
1
BIJZONDERHEDEN VAN UW HYUNDAI
169
o Het gebruik van USB-toebehoren als een lader of een verwarming die gebruikmaken van USB I/F kande prestaties negatief beïnvloeden of storingen veroorzaken.
o Als u een apart aangeschaft apparaat als bijvoorbeeld een USB-hub gebruikt, zal het audiosysteem het apparaat mogelijk nietherkennen. Sluit het USB-apparaat rechtstreeks aan op de multimedia-aansluiting van deauto.
o Als het USB-apparaat is ingedeeld
in logical drives, worden alleen denummers op de drive met de hoogste prioriteit herkend door het audiosysteem van de auto.
o Apparaten zoals een MP3-speler, mobiele telefoon en digitalecamera die niet door een standaardUSB I/F worden herkend, worden mogelijk niet herkend.
o Niet-standaard USB-apparaten (METAL COVER TYPE USB)worden mogelijk niet herkend.
o USB flash memory-lezers (zoals CF, SD, microSD, enz.) of externeHDD-apparaten worden mogelijk niet herkend. o Muziekbestanden die worden
beschermd door DRM (DIGITALRIGHTS MANAGEMENT) worden niet herkend.
o De gegevens in het USB-geheugen gaan mogelijk verloren bij hetgebruik van dit audiosysteem. Het is aan te bevelen belangrijkegegevens in een extern geheugen op te slaan.
o Maak geen gebruik van USB-sticks die als sleutelhanger of accessoirevoor mobiele telefoons kunnen worden gebruikt, aangezien ze hetUSB-systeem kunnen beschadigen. Zorg dat u alleen producten gebruikt met eenstekkerverbinding zoals hieronder weergegeven.

1BIJZONDERHEDEN VAN UW HYUNDAI
170
GEBRUIK VAN iPod* (PA760) (Indien gemonteerd)
1. iPod keuzetoets
2. Toets vooruitspoelen/achteruitspoelen met of zondergeluid, volgend/vorig muziekstuk
3. Toets INFO 4. Keuzetoets categorie 5. Knop TUNE/ENTER6. Toets RANDOM 7. Toets REPEAT
OTGAUDIO-08
* iPod is een handelsmerk van Apple Inc.

1BIJZONDERHEDEN VAN UW HYUNDAI
172
5. Knop TUNE/ENTER Draai deze knop rechtsom om de muziekstukken (de categorie) na hethuidige muziekstuk weer te geven (categorie op hetzelfde niveau). Draai deze knop linksom om demuziekstukken (de categorie) voor het huidige muziekstuk weer te geven (categorie op hetzelfde niveau).Druk op de knop als u het weergegeven muziekstuk in de categorie SONG wilt beluisteren. Het systeem springt dannaar het gekozen muziekstuk en start de weergave. Door op de toets TUNE/ENTER te drukken, kunt u schakelen tussen de BASS, MIDDLE, TREBLE, FADER ofBALANCE-modi. De geselecteerde modus wordt weergegeven op het display.Draai de audioknop na het selecteren van de modus rechtsom of linksom. o Instelling BASS Draai de knop rechtsom om de instelling voor BASS te verhogen en linksom omde instelling te verlagen. o Instelling MIDDLEDraai de knop rechtsom om de instellingvoor MIDDLE te verhogen en linksom om de instelling te verlagen. o Instelling TREBLE Draai de knop rechtsom om de instelling voor TREBLE te verhogen en linksomom de instelling te verlagen. o Instelling FADER Draai de knop rechtsom om het geluid van de luidsprekers achter te versterken (het geluid van de luidsprekers vóórwordt gedempt). Draai de knop linksom om het geluid van de luidsprekers vóór te versterken (het geluid van deluidsprekers achter wordt gedempt). o Instelling BALANCE Draai de knop rechtsom om het geluid van de luidsprekers rechts te versterken (het geluid van de luidsprekers linkswordt gedempt). Draai de knop linksom om het geluid van de luidsprekers links te versterken (het geluid van deluidsprekers rechts wordt gedempt).
6. Toets RANDOM Druk gedurende maximaal 0,8 seconde op de toets om het in willekeurigevolgorde afspelen van de muziekstukken in de huidige categorie te starten of te beëindigen. Drukgedurende minimaal 0,8 seconde op de toets om alle muziekstukken in alle albums op de iPod in willekeurigevolgorde af te spelen. Druk nogmaals op de toets om de functie uit te schakelen. 7. Toets REPEAT Herhaalt het afspelen van het huidige muziekstuk.

1
BIJZONDERHEDEN VAN UW HYUNDAI
173
N.B. VOOR GEBRUIK VAN iPod
o Sommige iPod-modellen ondersteunen het communicatieprotocol mogelijkniet waardoor de bestanden niet afgespeeld kunnen worden. (Ondersteunde iPod-modellen:mini, 4G, photo, nano, 5G.)
o De zoekvolgorde of de
afspeelvolgorde vanmuziekstukken kan bij de iPod verschillen van die van het audiosysteem.
o Reset de iPod als deze tijdens het gebruik vastloopt. (Resetten:Raadpleeg de handleiding van deiPod.)
o Wanneer de batterijen zwak zijn,
werkt de iPod mogelijk niet goed.
! LET OP BIJ GEBRUIK
VAN iPod
o U hebt een apart voedingskabeltje nodig voor de iPod om de iPod via de toetsen van het audiosysteem te bedienen. Aansluiting via een standaard iPodUSB-kabel wordt niet ondersteund, dus gebruik deze niet met het audiosysteem van de auto.
o Wanneer u het apparaat via een iPod-kabeltje aansluit, moet u deplug volledig insteken omstoringen in de communicatie te voorkomen.
o Wanneer u de geluidseffecten van
de iPod en het audiosysteemaanpast, zullen de effecten van beide apparaten elkaar overlappenen kan de geluidskwaliteit afnemen of verstoord raken.
o Schakel de equalizerfunctie van
de iPod uit wanneer u degeluidssterkte van het audiosysteem aanpast en zet deequalizer van het audiosysteem uit wanneer u die van de iPod gebruikt.
o Wanneer alleen het iPod-kabeltjeis aangesloten, kan het systeem in de stand AUX worden gezet enruis veroorzaken. Neem het iPod- kabeltje los wanneer u de iPod niet langer gebruikt.
o Haal het iPod-kabeltje los van de iPod wanneer u de iPod niet methet audiosysteem van de autogebruikt. Als u dit niet doet, blijft de iPod mogelijk in de accessoire- modus en werkt mogelijk niet goed.

6
EENVOUDIG ONDERHOUD
25
N.B.:
o Als de voedingsverbinding uit de zekeringenkast omhoog wordt getrokken, dan werken de waarschuwingszoemer, de audio- installatie, de klok en deinterieurverlichting niet. De volgende componenten moeten na terugplaatsing worden gereset.
- Digitale klok
- Tripcomputer
- Automatische verwarming enairconditioning
- Audio-installatie
o Zelfs als de voedingsverbinding
omhoog is getrokken, dan kan de accu nog worden ontladen door ingeschakelde koplampen of andere elektrische systemen. o Als accuzuur op de huid terecht
komt moet de desbetreffende plaatsgedurende tenminste 15 minuten met water worden afgespoeld. Raadpleeg een arts.
o Als accuzuur in uw ogen mocht komen, moet er direct een artsworden geraadpleegd.
o Als accuzuur wordt ingeslikt moet
direct een grote hoeveelheid waterof melk worden gedronken. Neem vervolgens magnesia, een rauw ei of plantaardige olie. Bezoek directeen arts.
Bij het laden van een accu (met een acculader of in de wagen met een dynamo) produceert de accu eenexplosief gas. Let op de volgende voorzorgsmaatregelen :
o Laad de accu alleen in een goed geventileerde ruimte.
o Let erop dat in de desbetreffende ruimte geen open vuur of vonken aanwezig zijn en ook dat er nietwordt gerookt.
o Houd kinderen uit de buurt van een accu.
!
ZG210A1-AX
WAARSCHUWING:
Accu's kunnen gevaarlijk zijn! Let
bij het omgaan met accu's op onderstaande voorzorgsmaatr- egelen teneinde verwondingen te voorkomen.
De vloeistof in de accu bevat een
sterk zwavelzuur dat giftig en in hoge mate corrosief is. Let erop dat accuzuur niet met de huid of metaccuzuur in aanraking komen, handel dan als volgt : OTG070011
ACCU CONTROLEREN

6
EENVOUDIG ONDERHOUD
43
BEVEILIGDE CIRCUITS
Actuator tankluikje & kofferdekselschakelaar Lendensteunschakelaar voor, Regeleenheid stoelgeh., Schakelaar bestuurders-/passagiersstoelverstelling Automaat key-lock regeleenheid, Audio, Stoelgeheugen-schakelaar, Accessoire-relais, BCM,Digitaal klokje & Waarsch. passagiersgordel.AudioFunctieschakelaar automaat, Relais diefstalalarmRuitbeveiligingsmodule LV, Ruitschakelaar LA Ruitbeveiligingsmodule RV, Ruitschakelaar RA Niet gebruiktInstrumentenpaneel, Boordcomputer, Jaloeziemodule achter, Regensensor,Stoelgeheugen regeleenheid, Hoofdschakelaar ruitbedieningWaarschuwingszoemer parkeerhulpInklapmotor buitenspiegel Links/Rechts, Airco-regeleenheid Spoel om contactslot, Hoofdschakelaar ruitbediening Relais mistachterlichtInstrumentenpaneelAirbag-onderbreekschakelaar, Airbag-regeleenheidRegeleenheid stuurverstelling, Schakelaar sport-functieRelais mistlampen voor, Achterlichtunit links, Kentekenverlichting, Koplamp links Achterlichtunit rechts, Kentekenverlichting, Koplamp rechts, Rheostaat
WAARDE
20A 30A 10A 15A 10A30A 30A 30A 10A 15A 10A20A15A 10A 15A15A10A10A
BENAMING
T/LID
FR P/SEAT
AUDIO-2 AUDIO-1START
P/WDW LH
P/WDW RH RR P/SEAT
MODULE-1
PEDAL ADJ MIRR HTD
KEY SOLRR FOG
A/BAG IND A/BAG
TILT
TAIL LH
TAIL RH

6EENVOUDIG ONDERHOUD
44
BEVEILIGDE CIRCUITS
Schakelaar bestuurders-/passagiersstoelverwarming Instrumentenpaneel, ESP-schakelaar, Boordcomputer, Aut. key-lock regeleenheid, Gierhoeksensor, Multifunctionele schakelaar Airco-regeleenheid, Regeleenheid stuurverstelling, Lichtdimmer, Elektrisch dimbare spiegel, MotorschuifdakRelais PTC-verwarming, BrandstoffilterrelaisSigarettenaanstekerBCMPDM Koplamprelais, Relais gasontl.lampen, Actuator koplampverst., Koplampsproeierrelais Airco-regeleenheid, Aanjagerrelais, AanjagermotorDiagnosestekker, Airco-regeleenheid, Instrumentenpaneel, Multifunct. schakelaar, Regeleenheid stuurverst., BCM, Portierschakelaar, Interieurverl., Dorpelverl. L/R, Portierverl., IMS regeleenheid Niet gebruiktRuitensproeierrelais, Wisserrelais (hoge snelheid), Ruitenwissermotor Zekering (GEHEUGEN, AUDIO-1)
WAARDE 10A 10A 10A 10A 20A 15A 10A10A10A 15A 15A 25A30A
BENAMING
S/HTR
MODULE-2
A/CON
DIESEL
C/LIGHTER
T/SIG
PDM-1 H/LP
A/CON SW
MEMORY
PIC
WIPER
POWER CONN

10INHOUD
2
A Aanbevolen bandenspanning ........................................ 8-2
Aansteker ................................................................... 1-89
Airbagsysteem ............................................................ 1-46
Asbak ......................................................................... 1-91
Accu controleren ......................................................... 6-25
Airconditioning .......................................................... 1 -128
Achteruitkijkspiegel ................................................... 1 -103
Algemene controles ...................................................... 6-4
Als de motor niet aanslaat ........................................... 3-2
Als de motor te heet wordt ........................................... 3-4
Als uw auto moet worden gesleept ............................ 3-10
Antenne .................................................................... 1 -138
Anti-blokkeersysteem (ABS) ....... ................................2-12
Audiosysteem ........................................................... 1 -138
Automatische snel heidsregeling ................................ 1 -118
Automatische transmissie ............................................ 2-7
Automatische verwarmings en koelings systeem ..... 1 -125
B Bagagenet ................................................................ 1 -107
Banden ......................................................................... 8-2
Banden vervangen ........................................................ 8-5
Bediening verwarming en koeling ............................. 1-123
Bekerhouder ................................................................ 1-91Benzinemeter
.............................................................. 1-71
Beschrijving zekeringhouder .......................................6-40
Bij verlies van sleutels ............................................... 3-13
Boordcomputer ............................................................ 1-74
Brandstofvoorschriften .................................................. 1-2
Brillenvak .................................................................... 1-98
Buitenspiegel ............................................................ 1-100
Buitenspiegel verwatming ... ......................................1-101
C Centrale deurvergrendeling .......................................... 1-11
Claxon ...................................................................... 1-115
Corrosie voorkomen ...................................................... 4-2
DDashboardkastje ......................................................... 1-99
Diefstalbeveil igingsinstallatie .....................................1-12
EEconomisch rijden ...................................................... 2-18
Elektrisch aanslui tpunt ............................................... 1-90
Elektrisch bediende ruiten .......................................... 1-17
Elektrisch verstelbare stoelen voor ............................1-22
Elektronische stabiliteitsregeling (ESP) ......................2-13