
1- 50 BIJZONDERHEDEN VAN UW HYUNDAI
Als deze lamp tijdens het rijden gaat
branden mag niet meer met de wagen worden gereden. Het remvloeistofpeilin het reservoir is dan beneden het minimum niveau gedaald. Vul remvloeistof bij die voldoet aan deDOT 3 of DOT 4 specificatie. Na het bijvullen kan voorzichtig naar een dealer worden gereden voor naderecontrole. Bij een ernstig defect moet de wagen door een sleepbedrijf naar een dealer worden gesleept.
Uw Hyundai is voorzien van een
diagonaal gescheiden remsysteem.Als één van beide circuits defect is, wordt de wagen nog op de andere wielen afgeremd. Is dit het geval danis meer kracht voor het remmen vereist en is de remweg langer dan normaal. Bij een defect aan hetremsysteem moet worden terugge- schakeld zodat gebruik wordt gemaakt van het remvermogen vande motor. SB210M1-FX
Controlelamp laadstroom
Deze controlelamp moet gaan branden als het contact wordt aangezet en doven als de motor draait. Als deze lamp bij draaiendemotor gaat branden is er een defect in het elektrische systeem. Als deze lamp onder het rijden gaat brandenmoet u stoppen, de motor afzetten en de aandrijfriem van de dynamo controleren. Controleer of deaandrijfriem op zijn plaats zit. Als dit het geval is, controleer dan de span- ning van de riem. Laat het systeem vervolgens door uw Hyundai dealer controleren.
LET OP:
Als met de wagen wordt gereden
terwijl de aandrijfriem van de dy- namo slap staat, gebroken is of ontbreekt, kan de motor oververhitraken omdat deze riem eveneens de koelvloeistofpomp aandrijft.!
!
SB210L2-FX Ontrolelamp handrem/
Remvloeistofpeil
WAARSCHUWING:
Bij storingen aan het remsysteem moet de oorzaak direct door een Hyundai dealer worden opge- spoord. Het rijden met een defectremsysteem (in het elektrische of hydraulische gedeelte) is uiterst gevaarlijk. Werking van de controlelamp Deze lamp moet gaan branden als het contact wordt aangezet, de motorwordt gestart en als de handrem wordt aangetrokken. Na het starten van de motor moet de lamp doven zodra dehandrem wordt vrijgezet. Als de handrem niet is aangetrokken moet de lamp flauw gaan branden bij hetaanzetten van het contact of bij het starten van de motor.
TB holl-1b.p65 7/9/2007, 11:53 AM
50

BIJZONDERHEDEN VAN UW HYUNDAI 1- 51
SB210P1-FX
Ontrolelamp
benzine- reserve
Deze lamp gaat branden zodra de reserve-inhoud van de tank wordt bereikt. Tank in dit geval zo spoedigmogelijk. Als de naald van debenzinemeter op "E" of lager staat,kan dit het overslaan van de motor en daarmee een storing aan de katalysator tot gevolg hebben.
B260K01B-GXT
Waarschuwingslamp
geopend achterklep
Deze waarschuwingslamp brandttotdat de achterklep volledig gesloten is.
SB210O1-FX Ontrolelamp voor niet
goed gesloten portieren
Als een portier niet geheel gesloten is gaat deze controlelamp branden.
B260N02FC-GXT Storingscontlamp
Deze lamp brandt als er een storing
is geregistreerd die invloed heeft op de uitlaatgassen; hiermee wordt aangegeven dat de storing in hetsysteem een negatieve invloed heeft op de uitstoot van schadelijke uitlaatgassen. Hij gaat brandenwanneer het contact wordt aangezet en hij gaat vervolgens uit na het starten van de motor. Als hij gaatbranden tijdens het rijden of wanneer hij niet gaat branden als het contact wordt aangezet, moet u het systeemdoor de dichtstbijzijnde Hyundai dealer laten controleren.
*1) Als het contactslot binnen 1 minuut van de stand "OFF" in de stand "ON" is gezet.
*2) Als de snelheid hoger wordt dan
9 km/h, dan klinkt ook de gordel-waarschuwingszoemer gedurende 1~2 minuten. Als de snelheid lager is dan 9 km/h, dan klinktna 1 minuut ook de gordel- waarschuwingszoemer gedurende 1~2 minuten.
De gordel-waarschuwingslamp en -geluidsignaal worden ingeschakeld, zoals in onderstaande tabel is aangegeven.
B265E01TB-GXT
Gordel-
waarschuwingslamp
en- geluidssignaal
Situatie bestuurder Gordel-
waarschuwingslamp
Contacteur
d’allumage
Gordel
Gaat branden tot omgelegd
Niet omgelegd
Omgelegd
Niet omgelegd AAN
AAN AAN * 1
Omgelegd Niet omgelegd Gaat 6 sec. branden
Knipperen tot omgelegd
Knipperen tot omgelegd* 2
AAN
TB holl-1b.p65 7/9/2007, 11:53 AM
51

1- 52 BIJZONDERHEDEN VAN UW HYUNDAI
LET OP:
Wanneer het stuur voortdurend van aanslag tot aanslag wordt bewogen,zal dit steeds zwaarder gaan om overbelasting te voorkomen. Dit is een normale situatie, die zich naverloop van tijd zal herstellen.!
B260T01TB-GXT Waarschuwings- controlelampelectronischestuurbekrachtiging (EPS)
(Indien gemonteerd)
Deze controlelamp gaat gedurende 4
seconden branden nadat de contactsleutel in stand "ON" is gedraaid. Nadat de motor is gestart,dooft de lamp. De lamp gaat ook branden wanneer
er een storing is in het EPS. Laat uw auto door een officiële Hyundai-dealer controleren als de lamp tijdens hetrijden gaat branden.B265C01LZ-AXT Controlelampen elektronischstabiliteitsprogramma (ESP) (Indien gemonteerd)
De controlelampen van het
elektronisch stabiliteitsprogramma treden in werking afhankelijk van de stand van de contactsleutel en of het systeem is ingeschakeld of niet.
Ze gaan branden als het contact wordt
aangezet, maar moeten na drieseconden doven. Indien decontrolelampen van het ESP of ESP- OFF blijven branden, ga dan naar een geautoriseerde Hyundai dealer en laathet systeem controleren. Zie hoofdstuk 2 voor meer informatie over het ESP.N.B.:
Als met de bestuurdersgordel
binnen 9 seconden na het omleggen de handelingen "afdoen omleggen afdoen
omleggen afdoen" wordenuitgevoerd, dan worden de gordel- waarschuwingslamp en - waarschuwingszoemer nietingeschakeld.
TB holl-1b.p65 7/9/2007, 11:53 AM
52

BIJZONDERHEDEN VAN UW HYUNDAI 1- 53
B260U01TB-GXT
Controlelamp immobi- lizer (Diefstalbeveiliging)
Deze controlelamp gaat enkele seconden branden nadat de contactsleutel in stand "ON" is gedraaid. U kunt nu de motor starten.De controlelamp dooft zodra de mo- tor loopt. Als de controlelamp dooft voordat de motor wordt gestart, moetu de contactsleutel in stand "LOCK" draaien en de motor opnieuw starten. Als de controlelamp gedurende 5seconden gaat knipperen wanneer de sleutel in stand "ON" wordt gedraaid, betekent dit dat hetimobilizer-systeem niet werkt. Raadpleeg de uitleg van de "Limp home"-procedure (noodloop-procedure,zie pag. 1-5) of wend u tot uw Hyundai- dealer.B265A01B-GXT Waarschuwingslamp Water InBrandstoffilterrode(Dieselmotor)
Deze lamp gaat branden zodra het con- tact in de stand "ON" wordt gezet en gaat weer uit zodra de motor draait.Indien deze lamp oplicht terwijl de mo- tor draait, betekent dit dat zich water in het brandstoffilter heeft verzameld; tapdit water uit het filter af. (Zie het hoofdstuk "6-29p").B260S01B-GXT Controlelamp
voorgloeien
(Diesel motor)
De controlelamp gaat oranje branden
als het contactslot in de "ON" stand wordt gedraaid. De motor kan worden gestart nadat de controlelamp voorhet voorgloeien is gedoofd. De duur van het branden varieert
met de koelvloeistoftemperatuur,luchttemperatuur en conditie van de accu. N.B.:
Als de motor niet na 10 seconden
start, draai dan de contactsleutel eerst in de stand "LOCK", zet hem vervolgens weer in de "START" stand om het opnieuw te proberen.
B290A01TB-AXT Koelvloeistof-
temperatuur-indicatie
WAARSCHUWING:
Verwijder de radiateurdop niet bij
een warme motor. De koelvloeistof staat onder druk en kan uit hetsysteem spuiten en zo ernstige brandwonden veroorzaken. Wacht totdat de motor is afgekoeld,voordat de radiateurdop wordt verwijderd.
!
TB holl-1b.p65 7/9/2007, 11:53 AM
53

1- 54 BIJZONDERHEDEN VAN UW HYUNDAI
B270A01A-AXT REMBLOKSLIJTAGE-INDICA- TOR (Akoestisch) De remblokken van de voorwielen zijn voorzien van een slijtage-indica- tor die een hoog of schrapend geluid veroorzaakt zodra de remblokkenmoeten worden vernieuwd. Dit geluid is hoorbaar als met de auto wordt gereden. Bovendien kan het geluidwaarneembaar zijn als het rempedaal krachtig wordt ingedrukt. Als de remblokken niet worden vervangenheeft dit een kostbare vernieuwing van de remschijven tot gevolg.
ZB115A1-AXACOUSTISCH WAARSCHUWINGSGELUID(Indien gemonteerd) Het akoestisch waarschuwingsgeluid
maakt geluid, als de verlichting nog ingeschakeld staat, en de deur bij de chauffeur niet gesloten is. Dit geluidwaarschuwt de chauffeur om maat- regelen te treffen om te voorkomen dat de accu leeg raakt.
Deze lampjes geven de koelvloeistoftemperatuur aan als het contactslot op ON is gezet. Het rodelampje gaat branden als de koelvloeistof-temperatuur hoger is dan 120±3°C.Het blauwe lampje gaat branden alsde koelvloeistof-temperatuur lager isdan 60±3°C. Als het rode lampje gaat branden, breng dan zo snel mogelijk op een veilige manier de auto totstilstand en zet de motor uit. Open vervolgens de motorkap en controleer het koelvloeistofniveau (Zie "Als demotor te heet wordt" pagina 3-4) en de aandrijfriem voor de waterpomp. Als u vermoedt dat het koelsysteemniet op de juiste wijze werkt, laat dan het koelsysteem zo snel mogelijk door de Hyundai dealer controleren.
N.B.: Als het rode temperatuurlampjebrandt, dan geeft dit een te hogetemperatuur aan, waardoor de mo- tor zou kunnen beschadigen.
TB holl-1b.p65 7/9/2007, 11:53 AM
54

BIJZONDERHEDEN VAN UW HYUNDAI 1- 59
SB220A1-FX MULTISCHAKELAAR (RICHTINGAANWIJZERS,GROOT EN DIMLICHT)Richtingaanwijzers Door de schakelaar naar beneden te
bewegen werken de richting- aanwijzers aan de linkerzijde van de wagen. Door de schakelaar naarboven te drukken werken de richting- aanwijzers aan de rechterzijde.
Nadat het stuurwiel in de rechtuit
stand terug komt, keert de schakelaar automatisch in de middenstand terugwaardoor tegelijkertijd de richting- aanwijzers worden uitgeschakeld. Als de controlelamp sneller dan normaalknippert, blijft branden of niet brandt, geeft dit een storing in de richtingaan- wijzerinstallatie aan. Controleer dezekering, de gloeilampen of raadpleeg uw Hyundai dealer. B340B01A-AXTRichtingaanwijzers voor kleine
richtingveranderingen
Voor het veranderen van rijbaan e.d.
is het voldoende de schakelaar zover te bewegen tot de richtingaanwijzersin werking treden. Na het loslaten keert de schakelaar automatisch in de ruststand terug.
HTB018
4. Afgelegde afstand
HTB2026
o Deze functie geeft de totale afgelegde afstand aan sinds de laatste reset.
o Als de afgelegde afstand wordt
weergegeven en de trip-schakelaarlanger dan 1 seconde wordt ingedrukt, dan wordt de weergave van de afgelegde afstand op nulgezet.
TB holl-1b.p65 7/9/2007, 11:53 AM
59

1- 60 BIJZONDERHEDEN VAN UW HYUNDAI
Voor het inschakelen van de verlichting moet het uiteinde van demultischakelaar worden gedraaid. In de eerste stand worden de stadslichten, de achterverlichting ende instrumentenverlichting inges- chakeld. In de tweede stand branden ook de koplampen. N.B: Het contact moet zijn aangezet (ON- stand) om de hoofdverlichting tekunnen inschakelenAutomatisch uitschakelen parkeer-lichtenB340C04FC-GXTVERLICHTING
HTB017
HTB015
Automatisch uitschankelen parkeer-lichten
(Indien gemonteerd)
o Deze functie dient om te voorkomen dat de accu ontladen wordt door automatisch de parkeerlichten uit te schakelen op het moment dathet bestuurdersportier geopend wordt nadat de sleutel uit het contactslot is genomen.
o De parkeerlichten worden automatisch uitgeschakeld als deauto in het donker langs de kantvan de weg geparkeerd wordt.
Volg onderstaande procedure als de
parkeerlichten moeten blijven branden,wanneer de contactsleutel isverwijderd:
1) Open het portier aan bestuurderszijde.
2) Schakel de parkeerlichten uit en in met de lichtschakelaar op de stuurkolom. SB220D1-FX GROOTLICHTEN DIMLICHT- SCHAKELAAR Het groot licht wordt ingeschakeld
door de multischakelaar naar voren te drukken (van u af). Het dimlicht wordt ingeschakeld door de scha-kelaar terug te bewegen (naar u toe).
B340E01A-AXT LICHTSIGNAAL Een lichtsignaal wordt gegeven door
de multischakelaar naar u toe te bewegen en de schakelaar daarna weer los te laten. Het lichtsignaal kanook in werking worden gesteld bij afgezet contact.
TB holl-1b.p65 7/9/2007, 11:53 AM
60

BIJZONDERHEDEN VAN UW HYUNDAI 1- 63
LET OP:
Maak de binnenzijde van de
achterruit niet schoon met een schurend reinigingsmiddel en gebruik ook geen krabber of iets dergelijks om de binnenzijde vande achterruit schoon te maken, omdat hierdoor de verwarmings- draden beschadigd kunnen raken. B360B01FC-GXT SCHAKELAAR MISTLAMPEN VOOR (lndien gemonteerd)
B380A01HP-AXT SCHAKELAAR ACHTERRUITVERWARMING De achterruitverwarming wordt ingeschakeld door de schakelaar in te drukken. De achterruitverwarmingwordt uitgeschakeld door de schakelaar nogmaals in te drukken. De achterruitverwarming schakelt naongeveer 20 minuten automatisch uit. Druk indien nodig opnieuw op de schakelaar om de achterruitv-erwarming voor dezelfde tijdsduur in te schakelen.
HTB2030
!
N.B.: De achterruitverwarming werkt
alleen bij draaiende motor.
HTB039
Druk de schakelaar in de "ON"-stand om de mistlampen voor in te schakelen. Ze gaan branden wanneerde verlichtingsschakelaar in de eerste of tweede stand wordt gezet.
TB holl-1b.p65 7/9/2007, 11:54 AM
63