Laat
het voertuig controleren. Het MAX peil
mag nooit worden overschreden als de
motorolie wordt bijgevuld. Het is
aanbevolen om tijdens het bijvullen
tussentijdse controles van het oliepeil op
het display uit te voeren.
BELANGRIJK Na het bijvullen van de
motorolie vindt het updaten van het
oliepeil op het display niet onmiddellijk
plaats, het is daarom noodzakelijk om te
wachten tot de weergave van het oliepeil
op het display geüpdatet is, volgens die
hierna beschreven procedure.
Bijvullen en bijwerken oliepeilweergave
op display
Pas de onderstaande aanwijzingen toe
wanneer de olie moet worden bijgevuld
om de correcte aanduiding van het
oliepeil op het display te waarborgen:
Motor 2.0 T4 MAir
plaats het voertuig op een vlakke
ondergrond en laat de motor minstens
5 minuten lang draaien (temperatuur
hoger dan 80°C), zet de motor vervolgens
af;
de motor starten en op laag stationair
laten lopen; ongeveer 2 minuten wachten.
2.2 JTD-motor
plaats het voertuig op een vlakke
ondergrond en laat de motor draaien tot
de tweede markering van de
olietemperatuur op het display oplicht,
zet de motor vervolgens af;
wacht minstens 3 minuten, draai
vervolgens de startschakelaar op ON
zonder de motor aan te laten slaan en
wacht 20 seconden.
BELANGRIJK Als de aanduiding na de
eerder beschreven procedure niet
bijgewerkt is, contact opnemen met het
Alfa Romeo-servicenetwerk.
BELANGRIJK De oliepeilstok in de
motorruimte, uitsluitend op uitvoeringen
met 2.2 JTD-motor, mag UITSLUITEND
worden gebruikt wanneer de
oliepeilsensor een storing vertoont. In dit
geval gaat het symbool
branden op
het display van het instrumentenpaneel.
Het motoroliepeil moet, wanneer nodig,
uitsluitend bij koude motor met de hand
(met de peilstok) worden gecontroleerd.
Om geen enkele reden mag het
motoroliepeil met de hand (met de
peilstok) worden gecontroleerd bij
warme motor. Door de aanraking met de
omringende elementen van de motor
kunnen brandwonden worden
veroorzaakt.
172
ONDERHOUD EN ZORG

BELANGRIJK
71)Onjuist onderhoud van het voertuig of
het niet uitvoeren van
reparatiewerkzaamheden (indien nodig) kan
leiden tot duurdere reparaties, schade aan
andere onderdelen of een negatieve
inwerking op de prestaties van het voertuig.
Laat elke storing onmiddellijk controleren bij
een werkplaats van het Alfa Romeo
Servicenetwerk.
72)Het voertuig is uitgerust met
vloeistoffen die geoptimaliseerd zijn of die
de prestaties en levensduur beschermen en
de onderhoudsintervallen groter maken.
Gebruik geen chemische middelen voor het
wassen van deze onderdelen omdat deze de
motor, de versnellingsbak of de
klimaatregeling kunnen beschadigen. Deze
schade wordt niet gedekt door de garantie
van het voertuig. Als er een onderdeel
gewassen moet worden omdat het niet goed
werkt, gebruik dan uitsluitend speciale
vloeistof om dat te doen.
73)Een overtollige of onvoldoende
hoeveelheid olie in het motorblok leidt tot
ernstige beschadiging van de motor. Zorg
ervoor dat de olie altijd op een geschikt
niveau staat.74)Voertuigen uitgerust met katalysator
mogen uitsluitend getakt worden met
loodvrije benzine. Loodhoudende benzine
kan de katalysator permanent beschadigen
en de werking om vervuilende emissies te
beperken teniet doen, waardoor de
prestaties van de motor in gevaar komen, die
hierdoor onherstelbaar beschadigd kan
raken. Als de motor niet goed werkt, in het
bijzonder bij moeizaam starten of bij
prestatieverlies, ga dan onmiddellijk naar
een werkplaats van het Alfa Romeo
Servicenetwerk. Langdurige en onjuiste
werking van de motor kan leiden tot
oververhitting van de katalysator en, als
gevolg, mogelijke schade aan de katalysator
en het voertuig.
75)Het gebruik van een
versnellingsbakvloeistof anders dan de
goedgekeurde kan de kwaliteit van het
schakelen in gevaar brengen en/of leiden tot
trilling van de versnellingsbak zelf.
76)Het wordt geadviseerd het voertuig te
laten onderhouden bij een werkplaats van
het Alfa Romeo Servicenetwerk. Bij het
persoonlijk uitvoeren van normale periodieke
werkzaamheden en onderhoudshandelingen
wordt geadviseerd gebruik te maken van
geschikte gereedschappen, originele
vervangingsonderdelen en de noodzakelijke
vloeistoffen. Voer geen enkele ingreep uit als
u niet over de noodzakelijke ervaring
beschikt.
77)Als u de accu moet loskoppelen of
verwijderen, sluit de achterklep dan niet. Om
onbedoelde sluiting te voorkomen, wordt
aanbevolen een obstakel (bijv. een doek) op
het slot te leggen zodat de achterklep niet
gesloten kan worden.78)Vraag altijd om het gebruik van
uitsluitend goedgekeurde koel- en
smeermiddelen voor de compressor die
geschikt zijn voor het specifieke
klimaatregelsysteem dat op het voertuig
gemonteerd is. Sommige niet goedgekeurde
koelmiddelen zijn brandbaar en kunnen
exploderen, met risico op verwondingen. Het
gebruik van niet-goedgekeurde
koelmiddelen of smeermiddelen kan de
werking van het systeem negatief
beïnvloeden, wat tot dure reparaties leidt.
79)Het airconditioningssysteem bevat
koelmiddel onder hoge druk: om letsel aan
mensen of schade aan het systeem te
voorkomen moet bijvullen van koelmiddel of
reparatie waarbij de kabels losgekoppeld
moeten worden, uitgevoerd worden bij een
werkplaats van het Alfa Romeo
Servicenetwerk.
178
ONDERHOUD EN ZORG

DIEFSTALBEVEILIGING
Het systeem is uitgerust met een
diefstalbeveiliging die gebaseerd is op
informatie-uitwisseling met de
elektronische regeleenheid (Body
Computer) in het voertuig.
Het garandeert een maximale veiligheid
en vermijdt in geval van diefstal het
gebruik van het systeem op andere
voertuigen. Indien nodig neem contact op
met het Alfa Romeo Servicenetwerk.
BELANGRIJKE OPMERKINGEN
Kijk alleen naar het scherm wanneer dit
nodig en veilig is. Als u langere tijd naar
het scherm moet kijken, ga dan de weg af
en parkeer op een veilige plek, zodat u
niet tijdens het rijden wordt afgeleid.
Stop onmiddellijk met het gebruik van
het systeem in geval van een storing.
Anders kan het systeem beschadigd
raken. Neem zo snel mogelijk contact op
met het Alfa Romeo Servicenetwerk om
het systeem te laten repareren.BELANGRIJK
168)Volg onderstaande
veiligheidsvoorschriften, want anders
kunnen de inzittenden ernstig gewond raken
of kan het systeem beschadigd raken.
169)Als het volume te hoog staat, kan dat
gevaarlijk zijn. Stel het volume zo af dat
omgevingsgeluiden (bijv. claxons,
ambulances, politievoertuigen enz.) nog
hoorbaar zijn.
BELANGRIJK
85)Maak het frontpaneel en het display
alleen schoon met een zachte, schone, droge,
anti-statische doek. Reinigings- en
polijstmiddelen kunnen het oppervlak
beschadigen. Gebruik geen alcohol of
dergelijke producten om het paneel of het
display schoon te maken.
86)Gebruik het display niet als basis voor
steunen met zuignappen of kleefmiddelen
voor externe navigatiesystemen,
smartphones of dergelijke apparaten.
205

BELANGRIJKE INFORMATIE EN AANBEVELINGEN
BELANGRIJK
INTERIEURUITRUSTING
Rijd nooit met open dashboardkastje: bij een ongeval kunnen de inzittenden voorin hierdoor verwond raken.
De aansteker wordt zeer heet. Wees voorzichtig en zorg dat hij niet wordt gebruikt door kinderen: brandgevaar en/of gevaar voor brandwonden.
Gebruik de asbak niet als prullenbak: de inhoud kan door sigarettenpeuken in brand raken.
INTERIEUR
Gebruik nooit ontvlambare producten zoals petroleum of wasbenzine voor het reinigen van het interieur van de auto. De elektrostatische lading die
door het wrijven tijdens het reinigen ontstaat, kan brand veroorzaken.
Bewaar geen spuitbussen in de auto: ontploffingsgevaar. Spuitbussen mogen niet blootgesteld worden aan temperaturen boven 50°C. Wanneer
het voertuig in de zon staat, kan de binnentemperatuur deze waarde ruim overschrijden.
Er mogen geen voorwerpen op de vloer onder de pedalen liggen; verzeker u ervan dat de matten altijd vlak liggen en geen contact met de pedalen
maken.
Gebruik geen agressieve organische stoffen zoals: diesel, kerosine, olie, aceton of oplosmiddelen.
TOEVOER
Wijzigingen of reparaties aan het brandstoftoevoersysteem die niet correct zijn uitgevoerd en waarbij geen rekening wordt gehouden met de
technische systeemgegevens, kunnen storingen in de werking en zelfs brand tot gevolg hebben.
SYSTEMEN VOOR DE BESCHERMING VAN HET MILIEU
Onder normale gebruiksomstandigheden worden de katalysator en het dieselroetfilter (DPF) erg warm. Parkeer het voertuig dus niet boven licht
ontvlambaar materiaal (bijv. gras, droge bladeren, dennennaalden enz.): brandgevaar.
BELANGRIJK
LANGDURIGE STILSTAND VAN DE AUTO
Als u de accu moet loskoppelen of verwijderen, sluit de achterklep dan niet. Om onbedoelde sluiting te voorkomen, wordt aanbevolen een obstakel
(bijv. een doek) op het slot te leggen zodat de achterklep niet gesloten kan worden.
INTERIEUR
Gebruik nooit alcohol, benzine en hiervan afgeleide producten om het dashboard en het glas van het instrumentenpaneel te reinigen.