
4115
Kenmerken van uw auto
Controlelampje DownhillBrake Control (DBC)(indien van toepassing)
Dit lampje gaat branden:
Als het contact of de toets ENGINE START/STOP in de stand ON wordt
gezet.
- Het lampje blijft ongeveer 3 secondenbranden en gaat dan uit.
Als u het DBC-systeem inschakelt door op de toets DBC te drukken.
Dit lampje knippert:
Als het DBC-systeem in werking is.
Dit lampje gaat geel branden:
In het geval van een storing in het DBC-systeem.
In dat geval adviseren we u de auto te laten controleren door een officiële
HYUNDAI-dealer.
Zie voor meer informatie "Downhill Brake Control (DBC)" in hoofdstuk 5.
Hoofdwaarschuwingslampje
Dit controlelampje gaat branden:
In geval van een storing in een van de onderstaande systemen.
- Laag ruitensproeiervloeistofniveau
(indien van toepassing)
- Storing in Blind Spot Detection (BSD) (indien van toepassing)
- Storing in Lane Departure Warning- systeem (LDWS) (indien van toepassing)
- Bandenspanningscontrolesysteem (TPMS, indien van toepassing)
- Onderhoudsherinnering, enzovoorts.
Kijk op het LCD-display voor meer
informatie over de waarschuwing.

Kenmerken van uw auto
346
4
BIJLAGE
Naam Beschrijving
12hr 12 uur
24hr24 uur
AST(A.Store) AUTOMATISCH OPSLAAN AMA AM-RADIO
(AUTOMATISCH OPSLAAN)
FMA FM-RADIO
(AUTOMATISCH OPSLAAN)
AUXExterne audiomodus
BASS BASS
TREBLE TREBLE
BT Bluetooth
PRESET VOORKEUZETOETS
RDS Search Zoeken met Radio Data System
TAVerkeersinformatie
Radio Radio
FM/AM/USB FM/AM/USB
MaxMaximum
MinMinimum
LowLaag
MidMidden
On Aan
Off Uit
PowerBass PowerBass
Setting Instelling
OKOK
MENU MENU
PowerTreble PowerTreble
Naam Beschrijving
SDVC Speed Dependent
Volume Control
Setup Instellen
CURRENT HUIDIG
Current/Total Huidig/totaal
DEVICE NAME APPARAATNAAM
NAME NAAM
NAME HERE NAAM HIER
NUMBER NUMMER
PHONE NAME NAAM TELEFOON
Received Date Ontvangstdatum
Received Ontvangen bericht
Message
Received Time Ontvangsttijd
TIME TIJD
AST AUTOMATISCH OPSLAAN
AMAM-RADIO
CDCOMPACT DISC
FM FM-RADIO
(AUTOMATISCH OPSLAAN)
L=RLINKS=RECHTS
Middle Midden
My Music Mijn muziek
Track Muziekstuk
USB USB
Phone Telefoon
Engineering Mode T echniekmodus
SEEK ZOEKEN
IconIcoon

Rijden met uw auto
Vóór het rijden . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5-4
Standen contactslot . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5-6
Toets engine start/stop . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5-10
Handgeschakelde transmissie . . . . . . . . . . . . . . . . 5-17
Automatische transmissie . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5-21 . . . . . . . . . . . . . 5-21
Vierwielaandrijving (4WD) . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5-28
Flex-stuurwiel . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5-36
Rijmodusregelsysteem . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5-38
Remsysteem. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5-40 . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5-40
. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5-42
. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5-51
. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5-54
. . . . . . . . . . 5-56
. . . . . . . . . . . . 5-60
. . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5-61
. . . . . . . . . . . . . . . . . 5-61
. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5-62
. . . . . . . . . . . . . . . . . 5-62 Autonomous emergency braking (AEB) . . . . . . . 5-66
Cruise control-systeem. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5-76
Snelheidslimietregelsysteem . . . . . . . . . . . . . . . . . 5-81
Blind spot detection-systeem (BSD) . . . . . . . . . . . 5-85
LCA (Lane change assist) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5-86
. . . . . . . . . . . . . . . . . 5-89
Lane departure warning system (LDWS) . . . . . . 5-93
ISG-systeem (idle stop & go). . . . . . . . . . . . . . . . . 5-97
Actief ECO-systeem . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5-103
Brandstofbesparing . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5-104
Rijden onder speciale rijomstandigheden . . . . . 5-106 . . . . . . . . 5-106
. . . . . . . . . 5-107
. . . . . . . . . . . . . . . . . . 5-108
. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5-109
. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5-109
. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5-110
. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5-110
. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5-110
Rijden in de winter. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5-112
5

Rijden met uw auto
10
5
Verlichte toets Engine Start/Stop
Wanneer het voorportier wordt geopend,
gaat de verlichting van de toets Engine
Start/Stop branden. De verlichting gaat
ongeveer 30 seconden nadat het portier
gesloten is uit. De verlichting gaat ook
direct uit wanneer het antidiefstal-
systeem geactiveerd wordt. Positie van de toets Engine
Start/Stop
OFF
Met handgeschakelde transmissie
Om de motor (stand START/RUN) of het
contact (stand ON) uit te schakelen
brengt u de auto tot stilstand en drukt u
op de toets Engine Start/Stop.
Met automatische transmissie
Druk de toets Engine Start/Stop in terwijl de selectiehendel in stand P staat om de
motor (stand START/RUN) of het contact
(stand ON) uit te zetten. Wanneer U de
toets Engine Start/Stop indrukt en deselectiehendel niet in stand P staat, zal
de toets Engine Start/Stop niet naar
stand OFF gaan, maar naar stand ACC.Auto's met stuurslot
Het stuurwiel wordt ook vergrendeld
wanneer de toets Engine Start/Stop instand OFF staat, om de auto tegen
diefstal te beveiligen. Het wordt
vergrendeld wanneer het portier wordtgeopend.
Als het stuurwiel niet correct vergrendeld
is wanneer u het bestuurdersportier
opent, zal er een waarschuwingszoemer
klinken. Probeer het stuurwiel opnieuw te
vergrendelen. We adviseren u hetsysteem te laten controleren door een
officiële HYUNDAI-dealer als het
probleem niet verholpen is.
Als de toets Engine Start/Stop in stand
OFF staat wanneer het bestuurders-
portier wordt geopend, zal het stuurwiel
niet worden vergrendeld en klinkt de
waarschuwingszoemer. Sluit in dat geval
het portier. Het stuurwiel zal dan worden
vergrendeld en de waarschuwings-
zoemer stopt.
✽✽
AANWIJZING
Als het stuurwiel niet correct wordt
ontgrendeld, zal de toets Engine
Start/Stop niet werken. Druk de toets
Engine Start/Stop in terwijl u het
stuurwiel naar rechts en naar links
draait.
TOETS ENGINE START/STOP (INDIEN VAN TOEPASSING)
Wit
ODM052006

511
Rijden met uw auto
✽✽
AANWIJZING
U kunt de motor (START/RUN) of het
contact (ON) alleen uitschakelen
wanneer de auto stilstaat.ACC (Accessoires)
Met handgeschakelde transmissie
Druk de toets Engine Start/Stop als deze
in stand OFF staat in zonder het
koppelingspedaal in te trappen.
Met automatische transmissie
Druk de toets Engine Start/Stop als deze
in stand OFF staat in zonder het
rempedaal in te trappen.
Het stuurwiel wordt ontgrendeld en de
elektrische accessoires kunnen bediend
worden.
Als de toets Engine Start/Stop langer
dan 1 uur in stand ACC staat, wordt de
toets automatisch uitgeschakeld om te
voorkomen dat de accu leegraakt.
ON
Met handgeschakelde transmissie
Druk de toets Engine Start/Stop als deze
in stand ACC staat in zonder het
koppelingspedaal in te trappen.
Met automatische transmissie
Druk de toets Engine Start/Stop als deze
in stand ACC staat in zonder het
rempedaal in te trappen.
Voordat de motor wordt gestart, gaan de
waarschuwingslampjes ter controle
branden. Laat de toets Engine Start/Stop
niet lang in stand ON staan. De batterij
kan leegraken, omdat de motor
uitgeschakeld is.
OPMERKING
In een noodsituatie kunt u, terwijl de auto rijdt, de motor uitschakelenen het contact in stand ACC draaiendoor de toets Engine Start/Stop
langer dan 2 seconden ingedrukt tehouden of 3 keer na elkaar in tedrukken binnen 3 seconden. Als de auto nog rijdt, kunt u de motor
opnieuw starten zonder dat u het rempedaal ingetrapt houdt door detoets Engine Start/Stop in tedrukken met de selectiehendel in
stand N (vrijstand).
OranjeBlauw

Rijden met uw auto
12
5
START/RUN
Met handgeschakelde transmissie
Om de motor te starten trapt u het
koppelingspedaal en het rempedaal in en
drukt u de toets Engine Start/Stop in met
de selectiehendel in stand N (vrijstand).
Met automatische transmissie
Om de motor te starten trapt u het
rempedaal in drukt u de toets Engine
Start/Stop in met de selectiehendel in
stand P (parkeren) of N (vrijstand). Start
de motor, voor uw eigen veiligheid, met
de selectiehendel in stand P (parkeren).
✽✽
AANWIJZING
Als u de toets Engine Start/Stop indrukt
zonder het koppelingspedaal
(handgeschakelde transmissies) of
zonder het rempedaal (automatische
transmissies) in te trappen, zal de motor
zal niet aanslaan. De stand van de toets
Engine Start/Stop verandert dan als
volgt:
OFF ➔
➔
ACC ➔➔
ON ➔➔
OFF of ACC
✽
✽
AANWIJZING
Als u de toets Engine Start/Stop lang in
stand ACC of ON laat staan, zal de accu
ontladen raken.
WAARSCHUWING
Druk de toets Engine Start/Stop nooit in terwijl de auto rijdt.
Hierdoor kunt u de controle over
de auto verliezen en neemt de
remkracht af, wat tot een ongevalkan leiden.
Het stuurslot dient niet ter vervanging van de parkeerrem.
Controleer altijd of stand P is
ingeschakeld, trek de parkeerrem
volledig aan en zet de motor uit
voordat u de auto verlaat. Als
deze voorzorgsmaatregelen niet
worden opgevolgd, kan de auto
onverwacht en plotseling in
beweging komen.
(Vervolg)
Niet verlicht

513
Rijden met uw auto
Starten van de motor✽✽AANWIJZING
- Kickdown-mechanisme
(indien van toepassing)
Het kickdown-mechanisme in het
gaspedaal voorkomt dat er onbedoeld
met volgas wordt gereden door het
gaspedaal extra weerstand te geven. Als
het gaspedaal echter voor meer dan
80% wordt ingetrapt, wordt er mogelijk
al met volgas gereden en zal het
gemakkelijker zijn om het pedaal
verder in te trappen. Dit duidt niet op
een storing.(Vervolg)
Steek nooit tijdens het rijden uw hand door het stuurwiel om de
toets Engine Start/Stop of andere
bedieningsorganen te bedienen.
Hierdoor kunt u de controle over
de auto verliezen, wat kan leiden
tot een ongeval en ernstig letsel.
Plaats geen losse voorwerpen rondom de bestuurdersstoel.
Deze kunnen tijdens het rijden
gaan bewegen en de bestuurder
hinderen, wat kan leiden tot een
ongeval.
WAARSCHUWING
Draag altijd geschikte schoenen tijdens het rijden. Ongeschikte
schoenen (hoge hakken,
skischoenen, enz.) kunnen het
bedienen van het rempedaal, hetgaspedaal en het
koppelingspedaal.
Start de auto niet terwijl het gaspedaal wordt ingetrapt. De
auto kan in beweging komen, wat
kan leiden tot een ongeval.
Wacht totdat het motortoerental normaal is. De auto kan
plotseling in beweging komen als
het rempedaal wordt losgelatenbij een hoog toerental.

Rijden met uw auto
14
5
Starten van de benzinemotor
1. Zorg ervoor dat u de Smart Key bij u
hebt of laat deze in de auto.
2. Controleer of de parkeerrem goed is geactiveerd.
3. Handgeschakelde transmissie - Tr a p
het koppelingspedaal volledig in en zet
de versnellingspook in de vrijstand.
Houd het koppelingspedaal en het
rempedaal ingetrapt terwijl u de motor
start.
Automatische transmissie - Zet de
selectiehendel in stand P. Trap het
rempedaal volledig in.
De motor kan ook worden gestart met de selectiehendel in stand N.
4. Druk de toets Engine Start/Stop in.
Hij dient gestart te worden zonder het
gaspedaal in te trappen.
5. Breng de motor niet op bedrijfstemperatuur door hem
stationair te laten draaien. Ga rijden
met gematigde motortoerentallen.
(Vermijd krachtig accelereren endecelereren.)
Starten van de dieselmotor
Om de dieselmotor te starten bij koude
motor moet deze voorgegloeid worden
voordat de motor wordt gestart, en
vervolgens opgewarmd worden voordat
u gaat rijden.
1. Controleer of de parkeerrem isgeactiveerd.
2. Handgeschakelde transmissie - Tr a p
het koppelingspedaal volledig in en zet
de versnellingspook in de vrijstand.
Houd het koppelingspedaal en het
rempedaal ingetrapt terwijl u de toets
Engine Start/Stop in de stand START
drukt.
Automatische transmissie - Zet de
selectiehendel in stand P. Trap het
rempedaal volledig in.
De motor kan ook worden gestart met
de selectiehendel in stand N.
3. Druk de toets Engine Start/Stop in terwijl u het rempedaal ingetrapt houdt.
4. Houd het rempedaal ingetrapt totdat het controlelampje voorgloeien dooft.
(ongeveer 5 seconden)
5. De motor start wanneer het controle- lampje voorgloeien dooft.
✽✽ AANWIJZING
Als u de toets Engine Start/Stop
nogmaals indrukt terwijl de motor
voorgegloeid wordt, kan de motor
aanslaan.
W-60
Controlelampje voorgloeien