Page 437 of 670

4185
Kenmerken van uw auto
Aux-, USB- en iPod-aansluiting
(indien van toepassing)
Als uw auto is uitgerust met een AUX- aansluiting, een USB-aansluiting
(Universal Serial Bus) en/of een iPod-
aansluiting kunt u deze aansluitingen
gebruiken voor het aansluiten van
respectievelijk een extern audioapparaat,
een apparaat met een USB-kabel of een
USB-stick en een iPod.✽✽AANWIJZING
Als er een draagbaar audioapparaat op de elektrische aansluiting wordt
aangesloten, is er tijdens het afspelen
mogelijk ruis hoorbaar. Gebruik in dat
geval de voedingsbron van het
draagbare apparaat.
❈ iPod®is een handelsmerk van Apple Inc.
ODM042329
(Vervolg)
Sluit geen defecte elektrische accessoires of apparaten aan.Anders kunnen de AC-omvormeren de elektrische systemen van
de auto beschadigd raken.
Gebruik niet meer dan één elektrisch accessoire of apparaattegelijk. Anders kunnen de
elektrische systemen van de autobeschadigd raken.
Als de ingangsspanning lager is dan 11 V, knippert de led van deaansluiting en wordt de AC-
omvormer automatischuitgeschakeld. Als deingangsspanning weer normaalis, wordt de AC-omvormer weer
ingeschakeld.
Page 485 of 670

Kenmerken van uw auto
42
4
Resetten van het schuif- /kanteldak
U moet het schuif-/kanteldak als volgt
resetten wanneer de accu losgenomen
of ontladen is geweest:
1. Zet het contact in stand ON.
2. Het sluiten van het zonnescherm en
het schuif-/kanteldak als deze geheel geopend zijn.
3. Laat de hendel van het schuif- /kanteldak los.
4. Duw de hendel van het schuif- /kanteldak naar voren in de richting
van sluiten (ongeveer 10 seconden) tot
het schuif-/kanteldak iets beweegt.
Laat de hendel dan los.
5. Druk de de bedieningshendel van het schuif-/kanteldak naar voren in de
richting sluiten totdat het schuif-
/kanteldak als volgt werkt:
Openschuiven van het zonnescherm en het glaspaneel
Dichtschuiven
van het glaspaneel Sluiten van het
zonnescherm
Laat de hendel dan los.
Hierna is het schuif-/kanteldak gereset.✽✽ AANWIJZING
Als het schuif-/kanteldak niet wordt
gereset, werkt het mogelijk niet goed.WAARSCHUWING
- Schuif-/kanteldak
Zorg ervoor dat er geen hoofden, handen of andere lichaamsdelen
tussen het schuif-/kanteldak en
de carrosserie bekneld kunnen
raken als het schuif-/kanteldak
gesloten wordt.
Steek tijdens het rijden de armen, het hoofd of andere
lichaamsdelen niet buiten deauto.
Zorg ervoor dat de handen en het hoofd zich op een veilige afstand
van het schuif-/kanteldak
bevinden, alvorens het schuif-/kanteldak te sluiten.
OPMERKING
Verwijder van tijd tot tijd het vuil
dat zich verzameld heeft op de
geleiderail.
Wanneer u het schuif-/kanteldak probeert te openen bij tempera-turen onder het vriespunt, of als het dak bedekt is met sneeuw of
ijs, kan het glaspaneel of demotor beschadigd raken.
Page 492 of 670

449
Kenmerken van uw auto
Binnenspiegel
Stel de binnenspiegel zo af dat u in het
midden van de spiegel het midden van
de achterruit ziet. Stel de spiegel af
voordat u gaat rijden.Binnenspiegel met dag-/nachtstand(indien van toepassing)
Stel de spiegel af voordat u wegrijdt en
deze in de dag stand staat.
Trek de hendel onder aan de spiegel naar u toe om de spiegel in de
nachtstand te zetten om verblinding door
de koplampen van achteropkomend
verkeer te voorkomen.
Houd er rekening mee dat het beeld in de spiegel in de nachtstand minder duidelijkis dan in de dagstand.
Elektrochromatische binnenspiegel(ECM - Electric chromic mirror) (indien van toepassing)
De elektrochromatische binnenspiegel
voorkomt automatisch verblinding door
achteropkomend verkeer. De sensor in
de spiegel registreert de lichtinval en
absorbeert de weerspiegelingen van de
koplampen van achteropkomende auto's.
Zodra de motor draait, worden de lichtreflecties automatisch gedimd.
Als de selectiehendel in de R (achteruit)
stand wordt gezet, wordt debinnenspiegel in de helderste stand
gezet om het uitzicht naar achteren zo
duidelijk mogelijk te maken.
SPIEGELS
WAARSCHUWING
- Zicht naar achteren
Zorg er indien mogelijk voor dat het
uitzicht door de achterruit niet
belemmerd wordt.
OPMERKING
Gebruik voor het reinigen van de spiegel een papieren doekje of vergelijkbaar materiaal dat vochtigis gemaakt met glasreiniger. Spuit
niet direct glasreiniger op despiegel. Hierdoor kan erglasreiniger in de spiegel komen.
WAARSCHUWING
Probeer de achteruitkijkspiegel niet
te verstellen tijdens het rijden.
Hierdoor kunt u de controle over de
auto verliezen waardoor een
ongeluk met ernstig letsel of
schade het gevolg kan zijn.
WAARSCHUWING
Wijzig de binnenspiegel niet en
monteer geen grotere spiegel.
Hierdoor kan tijdens een ongeval of
bij het activeren van de airbagletsel ontstaan.
ODM042048Dagstand
Nachtstand
Page 496 of 670

453
Kenmerken van uw auto
Afstellen
Elektrisch
Met behulp van de schakelaar kunt u de
linker en rechter buitenspiegel elektrisch
verstellen. Zet de keuzeschakelaar (1) inde stand R (rechts) of L (links)
afhankelijk van de spiegel die u wilt
verstellen. Druk vervolgens op het
desbetreffende deel van de
bedieningsschakelaar om de spiegel
naar boven of naar beneden, naar links
of rechts te verstellen.
Zet de schakelaar na het verstellen terug
in het midden om te voorkomen dat de
spiegel onbedoeld wordt versteld.
OPMERKING
Gebruik geen krabber om despiegel ijsvrij te maken; hierdoor
kan het spiegelglas beschadigdraken. Forceer een bevroren spiegelniet tijdens het verstellen. Verwijder ijs met een ruitontdooier of met een
spons of zachte doek en heet water.
OPMERKING
Forceer de buitenspiegel niet alsdeze vastgevroren is. Spuit de
buitenspiegel indien nodig in metruitontdooier (gebruik geenkoelvloeistof) of zet de auto op een warme plaats om het ijs te laten
smelten.
WAARSCHUWING
Klap de buitenspiegels niet in en
verstel ze ook niet tijdens het
rijden. Hierdoor kunt u de controle
over de auto verliezen waardoor
een ongeluk met ernstig letsel of
schade het gevolg kan zijn.
OPMERKING
De spiegels stoppen hun beweging als de maximale
stelhoek bereikt is. De stelmotor blijft echter draaien zolang deschakelaar ingedrukt blijft. Houdde schakelaar niet langer
ingedrukt dan nodig om tevoorkomen dat de stelmotor beschadigd wordt.
Probeer de spiegels nooit met de hand te verstellen. Op die manierkan er schade ontstaan.
ODM042052
Page 497 of 670
Kenmerken van uw auto
54
4
Parkeerhulp bij achteruit inparkeren
(indien van toepassing)
Wanneer u de selectiehendel in de
achteruitversnelling (R) zet, bewegen de
buitenspiegels omlaag om het
inparkeren gemakkelijker te maken.
Afhankelijk van de stand van de
buitenspiegelschakelaar (1) bewegen de
buitenspiegels als volgt: Links of Rechts :
Als de schakelaar van
de spiegelbediening in destand L (links) of R (rechts)
staat, bewegen beide
buitenspiegels omlaag.
Neutraal : Als de schakelaar van despiegelbediening in de
neutrale (middelste) stand
staat, bewegen de
buitenspiegels niet.
✽✽
AANWIJZING
De buitenspiegels keren automatisch
terug naar hun oorspronkelijke positie
onder de volgende omstandigheden:
Page 507 of 670
Kenmerken van uw auto
64
4
Schakelstandindicator
Schakelstandindicator automatische
transmissie (indien van toepassing)
Deze indicator geeft weer welke stand
van de selectiehendel is geselecteerd.
Parkeerstand : P
Achteruit : R
Neutraalstand : N
Rijstand : D
Sportstand : 1, 2, 3, 4, 5, 6
Schakelstandindicatorhandgeschakelde transmissie (indien van toepassing)
Deze indicator geeft aan in welke
versnelling u het beste kunt rijden om
brandstof te besparen.
Opschakelen : ▲
2, ▲
3, ▲
4, ▲
5, ▲
6
Terugschakelen : ▼1,
▼2,
▼3,
▼4,
▼5 Bijvoorbeeld
: Geeft aan dat opschakelen naar de3 e
versnelling wenselijk is (de
selectiehendel staat in de 2 e
of 1e
versnelling).
: Geeft aan dat terugschakelen naar de 3 e
versnelling wenselijk is (de
selectiehendel staat in de 4 e
, 5 e
of
6 e
versnelling).
Als het systeem niet goed werkt, wordt
de indicator niet weergegeven.
ODMEDI2907/OVF041049
■
Type A
■Type B
ODMEDI2908/OVF041048
■
Type A
■Type B
Page 584 of 670
317
Veiligheidssysteem van uw auto
Neerklappen van de rugleuning achter:
1. Steek de gesp van deveiligheidsgordel achter in de opening
tussen de rugleuning en de zitting enplaats de gordel in de geleider om
beschadiging te voorkomen.
2. Zet de rugleuning zoveel mogelijk rechtop en schuif indien nodig de
voorste stoel naar voren.
3. Zet de hoofdsteunen achter in de laagste positie.■2e
zitrij
ODM032034/OXM039030/ODM032027/ODM032035
■3e
zitrij
Page 596 of 670

329
Veiligheidssysteem van uw auto
Driepuntsgordel
Vastmaken van uw gordel:
Trek de gordel uit de blokkeerautomaat en plaats de metalen gesp (1) in de
gordelsluiting (2). Wanneer de gesp in de
gordelsluiting vergrendelt, is een klik
hoorbaar.
De veiligheidsgordel kan zich alleen automatisch tot de juiste lengte oprollenals u eerst handmatig het heupgedeelte
van de gordel strak over uw heupen trekt.
Als u zich langzaam voorover beweegt,rolt de gordel af en heeft u een maximale
bewegingsruimte. Bij een noodstop of
een aanrijding echter zal de gordel
geblokkeerd worden. Daarnaast zal de
gordel blokkeren wanneer u te snel naar
voren buigt.
✽✽AANWIJZING
Als het u niet lukt om de veiligheidsgordel uit de
blokkeerautomaat te trekken, trek dankrachtig aan de gordel en laat dezevervolgens los. U kunt dan de gordel
gemakkelijk uittrekken.
Hoogteverstelling
U kunt de hoogte van het bovenste
bevestigingspunt in vier standen
afstellen voor maximaal comfort en een
maximale veiligheid. De gordel biedt geen optimale
bescherming als de veiligheidsgordel te
dicht langs de nek loopt. Het
schoudergedeelte van de gordel moet
zodanig zijn aangepast dat het over de
borst en het midden van de schouder
loopt, en nooit over de nek.
Verhoog of verlaag het bovenste
bevestigingspunt van de
veiligheidsgordel tot de juiste hoogte.B180A01NF
1
2OCM030026
Voorstoel