
70Navigatie
POI-gegevens downloaden in het
Infotainmentsysteem
Sluit het USB-apparaat met uw ge‐
bruikerspecifieke POI-gegevens aan
op de USB-poort 3 55 van het Info‐
tainmentsysteem.
Er verschijnt een bericht waarin u
wordt gevraagd het downloaden te
bevestigen.
Na het bevestigen worden de POI-
gegevens naar het Infotainmentsys‐
teem gedownload.
De gedownloade POI's zijn vervol‐
gens selecteerbaar als bestemmin‐
gen in het Mijn POIs-menu, zie "Een
markant punt selecteren" in het
hoofdstuk "Bestemmingsinvoer"
3 70.
Invoer van de bestemming De navigatietoepassing biedt diverse
opties voor het instellen van een be‐
stemming met routebegeleiding.
Druk op ; en selecteer vervolgens
het NAV -pictogram om de navigatie‐
kaart weer te geven.Een adres invoeren via het
toetsenbord Selecteer BESTEMM. op de interac‐
tieve selectiebalk en selecteer vervol‐
gens ADRES .
U kunt een adres, kruispunt of straat‐
naam invoeren.
Voor een gedetailleerde beschrijving
van de toetsenborden 3 24.
Voor belangrijke informatie over de landspecifieke invoervolgordes van
bestemmingsadressen 3 61.
Let op
Wordt er een andere invoervolgorde
gebruikt dan voor het betreffende
land is gespecificeerd, dan kan het
systeem mogelijk de gewenste be‐
stemming niet vinden.
Voer het bestemmingsadres in de juiste postadresindeling van uw land
in. Voorbeeld: Laan van
Meerdervoort Den Haag .
Het navigatiesysteem accepteert in
zekere mate onvolledige invoergege‐
vens. Voorbeeld: Meerder Den Haag .
Voer aan het eind van buitenlandse
adressen de landnaam of de drielet‐
terige landcode in. Voorbeeld: Lewis
Way Southampton GBR .
Selecteer de schermtoets Gaan links‐
boven in het scherm om uw invoer te
bevestigen.
Zijn er bij de ingevoerde informatie
meerdere bestemmingen mogelijk, dan wordt er een lijst met mogelijke
bestemmingen getoond. Kies het ge‐
wenste adres.
Het scherm met de bestemmingsde‐ tails wordt weergegeven.

102Veelgestelde vragen
?Hoe kan ik de actieve routebege‐
leiding annuleren?
! Selecteer
MENU op de interac‐
tieve selectiebalk en vervolgens
Annuleer route om de routebege‐
leiding te annuleren.
Gedetailleerde beschrijving 3 75.
Audio? Hoe kan ik de audiobron wijzigen?
! Door herhaaldelijk op
RADIO te
drukken, kunt u tussen alle be‐
schikbare radiobronnen (AM/FM/
DAB) wisselen. Door herhaaldelijk op MEDIA te drukken kunt u tus‐
sen alle beschikbare mediabron‐
nen (USB, SD-kaart, iPod, Blue‐
tooth audio, CD, AUX) wisselen.
Gedetailleerde beschrijving van
radio 3 46, CD 3 52, externe ap‐
paratuur 3 55.? Hoe kan ik in radiozenders of me‐
dia-muziek zoeken?
! Om in radiozenders of mediamu‐
ziek te zoeken, bijvoorbeeld in af‐
speellijsten of albums, selecteert u BLADEREN op het audioscherm.Gedetailleerde beschrijving van
radio 3 46, CD 3 53, externe ap‐
paratuur 3 58.
Overige? Hoe kan ik de prestaties van de
spraakherkenning verbeteren?
! Het spraakherkenningssysteem is
ontworpen om natuurlijk uitgespro‐ ken commando's te begrijpen.
Wacht tot u de pieptoon hoort voor
u gaat spreken. Probeer natuurlijk te spreken, niet te snel of te hard.
Gedetailleerde beschrijving 3 81.? Hoe kan ik de prestaties van het
aanraakscherm verbeteren?
! Het aanraakscherm is drukgevoe‐
lig. Probeer met name als u iets
versleept de druk van uw vinger
gelijk te houden.
Gedetailleerde beschrijving 3 15.

104TrefwoordenlijstAAanraakscherm ............................ 15
Adresboek .................................... 70
Afstandsbediening op stuurwiel ....15
Algemene aanwijzingen 6, 52, 61, 88
Algemene informatie ..............55, 81
AUX ........................................... 55
Bluetooth-muziek ......................55
CD ............................................. 52
Infotainment-systeem ..................6
Navigatie ................................... 61
Radio ......................................... 46
SD ............................................. 55
Telefoonportal ........................... 88
USB ........................................... 55
Antidiefstalfunctie ..........................7
Audible Touch Feedback ..............41
Audio afspelen .............................. 58
Audiobestanden ........................... 55
Automatische volumeaanpassing Automatisch volume ..................41
Automatisch volume .....................41
Auto Set ........................................ 41
AUX .............................................. 55
AUX activeren............................... 58
B BACK-knop ................................... 15
Balans........................................... 40Bas ............................................... 40
Basisbediening Aanraakscherm ......................... 15
Afstandsbediening op stuurwiel 15
Bedieningsorganen ...................15
Contacten .................................. 32
Displays..................................... 14
Favorieten ........................... 27, 36
Instrumentenpaneel ..................15
Interactieve selectiebalk ............21
Lettertekenherkenningsveld ......24
Menu's ....................................... 36
Startscherm ............................... 21
Toepassingenbalk .....................21
Toetsenblok............................... 24
Toetsenbord .............................. 24
Touchpad .................................. 15
Vijfstandenknop ........................ 15
Bediening ............................... 83, 92
AUX ........................................... 58
Bluetooth-muziek ......................58
CD ............................................. 53
Contacten .................................. 32
Displays..................................... 14
Favorieten ................................. 27
Infotainment-systeem ................12
Navigatiesysteem ......................63
Radio ......................................... 46
SD-kaart .................................... 58

105
Telefoon.................................... 92
Toetsenborden .......................... 24
USB ..................................... 58, 60
Bedieningselementen ...................15
Infotainment-systeem ..................8
Stuurwiel ..................................... 8
Bedieningselementen van infotainment............................... 15
Bedieningspaneel Infotainment ......8
Bediening van het menu ...............21
Begeleiding .................................. 75
Beltoon ......................................... 92
Bestandsindelingen Audiobestanden ........................55
Filmbestanden........................... 55
Bluetooth-muziek ..........................55
Bluetooth-verbinding ....................89
C Categorielijst ................................. 46
CD-speler ..................................... 52
CD-speler activeren ......................53
Contacten ............................... 32, 70
Aanpassen ................................ 32
Opslaan ..................................... 32
Opvragen .................................. 32
D
DAB .............................................. 49
DAB-koppeling.............................. 49Datum ........................................... 41
Diakritische tekens .......................24
Digital Audio Broadcasting ...........49
Displaymodus ............................... 41
Displays ........................................ 14
Bestuurdersinformatiecentrum ..14
Middendisplay ........................... 14
Door de pagina's bladeren .....15, 21
Door lijsten bladeren..................... 15
E Een schermtoets activeren ...........15
Een toepassing starten .................21
EQ ................................................ 40
Equaliser....................................... 40
F
Fabrieksinstellingen terugzetten ...41
Fader ............................................ 40
Favorieten..................................... 27 Clusterdisplay............................ 27
Naam wijzigen ........................... 27
Opslaan ..................................... 27
Opvragen .................................. 27
Weergave .................................. 27
Wissen ...................................... 27
Favorieten opslaan .......................27
Favorieten opvragen ....................27
Favorieten weergeven ..................27
Filmbestanden .............................. 55Films............................................. 60
Films afspelen .............................. 60
Frequentiebereikmenu's ...............47
Frequentielijst ............................... 46
G Gebruik ....................... 12, 46, 53, 63
AUX ........................................... 58
Bedieningselementen van
infotainment............................... 15
Bluetooth-muziek ......................58
CD ............................................. 53
Displays..................................... 14 Infotainment-systeem ................12
Navigatiesysteem ......................63
SD-kaart .................................... 58
Telefoon .................................... 92
USB ..................................... 58, 60
Geluidsinstellingen .......................40
H Het Infotainmentsysteem activeren.................................... 12
Het navigatiesysteem activeren ...63
Home-toets ............................. 15, 21
I
Infotainmentsysteem inschakelen 12
Intellitext ....................................... 49

107
SSchermtoets OVERZICHT............ 63
Schermtoets RESET ....................63
SD-kaart ....................................... 55
SD-kaart activeren ........................58
Selectie van frequentiebereik .......46
Spraakherkenning ........................81
Startscherm .................................. 21
Stemherkenning ........................... 81
Streaming audio via Bluetooth activeren.................................... 58
Surround ....................................... 40
Surround system .......................... 40
Systeeminstellingen...................... 41 Beeldscherm ............................. 41
Fabrieksinstellingen terugzetten 41
Taal ........................................... 41
Touchpad .................................. 41
Tijd en datum ............................ 41
Valetmodus ............................... 41
T
TA ................................................. 48
Taal............................................... 41
Tekstberichten .............................. 95
Telefoon Beltoon ...................................... 92
Bluetooth ................................... 88
Bluetooth-verbinding .................89Contacten.................................. 32
Favorieten ................................. 27
Handsfree-modus...................... 92
Noodoproepen .......................... 91
Recente oproepen ....................92
Tekstberichten........................... 95
Telefoonboek ...................... 32, 92
Telefoonboek .......................... 32, 92
Telefoongesprek Afwijzen ..................................... 92
Initiëren ..................................... 92
Opnemen .................................. 92
Telefoonportal activeren ...............92
TMC-stations (verkeersinforma‐ tiekanalen)................................. 61
Toepassingenbalk ........................21
Toetsenblok .................................. 24
Toetsenbord Alfabetisch toetsenbord ............24
Toetsenbord symbolen .............24
Toetsenborden ............................. 24
Touchpad................................ 15, 41 Bladeren .................................... 41
TP ................................................. 48
Treble ........................................... 40
Trip met routepunten ....................70
Tijd ................................................ 41U
USB .............................................. 55
USB activeren......................... 58, 60
V Valetmodus Ontgrendelen ............................ 41
Vergrendelen ............................ 41
Veelgestelde vragen ...................100
Verkeersincidenten .......................75
Verkeersinformatie .......................48
Volume Audible Touch Feedback ..........41
Automatisch volume ..................41
Maximaal inschakelvolume .......41
Stiltefunctie................................ 12
Volume instellen ........................12
Volume van geluidsindicaties ....41
Volume-instellingen ......................41
Volume van geluidsindicaties .......41
Vijfstandenknop ............................ 15
Z
Zenderlijst ..................................... 46
Zender zoeken.............................. 46

110InleidingInleidingAlgemene aanwijzingen.............110
Antidiefstalfunctie ......................111
Overzicht bedieningselementen 112
Gebruik ...................................... 115Algemene aanwijzingen
Het infotainmentsysteem biedt u eer‐
steklas infotainment voor in uw auto.
Met de FM-, AM-, of DAB-radiofunc‐
ties kunt u op diverse favorietenpagi‐
na's een groot aantal zenders op‐
slaan.
U kunt externe gegevensopslagappa‐ raten als alternatieve audiobron op
het Infotainmentsysteem aansluiten,
bv. een iPod, USB-apparaten of an‐
dere randapparatuur; via een kabel of
via Bluetooth.
Het digitale geluidssysteem heeft di‐
verse vooraf ingestelde equaliser-
modi, waarmee u het geluid kunt op‐
timaliseren.
Ook is het Infotainmentsysteem uit‐
gevoerd met een Telefoonportaal waarmee u uw mobiele telefoon com‐
fortabel in de auto kunt gebruiken.
Daarnaast kan het Infotainmentsys‐ teem worden bediend met behulp van het bedieningspaneel of de knoppenop het stuur.Let op
Deze handleiding beschrijft alle voor
de diverse Infotainmentsystemen
beschikbare opties en functies. Be‐
paalde beschrijvingen, zoals die
voor display- en menufuncties, gel‐
den vanwege de modelvariant,
landspecifieke uitvoeringen, speci‐
ale uitrusting en toebehoren wellicht niet voor uw auto.
Belangrijke informatie over de
bediening en de
verkeersveiligheid9 Waarschuwing
Rijd altijd veilig wanneer u het in‐
fotainment-systeem gebruikt.
Stop bij twijfel de auto voordat u het infotainment-systeem bedient.
9 Waarschuwing
In sommige gebieden zijn eenrich‐
tingsstraten en andere wegen en
inritten (bijv. voetgangerszones) waar u niet mag inrijden niet op de

116Inleiding
Volume instellen
Draai aan m. De actuele instelling
wordt weergegeven op het display.
Bij het inschakelen van het Infotain‐
mentsysteem wordt automatisch het
laatst geselecteerde volume inge‐
steld, mits dit het maximale inscha‐
kelvolume niet overschrijdt 3 119.
Voor snelheid gecompenseerd
volume
Na inschakeling van het voor snel‐
heid gecompenseerd volume 3 119
wordt het volume automatisch zoda‐
nig aangepast dat er geen geluid van het wegdek of van de wind hoorbaar
is.
Stiltefunctie
Druk op m voor het dempen van de
audiobronnen.
Draai aan m om de mute-functie te
annuleren.Bedieningsmodi
Radio
Druk op RADIO om het radiohoofd‐
menu te openen of te wisselen tussen de verschillende golfbereiken.
Voor een gedetailleerde beschrijving
van de radiofuncties 3 123.
CD-speler
Druk herhaaldelijk op MEDIA om de
cd-speler te activeren.
Voor een gedetailleerde beschrijving
van de functies van de cd-speler
3 130.
Externe apparaten
Druk herhaaldelijk op MEDIA om de
afspeelmodus van een verbonden ex‐
tern apparaat (bijv. USB-apparaat,
iPod of smartphone) te activeren.
Voor een gedetailleerde beschrijving
over het aansluiten en bedienen van externe apparaten 3 133.
Telefoon
Druk op ; om het Startscherm weer
te geven.Selecteer TEL. om een Bluetooth-
verbinding tussen het Infotainment‐
systeem en een mobiele telefoon tot
stand te brengen.
Bij het tot stand brengen van een ver‐
binding verschijnt het hoofdmenu van de telefoonmodus.
Voor een gedetailleerde beschrijving
van de werking van de mobiele tele‐
foon via het Infotainmentsysteem
3 141.
Als er geen verbinding tot stand kan
worden gebracht, verschijnt er een
bericht met die strekking. Voor een
gedetailleerde beschrijving van het
opzetten en het tot stand brengen van
een Bluetooth-verbinding tussen het
Infotainmentsysteem en een mobiele
telefoon 3 138.

Externe apparaten133Externe apparatenAlgemene informatie..................133
Audio afspelen ........................... 135Algemene informatie
Onder het armsteun in de midden‐
console bevinden zich een AUX- en
USB-poort en een SD-kaartsleuf voor het aansluiten van externe appara‐
tuur. Een gedetailleerde beschrijving
over het openen van de armsteun
vindt u in de Gebruikershandleiding.
Let op
Houd de aansluitingen altijd schoon
en droog.
AUX-ingang
U kunt bijvoorbeeld een iPod, smart‐ phone of een ander randapparaat op
de AUX-ingang aansluiten.
Na het aansluiten op de AUX-ingang
wordt het audiosignaal van het rand‐
apparaat via de luidsprekers van het
Infotainmentsysteem verzonden.
Het volume en de geluidsinstellingen
kunnen via het Infotainmentsysteem
worden aangepast. Alle andere be‐
dieningsfuncties werken via het rand‐
apparaat.
Een apparaat aansluiten/loskoppelen Gebruik de volgende kabel om het
randapparaat op de AUX-ingang van
het Infotainmentsysteem aan te slui‐
ten:
3-polig voor audiobron.
Ontkoppel het AUX-apparaat door
een andere functie te selecteren en
dan het AUX-apparaat te verwijderen.
Audiofunctie AUX
Het Infotainmentsysteem kan mu‐
ziekbestanden op externe apparatuur
afspelen, bv. op een iPod of Smart‐
phone.