
Wij hebben uw auto ontworpen en gebouwd en kennen er dan ook werkelijk elk detail en onderdeel van.
In de erkende Alfa Romeo Service garagesbieden rechtstreeks door ons opgeleide technici u kwaliteit
en professionaliteit voor alle onderhoudswerken.
De Alfa Romeo garages staan altijd tot uw beschikking voor het periodieke onderhoud, de seizoenscontroles
en voor praktische adviezen door onze deskundigen.
Met de Originele Alfa Romeo-onderdelen behoudt u steeds de betrouwbaarheid,
het comfort en de prestaties van uw nieuwe wagen: daarvoor heeft u ook voor deze wagen gekozen.
Vraag altijd om Originele Onderdelen voor de componenten in onze auto's; wij bevelen u deze aan omdat ze het resultaat
zijn van ons engagement bij de research en de ontwikkeling van uiterst innovatieve technologieën.
Vertrouw daarom op Originele Onderdelen omdat zij alleen specifiek door Alfa Romeo
voor uw auto ontworpen zijn.
VEILIGHEID:
REMSYSTEEMECOLOGIE: ROETFILTERS,
ONDERHOUD AIRCONDITIONINGCOMFORT: WIELOPHANGING
EN RUITENWISSERS PERFORMANCE: BOUGIES,
INSPUITVENTIELEN EN ACCU'SLINEACCESSORI:
STANGEN IMPERIAAL, VELGEN
WAAROM KIEZEN VOOR
ORIGINELE ONDERDELEN
COP_Alfa MiTo NL 7-03-2012 13:23 Pagina 2

HET SYSTEEM HANDMATIG
INSCHAKELEN/UITSCHAKELENDruk op knop
fig. 79 op het dashboard naast het stuurwiel om het
systeem handmatig in of uit te schakelen.Als het systeem is uitgeschakeld, gaat het
lampje op het
instrumentenpaneel branden. Er worden, bij bepaalde versies/
markten, ook een bericht en een symbool weergegeven als het systeem
in- of uitgeschakeld wordt.
OMSTANDIGHEDEN WAARBIJ DE
MOTOR NIET WORDT AFGEZETBij ingeschakeld systeem wordt, om redenen van comfort,
emissiecontrole en veiligheid, de motor niet afgezet onder de volgende
omstandigheden:
❒nog koude motor;
❒buitengewoon lage buitentemperatuur;
❒onvoldoende acculading;
❒bezig met regeneratie van het roetfilter (DPF) (alleen bij
dieselmotoren);
❒bestuurdersportier niet gesloten;
❒veiligheidsgordel van de bestuurder niet omgelegd;
❒ingeschakelde achteruit (bijv. bij het parkeren);
❒bij versies met dual zone automatische klimaatregeling (voor
bepaalde versies/markten), wanneer een comfortabele temperatuur
in het interieur moet worden bereikt of bij ingeschakelde MAX-DEF
functie;
❒tijdens de inrijperiode, als het systeem wordt geïnitialiseerd.
fig. 78
A0J0279
fig. 79
A0J0247
111WEGWIJS IN UW
AUTOVEILIGHEID
STARTEN EN RIJDEN
NOODGEVALLEN
ONDERHOUD EN
ZORG
TECHNISCHE
GEGEVENS
ALFABETISCH
REGISTER
Als een comfortabele temperatuur prioritair is, dan kan het
Start&Stop-systeem worden uitgeschakeld zodat de
klimaatregeling kan blijven werken.

195WEGWIJS IN UW
AUTO
VEILIGHEID
STARTEN EN RIJDEN
NOODGEVALLENONDERHOUD EN
ZORGTECHNISCHE
GEGEVENS
ALFABETISCH
REGISTER
km x 100030 60 90 120 150 180
Maanden24 48 72 96 120 144
Klepspeling controleren en, indien nodig, afstellen (1.4 Benzine 8V 78 pk versies)●●●
Uitlaatgasemissie controleren.●●●●●●
Laadtoestand accu controleren en eventueel opladen●●●●●●
Motormanagementsystemen controleren (m.b.v. diagnosestekker)●●●●●●
De aandrijfriem(en) van hulporganen vervangen●
De getande distributieriem vervangen
(*)
●
Bougies vervangen
(**)
●●●●●●
Luchtfilterelement vervangen
(***)
●●●
Motorolie en oliefilter vervangen (of elke 24 maanden)
(****)
●●●●●●
Remvloeistof vervangen (of elke 24 maanden)●●●
Pollenfilter vervangen (of elke 12 maanden)●●●●●●
(*) Ongeacht de kilometerstand moet de distributieriem bij zware bedrijfsomstandigheden (koud klimaat, gebruik in de stad, langdurig stationair draaien) om de vier
jaar worden vervangen of in elk geval om de vijf jaar.
(**) Voor 1.4 MultiAir en 1.4 Turbo MultiAir versies zijn de volgende zaken zijn van vitaal belang om de correcte werking te verzekeren en om ernstige schade aan de
motor te voorkomen: gebruik uitsluitend bougies die speciaal gecertificeerd zijn voor deze motoren; alle bougies moeten van hetzelfde type en merk zijn (zie de
paragraaf “Motor” in het hoofdstuk "Technische gegevens"); houdt u strikt aan de vervangingsintervallen van de bougies die vermeld zijn in het
Geprogrammeerde Onderhoudsschema; neem contact op met het Alfa Romeo Servicenetwerk om de bougies te laten vervangen.
(***) Bij Turbo TwinAir versies moet het luchtfilterelement elke 30.000 km worden vervangen.
(****) Als de auto jaarlijks minder dan 10.000 km rijdt, dan moeten de motorolie en het motoroliefilter elke 12 maanden worden vervangen.

197WEGWIJS IN UW
AUTO
VEILIGHEID
STARTEN EN RIJDEN
NOODGEVALLENONDERHOUD EN
ZORGTECHNISCHE
GEGEVENS
ALFABETISCH
REGISTER
km x 100035 70 105 140 175
Maanden24 48 72 96 120
Getande distributieriem vervangen (behalve 1.3 JTD
M-2
motor)
(*)
●
Brandstoffilter vervangen●●
Luchtfilterelement vervangen●●●●●
Motorolie en oliefilter vervangen (of elke 24 maanden)
(**) (***)
Remvloeistof vervangen (of elke 24 maanden)●●
Pollenfilter vervangen (of elke 12 maanden)●●●●●(*) Ongeacht de kilometerstand moet de distributieriem bij zware bedrijfsomstandigheden (koud klimaat, gebruik in de stad, langdurig stationair draaien) om de vier
jaar worden vervangen of in elk geval om de vijf jaar.
(**) De motorolie en het oliefilter moeten worden vervangen wanneer het controlelampje op het instrumentenpaneel gaat branden (zie "Lampjes en meldingen" in het
hoofdstuk "Kennismaking met de auto") of sowieso elke 24 maanden.
(***) Als de auto voornamelijk in de stad wordt gebruikt, dan moet de motorolie elke 12 maanden worden vervangen.

PERIODIEKE CONTROLESElke 1.000 km of vóór een lange reis controleren en eventueel
bijvullen:
❒niveau motorkoelvloeistof, remvloeistof en ruitensproeiervloeistof;
❒conditie en spanning banden;
❒werking verlichting (koplampen, richtingaanwijzers,
alarmknipperlichten, etc.);
❒werking ruitenwissers/-sproeiers en stand/slijtage wisserbladen
voor/achter.
Elke 3.000 km controleren en eventueel bijvullen: motorolieniveau.
INTENSIEF GEBRUIK VAN DE
AUTOAls vooral een intensief gebruik van de auto wordt gemaakt, zoals:
❒het trekken van aanhangers of caravans;
❒het rijden op stoffige wegen;
❒talrijke korte ritten (minder dan 7-8 km) en bij buitentemperaturen
onder het vriespunt;
❒vaak lang stationair draaiende motor of lange afstanden bij lage
snelheden of als de auto lang niet wordt gebruikt;
dan moeten de volgende controles vaker worden uitgevoerd dan is
aangegeven in het Geprogrammeerd onderhoudsschema:
❒remblokken van schijfremmen voor op conditie en slijtage
controleren;
❒slot van motorkap en achterklep op aanwezigheid van vuil
controleren, schoonmaken en mechanismen smeren;
❒visueel de toestand controleren van: motor, versnellingsbak,
transmissie, slangen en leidingen (uitlaat, brandstof- en remsysteem)
en rubber elementen (hoezen, balgen, bussen enz.);
❒laadtoestand accu en niveau accuvloeistof (elektrolyt) controleren;
❒conditie van aandrijfriemen hulporganen visueel controleren;
❒motorolie en oliefilter controleren en zo nodig vervangen;
❒pollenfilter controleren en zo nodig vervangen;
❒luchtfilter controleren en zo nodig vervangen.
198WEGWIJS IN UW
AUTO
VEILIGHEID
STARTEN EN RIJDEN
NOODGEVALLENONDERHOUD EN
ZORG
TECHNISCHE
GEGEVENS
ALFABETISCH
REGISTER

MOTOROLIEControleer of het oliepeil tussen de referentietekens MIN en MAX staat
op de peilstok A.
Als het oliepeil dichtbij of onder het referentieteken MIN staat, olie
toevoegen via vulopening B tot het peil het referentieteken MAX
bereikt.
Het oliepeil mag het referentieteken MAX nooit
overschrijden.
Voor 1.4 Benzine, 1.4 MultiAir, 1.4 Turbo MultiAir,
1.3 JTD
M-2
en 1.6 JTD
Mversies
Trek de oliepeilstok A naar buiten, maak hem schoon met een
niet-pluizende doek en zet hem weer terug. Trek hem weer naar buiten
en controleer of het oliepeil tussen de referentietekens MIN en MAX
op de peilstok staat.
Voor Turbo TwinAir versies
De oliepeilstok is een geheel met de dop A. Schroef de dop los, maak
de peilstok schoon met een niet-pluizende doek, zet de peilstok weer
terug en schroef de dop weer vast.
Schroef de dop weer los en controleer of het oliepeil tussen de
merktekens MIN en MAX op de peilstok staat.Motorolieverbruik
Gewoonlijk ligt het maximaal motorolieverbruik op 400 gram per
1000 km. Tijdens de beginperiode van de auto wordt de motor
ingereden. Daarom is het motorolieverbruik pas stabiel na de eerste
5.000 ÷ 6.000 km.
Vul geen olie bij met andere kenmerken dan de olie
waarmee de motor is gevuld.Gebruikte motorolie en oliefilters bevatten substanties die
schadelijk zijn voor het milieu. Wij adviseren u de olie en
het oliefilter te laten vervangen bij het Alfa Romeo
Servicenetwerk.
206WEGWIJS IN UW
AUTO
VEILIGHEID
STARTEN EN RIJDEN
NOODGEVALLENONDERHOUD EN
ZORG
TECHNISCHE
GEGEVENS
ALFABETISCH
REGISTER

VULINHOUDEN
Turbo TwinAir 1.4 BenzineVoorgeschreven
brandstof en originele
smeermiddelen liter kg liter kg
Brandstoftank 45 - 45 -Loodvrije benzine met octaang-
etal van ten minste 95 RON
(specificatie EN228) inclusief een reserve van 5 - 7 - 5 - 7 -
Motorkoelsysteem
(met klimaatregeling)5,4 5,3 5,2 4,6Mengsel van 50% gedestilleerd
water en 50% PARAFLU
UP
vloeistof
(*)
Carterpan 3,0 2,4 2,7 2,3
SELENIA StAR P.E.
Carterpan en filter 3,5 2,6 2,9 2,5
Versnellingsbak-/differentieelhuis 1,65 1,5 1,6 1,4TUTELA TRANSMISSION
GEARFORCE
Hydraulisch remcircuit met ABS
antiblokkeersysteem0,53 0,5 0,53 0,5 TUTELA TOP 4
Ruitensproeier/achterruitsproeier/
koplampsproeier vloeistofreservoir(**)
2,2 (4,5) 1,9 (4,0) 2,8 (4,6) 2,5 (4,1)Mengsel van water en TUTELA
PROFESSIONAL SC 35
(*) Onder zeer strenge klimaatcondities is een mengsel van 60%
UPen 40% gedemineraliseerd water aanbevolen.
(**) Het getal tussen haakjes heeft betrekking op versies met koplampsproeiers
248WEGWIJS IN UW
AUTO
VEILIGHEID
STARTEN EN RIJDEN
NOODGEVALLEN
ONDERHOUD EN
ZORGTECHNISCHE
GEGEVENSALFABETISCH
REGISTER

1.4 MultiAir
Voorgeschreven brandstof
en originele smeermiddelen
liter kg
Brandstoftank 45 -
Loodvrije benzine met octaangetal van ten
minste 95 RON (specificatie EN228)
inclusief een reserve van 5 - 7 -
Motorkoelsysteem (met klimaatregeling) 5,2 4,6Mengsel van 50% gedestilleerd water en 50%
PARAFLU
UPvloeistof
(*)
Carterpan 3,1 2,6
SELENIA StAR P.E.
Carterpan en filter 3,4 2,9
Versnellingsbak-/differentieelhuis 1,6 1,4 TUTELA TRANSMISSION GEARFORCE
Hydraulisch remcircuit met ABS
antiblokkeersysteem0,53 0,5 TUTELA TOP 4
Ruitensproeier/achterruitsproeier/
koplampsproeier vloeistofreservoir
(**)
2,8 (4,6) 2,5 (4,1)Mengsel van water en TUTELA
PROFESSIONAL SC 35
(*) Onder zeer strenge klimaatcondities is een mengsel van 60%
UPen 40% gedemineraliseerd water aanbevolen.
(**) Het getal tussen haakjes heeft betrekking op versies met koplampsproeiers
249WEGWIJS IN UW
AUTO
VEILIGHEID
STARTEN EN RIJDEN
NOODGEVALLEN
ONDERHOUD EN
ZORGTECHNISCHE
GEGEVENSALFABETISCH
REGISTER