
Rijden met uw auto
106
5
Rijden onder moeilijke omstandigheden
Neem de volgende raadgevingen in acht
als ten gevolge van zware regenval,
sneeuw, ijzel, modder of zand het rijden
bemoeilijkt wordt:
Rijd voorzichtig en bewaar extra
afstand tot het overige verkeer.
Vermijd abrupt remmen of sturen.
Rem “pompend”als uw auto niet voorzien is van ABS.
Probeer weg te rijden in de tweede versnelling als de auto vastzit in
sneeuw, modder of zand. Geef
voorzichtig gas om te voorkomen datde wielen doorslippen.
Gebruik zand, pekel, sneeuwkettingen of ander anti-slipmateriaal onder de
aangedreven wielen als de auto vast is
komen te zitten in ijs, sneeuw of
modder. Verkleinen van de kans op over
de kop slaan
Dit type personenauto, dat geschikt is
voor meerdere doeleinden, wordt een
Sports Utility Vehicle (SUV) genoemd.
Een SUV heeft een grotere
bodemvrijheid en een kleinere
spoorbreedte voor een grotere
inzetbaarheid. Door het specifieke
ontwerp ligt het zwaartepunt hoger dan
bij normale auto's. Een voordeel van de
grotere bodemvrijheid is dat u een beter
overzicht over de weg hebt. Hierdoor
kunt u beter anticiperen. MPV's zijn niet
ontworpen voor dezelfde
bochtsnelheden als normale
personenauto's. Vanwege dit risico,
raden wij de bestuurder en passagiers
sterk aan om hun veiligheidsgordel vast
te maken. De kans dat een persoon die
zijn of haar veiligheidsgordel niet draagt
zeer ernstig gewond raakt als de auto
over de kop slaat, is aanmerkelijk groter
dan bij een persoon die wel zijn of haar
veiligheidsgordel draagt. Er zijn stappendie een bestuurder kan nemen om de
kans op over de kop slaan te verkleinen.
Voorkom indien mogelijk scherpe
bochten en abrupte stuurbewegingen,
vervoer nooit zware ladingen op het roof
rack en breng geen wijzigingen aan uwauto aan.
RIJDEN ONDER SPECIALE RIJOMSTANDIGHEDEN
WAARSCHUWING - Remsysteem met ABS
Rem niet “pompend” als uw auto is
uitgerust met ABS.
WAARSCHUWING
- Terugschakelen
Op een glad wegdek
terugschakelen bij een
automatische transmissie kan
ongelukken veroorzaken. Door de
plotselinge verandering inwielsnelheid kunnen de banden
slippen. Wees voorzichtig met het
terugschakelen op een gladwegdek.

Onderhoud
42
7
Band compact reservewiel vervangen
(indien van toepassing)
De levensduur van de band van een
compact reservewiel is korter dan
die van een conventionele band.
Vervang de band van het compacte
reservewiel als de slijtage-
indicatoren zichtbaar zijn. De nieuwe
band voor het compacte reservewiel
moet dezelfde maat hebben en van
hetzelfde type zijn als de
oorspronkelijke band, en dient op de
velg van het originele compacte
reservewiel te worden geplaatst. De
band voor het compacte reservewiel
is niet ontworpen voor normale
velgen, en de velg van het compacte
reservewiel is niet ontworpen voor
normale banden.
(Vervolg)
Zorg er bij het vervangen van
de wielen voor dat alle vier
wielen dezelfde velgmaat,
dezelfde bandenmaat, dezelfde
profieldikte en hetzelfde
draagvermogen hebben.
Gebruik ook altijd velgen en
banden van hetzelfde merk.
Als er andere bandengemonteerd worden, kunnen
de rijeigenschappen, het
comfort, de grondspeling, de
remweg, de speling tussen
band en wielkast, de speling
bij het gebruik van
sneeuwkettingen en de
betrouwbaarheid van desnelheidsmeter negatief
beïnvloed worden.
(Vervolg)
(Vervolg)
Het is het beste om alle vier debanden gelijktijdig te
vervangen. Vervang als dit niet
mogelijk of nodig is alleen de
twee voor- of achterbanden.
De rijeigenschappen van de
auto kunnen ernstig beïnvloed
worden wanneer slechts één
band wordt vervangen.
Het ABS vergelijkt de snelheidvan de wielen. De bandenmaat
heeft invloed op de snelheid
van de wielen. Zorg er bij het
vervangen van de banden
voor dat ze dezelfde maathebben als de originele
banden. Wanneer banden van
een ander formaat worden
gebruikt, werken het ABS
(antiblokkeersysteem) en het
ESC (voertuigstabiliteitsregeling)
(indien van toepassing)
mogelijk niet goed meer.

Onderhoud
60
7
Naam zekeringSymboolStroomsterkte
zekeringBeveiligd onderdeel
MULTI-
ZEKERING
MDPS80AMDPS-unit
B+260AIntelligent verbindingsblok (IPS 1 (4CH), IPS 2 (1CH), IPS 5 (1CH),
zekering - F31/F36/F41/F45)
BLOWER40ARelais 4 (aanjagerrelais)
RR HTD40ARelais 12 (relais achterruitverwarming)
ABS140AABS-module, ESC-module, multifunctionele servicestekker
ABS240AABS-module, ESC-module
C/FAN60ABehalve Europa - relais 6 (relais koelventilator (lage snelheid)),
relais 10 (relais koelventilator (hoge snelheid))
B+360AIntelligent verbindingsblok
(zekering - F4/F5/F10/F21/F26, automatische lekstroomonderbreking)
ZEKERING
B+450AIntelligent verbindingsblok
(IPS 3 (4CH), IPS 4 (2CH), IPS 6 (2CH), zekering - F35/F38/F40/F44)
EMS40AEMS-kast
C/FAN50ABehalve Europa - relais 6 (relais koelventilator (lage snelheid)),
relais 10 (relais koelventilator (hoge snelheid))
IG140AContactslot (zonder Smart Key), relais 7/8 (relais ACC/IG1, met Smart Key)
IG240AContactslot (zonder Smart Key), relais 2 (startrelais)/relais 9 (relais IG2)
TRAILER30AAanhangerverlichting & 12V-aansluiting

Onderhoud
62
7
Naam zekeringSymboolStroomsterkte
zekeringBeveiligd onderdeel
ZEKERING
TRAILER 115AAanhangerverlichting & 12V-aansluiting
WIPER10ABCM, PCM/motor-ECU
WIPER FRT25ARelais 5 (relais ruitenwissers voor (lage snelheid)),
ruitenwissermotor voor
B/UP LAMP10A
MT - schakelaar achteruitrijlicht,
AT - achterlichtunit (binnenzijde) links/rechts, elektrochromatische
binnenspiegel, aanhangerverlichting & 12V-aansluiting,
hoofdunit A/V- en navigatiesysteem
ABS37.5AABS-module, ESC-module
SENSOR57.5APCM/motor-ECU, MAF-sensor
TCU15ATransmissie-ECU (diesel), transmissiestandschakelaar
F/PUMP15ABrandstofpomprelais
ECU115AG4KE/G4KJ/G6DF: PCM
D4HA/D4HB (VGT Regular Engine-pakket): transmissie-ECU (AT)
ECU210AD4HA/D4HB : Elektronische VGT-servo
SENSOR310A
G4KE: Injector #1/#2/#3/#4
G6DF: PCM, Injector #1/#2/#3/#4/#5/#6, brandstofpomprelais
D4HA/D4HB (VGT Regular Engine-pakket): Lambdasensor,
remlichtschakelaar
D4HA (VGT Low Power Engine-pakket): Lambdasensor

Onderhoud
90
7
Reservoir
De brandstofdampen die vrijkomen in de
brandstoftank worden geabsorbeerd en
opgeslagen in een reservoir. Als de
motor draait worden de opgeslagen
brandstofdampen via de magneetklep
dampafvoer naar het inlaatsysteem
gevoerd.
Magneetklep dampafvoer
(PCSV - Purge Control Solenoid valve)
De magneetklep dampafvoer wordt
aangestuurd door de motor-ECU; als de
koelvloeistoftemperatuur laag is bij
stationair draaien, is de PCSV gesloten
en wordt de verdampte brandstof niet
naar de motor toegevoerd. Als de motor
op bedrijfstemperatuur is, wordt tijdens
normaal rijden de verdampte brandstofvia de geopende PCSV naar de motor
gevoerd. 3. Emissieregelsysteem Het emissieregelsysteem is een uiterst
effectief systeem dat de uitstoot van
schadelijke stoffen tot een minimum
beperkt zonder dat dit ten koste gaat van
de prestaties.
Aanpassingen aan de auto
Er mogen geen aanpassingen aan deze
auto worden gedaan. Door
aanpassingen kunnen de prestaties, de
veiligheid of de levensduur van uw auto
beïnvloed worden. Aanpassingen
kunnen zelfs in strijd zijn met
overheidsbepalingen en
milieuvoorschriften.
Daarnaast kunnen schade of problemen
met de prestaties als gevolg vanaanpassingen mogelijk niet onder de
garantie vallen.
Als u niet-toegestane elektronische
apparaten gebruikt, kan de auto zich
abnormaal gedragen, kan schade aan
de bedrading ontstaan, raakt de accumogelijk ontladen of is er kans op
brand. Gebruik voor uw eigen
veiligheid geen niet-toegestane
elektronische apparaten.
Voorzorgsmaatregelen met
betrekking tot uitlaatgassen (koolmonoxide)
Koolmonoxide kan samen met andere uitlaatgassen aanwezig zijn. Laat het
uitlaatsysteem van uw auto directcontroleren en indien nodig repareren
indien u in het interieur uitlaatgas ruikt.Rijd niet met de auto als u in het
interieur uitlaatgassen ruikt, maar als
het niet anders kan, rijd dan met alle
ruiten volledig geopend. Laat uw autoonmiddellijk controleren en repareren.
WAARSCHUWING - Uitlaatgas
Uitlaatgassen bevatten onder
andere het reukloze en kleurloze
gas koolmonoxide (CO) dat bijinademing dodelijk kan zijn.
Hoewel het kleurloos en reukloos
is, is het gevaarlijk en kan het bij
inademing dodelijk zijn. Neem de
volgende aanwijzingen in acht ter
voorkoming van
koolmonoxidevergiftiging.

Index
2
I
Aanbevolen smeermiddelen en hoeveelheden ·················8-7
Aanduwen of aanslepen ···················································6-7
Aansteker ·····································································4-202
Aanvullend veiligheidssysteem ·····································3-51
Aanvullende voorzorgsmaatregelen met betrekking tot de veiligheid ····································3-75
Airbags bestuurder en voorpassagier ························3-60
Curtain airbag ····························································3-66
Monteren van accessoires of modificaties aan uw met een airbag uitgeruste auto ································3-76
Onderdelen en functies aanvullend veiligheidssysteem ··················································3-57
Onderhoud aanvullend veiligheidssysteem ···············3-73Installeer geen kinderzitje op de voorpassagiersstoel ·················································3-54
Waarschuwings- en controlelampje airbag ···············3-55
Waarschuwingslabel airbags ·····································3-76
Zijairbag ····································································3-65
AC Inverter ··································································4-206
Accu ···············································································7-32
Achterklep······································································4-25
Achterruitverwarming ··················································4-166
Achteruitrijcamera ·······················································4-129
Actief ECO-systeem ····················································5-103
Actieve motorkap ···························································3-77
Adaptive Front Lighting System (AFLS) ····················4-155
Afmetingen ······································································8-2 Afneembare trekhaak ·····················································6-37
Afstellen van de achterbank ··········································3-16
Afstellen van voorstoel - elektrisch ·································3-6
Afstellen van voorstoel - handmatig································3-4
Airbags bestuurder en voorpassagier·····························3-60Airconditioning 3
e
zitrij ···································4-173, 4-188
Alarmknipperlichten ····················································4-145
Als de motor niet gestart kan worden······························6-4
Als de motor niet of langzaam ronddraait ··················6-4
Als de motor normaal ronddraait maar niet aanslaat ··6-4
Als de motor oververhit raakt ··········································6-8
Antenne ········································································4-215
Antiblokkeersysteem (ABS) ··········································5-54
Antidiefstalsysteem························································4-17Armsteun (2 e
zitrij) ························································3-24
Asbak ···········································································4-202
Audiosysteem·······························································4-215
Antenne ···································································4-215
Toetsen afstandsbediening audiosysteem················4-216
Automatisch uitschakelen interieurverlichting ············4-161
Automatisch verwarmings- en ventilatiesysteem ········4-179
Airconditioning 3 e
zitrij ··········································4-188
Automatische verwarming en airconditioning ········4-181
Handmatig bediende verwarming en airconditioning ······················································4-182
Interieurfilter ···························································4-191
Sticker koudemiddel airconditioning ······················4-192
Automatische transmissie ··············································5-21
Autonomous emergency braking (AEB) ·······················5-66
Aux-, USB- en iPod ®
-aansluiting································4-208
A

I7
Index
Panoramadak ··································································4-48
Parkeerhulp ··································································4-119
Parkeerhulp achter ·······················································4-116
Parkeerrem ·····································································7-23
Portiersloten ···································································4-20
Kenmerken van de portiervergrendeling/-ontgrendeling ·························································4-23
Kinderslot achterportierslot·······································4-24
Supervergrendeling ···················································4-23
Van binnenuit ····························································4-21
Van buitenaf·······························································4-20
Portiervergrendeling met afstandsbediening ···················4-8
Rem-/koppelingsvloeistof ··············································7-20
Remsysteem ···································································5-40
Antiblokkeersysteem (ABS) ·····································5-54
Auto hold···································································5-51
Downhill Brake Control (DBC) ································5-62
Elektrische parkeerrem (EPB)···································5-44
Elektronische stabiliteitsregeling (ESC) ···················5-56
Hill-start Assist Control (HAC) ································5-61
Noodstopsignaal (ESS) ·············································5-62
Parkeerrem·································································5-42
Rembekrachtiging ·····················································5-40 Trailer Stability Assist (TSA)····································5-61
Vehicle Stability Management (VSM) ······················5-60
Retourneren van gebruikte auto's ····································1-7
Richtingaanwijzers·······················································4-151
Rijden in de winter ······················································5-112
Rijden met een aanhanger ···········································5-117
Rijden onder speciale rijomstandigheden····················5-106 Doorwaden van water··············································5-110
Op eigen kracht lostrekken van de auto ··················5-107
Rijden in de regen ···················································5-109
Rijden in het donker ················································5-109
Rijden in het terrain ················································5-110
Rijden met hoge snelheden ·····································5-110
Rijden onder moeilijke omstandigheden·················5-106
Verkleinen van de kans op over de kop slaan ·········5-106
Vloeiend nemen van bochten ··································5-108
Rolgordijn opzij ···························································4-212
Rolhoes bagageruimte ·················································4-210
Roof rack ·····································································4-213
Ruiten ·············································································4-38
Ruitensproeiers voorruit ··············································4-158
Ruitensproeiervloeistof ··················································7-22
Ruitenwisserbladen ························································7-29
Ruitenwissers en ruitensproeiers ·································4-156
Ruitensproeiers voorruit ··········································4-158
Ruitenwissers voor ··················································4-157
Schakelaar achterruitenwisser en -sproeier ·············4-160
Ruitenwissers voor·······················································4-157
P
R