
771-2. Hybridesysteem
1
Veiligheid en beveiliging
UK AURIS_HV_HB_EE
■Als er een waarschuwingslampje gaat branden of een waarschuwings-
melding wordt weergegeven of als de 12V-accu wordt losgekoppeld
Mogelijk start het hybridesysteem niet. Probeer in dit geval het systeem
opnieuw te starten. Neem als het controlelampje READY niet gaat branden
contact op met een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een
andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
■Als de brandstof opraakt
Als de brandstoftank leeg is en het hybridesysteem niet kan worden gestart,
vult u de tank met minimaal de benodigde hoeveelheid brandstof om het
waarschuwingslampje laag brandstofniveau (Blz. 531) uit te schakelen. Als
er slechts een kleine hoeveelheid brandstof in de tank zit, kan het hybridesys-
teem mogelijk niet worden gestart. (De standaardhoeveelheid brandstof is
ongeveer 8,1 liter, als de auto op een vlakke ondergrond staat. Deze waarde
kan afwijken als de auto op een helling staat. Vul extra brandstof bij wanneer
de auto schuin staat.)
■Elektromagnetische golven
●De hoogspanningsonderdelen en -kabels van hybrideauto's zijn voorzien
van een afscherming voor elektromagnetische golven en zenden ongeveer
net zo veel elektromagnetische golven uit als conventionele auto's met een
benzinemotor, of elektronische huishoudapparatuur.
●Uw auto kan storingen veroorzaken in niet-originele audio-onderdelen.
■Batterijpakket (tractiebatterij)
De levensduur van het batterijpakket (tractiebatterij) is niet onbeperkt. De
levensduur van het batterijpakket (tractiebatterij) kan veranderen afhankelijk
van de rijstijl en de rijomstandigheden.
■Declaration of conformity
De uitstoot van waterstof van dit model voldoet aan reglement ECE100 (voor
de veiligheid van elektrisch aangedreven auto's met batterijen).
AURIS_HV_OM_Europe_OM12M76E.book Page 77 Wednesday, April 4, 2018 1:38 PM

791-2. Hybridesysteem
1
Veiligheid en beveiliging
UK AURIS_HV_HB_EE
WAARSCHUWING
■Waarschuwingen voor het geval de auto bij een ongeval betrokken
raakt
Neem, om de kans op ernstig letsel te beperken, de volgende voorzorgs-
<005000440044005700550048004a0048004f004800510003004c0051000300440046004b00570003005a00440051005100480048005500030058005a00030044005800570052000300450048005700550052004e004e004800510003004c00560003004500
4c004d000300480048005100030044004400510055004c004d[ding:
●Breng de auto op een veilige plaats tot stilstand om verdere aanrijdingen
te voorkomen, activeer de parkeerrem, zet de selectiehendel in stand P en
schakel het hybridesysteem uit. (Blz. 224)
●Raak de onderdelen, kabels en stekkers waar hoogspanning op staat niet
aan.
●Als binnen of buiten de auto elektrische bedrading blootligt, kan er een
elektrische schok optreden. Raak blootliggende elektrische bedrading
nooit aan.
●Raak bij een eventuele vloeistoflekkage de vloeistof niet aan omdat het
geconcentreerde alkalische elektrolyt uit het batterijpakket (tractiebatterij)
kan zijn. Spoel vloeistof die op uw huid of in uw ogen terecht is gekomen
direct af met veel water of, indien mogelijk, met boorwater. Schakel onmid-
dellijk medische hulp in.
●Stap zo snel mogelijk uit als er brand uitbreekt in de hybrideauto. Gebruik
nooit een brandblusser die niet is bedoeld voor het blussen van brand als
gevolg van een elektrische storing. Zelfs het gebruik van een geringe hoe-
<005900480048004f004b0048004c00470003005a004400570048005500030052005000030057004800030045004f005800560056004800510003004e0044005100030044004f0003004a00480059004400440055004f004c004d004e0003005d004c004d00
510011[
●Als uw auto gesleept moet worden, dient dit te gebeuren met de voorwie-
len van de grond. Als de wielen die gekoppeld zijn aan de elektromotor
(tractiemotor) tijdens het slepen de grond raken, kan de elektromotor elek-
triciteit blijven opwekken. Hierdoor kan brand ontstaan. (Blz. 522)
●Controleer het wegdek/de bodem onder de auto zorgvuldig. Als er vloei-
stoflekkage waarneembaar is, kan het brandstofsysteem beschadigd zijn.
Verlaat uw auto zo spoedig mogelijk.
AURIS_HV_OM_Europe_OM12M76E.book Page 79 Wednesday, April 4, 2018 1:38 PM

811-2. Hybridesysteem
1
Veiligheid en beveiliging
UK AURIS_HV_HB_EE
OPMERKING
■Ventilatieopening batterijpakket (tractiebatterij)
●Voorkom dat voorwerpen de ventilatieopening blokkeren. Het batterijpak-
ket (tractiebatterij) kan oververhit en beschadigd raken.
●Reinig de ventilatieopening regelmatig om oververhitting van het batterij-
pakket (tractiebatterij) te voorkomen.
●Laat de ventilatieopening niet nat of vuil worden, anders kan er kortsluiting
ontstaan en kan het batterijpakket (tractiebatterij) beschadigd raken.
●Vervoer geen grote hoeveelheden water, zoals een gevuld reservoir voor
een waterdispenser, in de auto. Als er water op het batterijpakket (tractie-
batterij) komt, kan het batterijpakket beschadigd raken. Laat de auto nakij-
ken door een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere
naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
AURIS_HV_OM_Europe_OM12M76E.book Page 81 Wednesday, April 4, 2018 1:38 PM

1443-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
UK AURIS_HV_HB_EE• De elektronische sleutel ligt op het dashboard, op de bagageafdekking,
op de vloer of in een portiervak of het dashboardkastje wanneer het
hybridesysteem wordt gestart of de stand van het contact wordt gewij-
zigd.
●Laat de elektronische sleutel niet boven op het dashboard of in de buurt van
de portiervakken liggen wanneer u de auto verlaat. Afhankelijk van de ont-
vangst van de radiogolven wordt door de antenne mogelijk waargenomen
dat de sleutel zich buiten de auto bevindt en kunnen de portieren worden
vergrendeld vanaf de buitenzijde, waardoor de elektronische sleutel moge-
lijk in de auto wordt opgesloten.
●Zolang de elektronische sleutel zich binnen het detectiegebied bevindt, kun-
nen de portieren door een willekeurige persoon worden vergrendeld en ont-
grendeld. De auto kan echter alleen worden ontgrendeld via de portieren die
de elektronische sleutel signaleren.
●Zelfs als de elektronische sleutel zich buiten de auto bevindt, kan het hybri-
desysteem mogelijk worden gestart als de elektronische sleutel zich in de
buurt van de ruit bevindt.
●Als de sleutel zich binnen het ontvangstgebied bevindt en er een grote hoe-
veelheid water op de portiergreep terechtkomt (bijvoorbeeld tijdens een
zware regenbui of het wassen van de auto), kunnen de portieren worden
ontgrendeld of vergrendeld. (Als de portieren niet worden geopend en
gesloten, worden deze na ongeveer 30 seconden automatisch weer ver-
grendeld.)
●Als de afstandsbediening wordt gebruikt om de portieren te vergrendelen
terwijl de elektronische sleutel zich in de nabijheid van de auto bevindt,
bestaat de mogelijkheid dat de portieren niet ontgrendeld worden door de
instapfunctie. (Gebruik de afstandsbediening om de portieren te ontgrende-
len.)
●Wanneer u de vergrendel- of ontgrendelsensor aanraakt terwijl u hand-
schoenen draagt, worden de portieren mogelijk niet vergrendeld of ontgren-
deld.
●Wanneer de vergrendelactie is uitgevoerd met de vergrendelsensor, worden
maximaal tweemaal achter elkaar identificatiesignalen getoond. Vervolgens
worden geen identificatiesignalen gegeven.
●Als de portiergreep nat wordt terwijl de elektronische sleutel zich binnen het
werkzame gebied bevindt, kan het portier herhaaldelijk worden vergrendeld
en ontgrendeld. Volg in dat geval de correctieprocedure hieronder bij het
wassen van de auto:
• Plaats de elektronische sleutel op een afstand van ten minste 2 meter
van de auto. (Zorg ervoor dat de sleutel niet gestolen wordt.)
• Schakel de batterijspaarmodus van de elektronische sleutel in om het
Smart entry-systeem met startknop uit te schakelen. (Blz. 142)
●Als de elektronische sleutel zich in de auto bevindt en een portiergreep
wordt nat tijdens het wassen van de auto, wordt er mogelijk een melding
AURIS_HV_OM_Europe_OM12M76E.book Page 144 Wednesday, April 4, 2018 1:38 PM

2254-1. Voordat u gaat rijden
UK AURIS_HV_HB_EE
4
Rijden
Trap, terwijl de selectiehendel in stand D staat, het rempedaal in.
Activeer de parkeerrem. (Blz. 262)
Zet de selectiehendel in stand P. (Blz. 255)
<0033004f004400440057005600030045004c004d0003004b004800570003005300440055004e004800550048005100030052005300030048004800510003004b0048004f004f004c0051004a0003004c00510047004c004800510003005100520047004c00
4a0003005a004c0048004f0045004f0052004e004e00480051[.
Zet het contact uit om het hybridesysteem uit te schakelen.
Vergrendel het portier nadat u gecontroleerd hebt of u de sleutel bij
u hebt.
Activeer de parkeerrem en zet de selectiehendel in stand D.
Trap het gaspedaal geleidelijk in.
Deactiveer de parkeerrem.
■Als u wegrijdt op een helling omhoog
De Hill Start Assist Control wordt geactiveerd. (Blz. 340)
■Rijden met een gunstig brandstofverbruik
Houd er rekening mee dat hybrideauto's vergelijkbaar zijn met conventionele
auto's. En het is belangrijk is dat u niet plotseling accelereert, enz.
(Blz. 345)
■Rijden in de regen
●Rijd voorzichtig als het regent, omdat het zicht dan minder is, de ruiten
beslagen kunnen zijn en de weg glad kan zijn.
●Rijd extra voorzichtig wanneer het begint te regenen, de weg kan dan
immers bijzonder glad zijn.
●Matig uw snelheid bij het rijden in de regen, tussen band en wegdek kan er
zich dan immers een waterfilm vormen die het sturen en remmen kan
bemoeilijken.
■Inrijden van uw nieuwe Toyota
Voor een maximale levensduur van de auto adviseren wij rekening te houden
met onderstaande aanwijzingen:
●De eerste 300 km:
Voorkom plotseling sterk afremmen.
●De eerste 800 km (auto's met trekhaakpakket):
Rijd niet met een aanhangwagen.
●De eerste 2.000 km:
• Rijd niet met extreem hoge snelheden.
• Vermijd plotseling sterk accelereren.
• Rijd niet langdurig met een constante snelheid.
Parkeren van de auto
Wegrijden op een steile helling omhoog
1
2
3
4
5
1
2
3
AURIS_HV_OM_Europe_OM12M76E.book Page 225 Wednesday, April 4, 2018 1:38 PM

2334-1. Voordat u gaat rijden
UK AURIS_HV_HB_EE
4
Rijden
OPMERKING
■Als u tijdens het rijden een lekke band krijgt
Een lekke of beschadigde band kan leiden tot de onderstaande situaties.
Houd het stuurwiel stevig vast en trap het rempedaal geleidelijk in om de
auto tot stilstand te brengen.
●Het kan moeilijk zijn om de auto onder controle te houden.
●De auto kan abnormale geluiden maken of trillen.
●De auto kan abnormaal gaan overhellen.
Informatie over wat u moet doen in het geval van een lekke band
(Blz. 545, 557)
■Overstroomde wegen
Rijd niet op wegen die na zware regenval e.d. zijn overstroomd. Indien u dat
toch doet, kan de auto hierdoor ernstig beschadigd raken:
●Motor slaat af
●Kortsluiting in elektrische componenten
●Motorschade door onderdompeling in water
Na het rijden op een overstroomde weg moet het volgende worden nageke-
ken door een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere
naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige:
●Remwerking
●Peil en kwaliteit van motorolie, hybridetransmissievloeistof, enz.
●Smering van de lagers en de wielophanging (indien mogelijk) en de wer-
king van alle koppelingen, lagers, enz.
Als het regelsysteem voor stand P beschadigd is door grote hoeveelheden
water, is het wellicht niet mogelijk om stand P in te schakelen of vanuit
stand P een andere stand in te schakelen. Wanneer vanuit stand P geen
andere stand ingeschakeld kan worden, zijn de voorwielen geblokkeerd en
kunt u de auto niet slepen met de voorwielen op de grond. Vervoer de auto
in dit geval met beide voorwielen of alle vier wielen van de grond.
AURIS_HV_OM_Europe_OM12M76E.book Page 233 Wednesday, April 4, 2018 1:38 PM

2844-5. Toyota Safety Sense
UK AURIS_HV_HB_EE
WAARSCHUWING
■Storingen in de sensor voor voorkomen
Neem de volgende voorzorgsmaatregelen in acht.
Als u dat niet doet, werkt de sensor voor mogelijk niet goed, hetgeen kan
leiden tot een ongeval waarbij ernstig letsel kan ontstaan.
●Houd de voorruit te allen tijde schoon. Reinig de voorruit als deze vuil is of
als er een dun olielaagje, waterdruppels, sneeuw, enz. op zit(ten). Neem
contact op met een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een
andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige als de bin-
nenzijde van de voorruit vóór de sensor voor vuil is.
B: Ongeveer 20 cm (ongeveer 10 cm rechts en links van het midden van
de sensor voor)
●Als er een groot verschil bestaat tussen de temperatuur in de auto en de
buitentemperatuur, bijvoorbeeld in de winter, is de kans groot dat de voor-
ruit beslaat. Als de voorruit vóór de sensor voor is beslagen of wanneer er
condens of ijs op de voorruit zit, gaat het waarschuwingslampje PCS
mogelijk branden en wordt het systeem mogelijk tijdelijk uitgeschakeld.
Gebruik in zo'n geval de voorruitverwarming om de voorruit te ontwase-
men, enz. (Blz. 418)
●Als er waterdruppels op de voorruit vóór de sensor voor zitten, gebruik
dan de ruitenwissers voor om deze te verwijderen.
Als de waterdruppels niet goed worden verwijderd, neemt de werking van
de sensor voor mogelijk af.
●Bevestig geen voorwerpen, zoals (door-
zichtige) stickers e.d. op de buitenzijde
van de voorruit vóór de sensor voor (het
grijze gebied in de afbeelding).
A: Van de bovenzijde van de voorruit tot
ongeveer 10 cm onder de onderkant
van de sensor voor
●Plaats of bevestig niets op de binnen-
zijde van de voorruit onder de sensor
voor (het grijze gebied in de afbeel-
ding).
A: Ongeveer 10 cm (vanaf de onderkant
van de sensor voor)
B: Ongeveer 20 cm (ongeveer 10 cm
rechts en links van het midden van de
sensor voor)
AURIS_HV_OM_Europe_OM12M76E.book Page 284 Wednesday, April 4, 2018 1:38 PM

2854-5. Toyota Safety Sense
UK AURIS_HV_HB_EE
4
Rijden
WAARSCHUWING
●Vervang het ruitenwisserrubber of het ruitenwisserblad als waterdruppels
niet goed kunnen worden verwijderd van het gedeelte van de voorruit vóór
de sensor voor met de ruitenwissers voor.
Neem contact op met een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur
of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige
indien de ruitenwisserrubbers of ruitenwisserbladen moeten worden ver-
vangen.
●Plak geen ruitfolie op de voorruit.
●Vervang de voorruit als deze beschadigd is of als er een barst in zit.
Neem contact op met een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur
of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige
indien de voorruit moet worden vervangen.
●Plaats geen antenne vóór de sensor voor.
●Zorg ervoor dat de sensor voor niet nat wordt.
●Voorkom dat er fel licht op de sensor voor schijnt.
●Zorg ervoor dat de sensor voor niet vuil wordt of beschadigd raakt.
Zorg er bij het reinigen van de binnenzijde van de voorruit voor dat er geen
glasreiniger op de lens terechtkomt. Raak de lens ook niet aan.
Neem contact op met een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur
of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige
indien de lens vuil of beschadigd is.
●Stel de sensor voor niet bloot aan sterke schokken.
●Wijzig de montagepositie of -richting van de sensor voor niet en verwijder
de sensor niet.
●Haal de sensor voor niet uit elkaar.
●Plaats geen elektronische apparaten of apparaten die sterke elektrische
golfsignalen versturen in de buurt van de sensor voor.
●Wijzig geen onderdelen van de auto rond de sensor voor (binnenspiegel,
zonnekleppen, enz.) of het dak.
●Bevestig geen accessoires die de sensor voor mogelijk hinderen op de
motorkap, de grille of de voorbumper. Neem voor meer informatie contact
op met een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere
naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
●Zorg er als een surfplank of een ander lang voorwerp op het dak moet
worden geplaatst voor dat deze de sensor voor niet hindert.
●Breng geen wijzigingen aan de koplampen of andere lichten aan.
●Monteer of plaats geen onderdelen op het dashboard.
■Montageplaats van de sensor voor op de voorruit
Als de voorruit snel beslagen raakt, is het glas rondom de sensor voor
mogelijk warm doordat de verwarming in werking is. Als u het glas aan-
raakt, kunt u brandwonden oplopen.
AURIS_HV_OM_Europe_OM12M76E.book Page 285 Wednesday, April 4, 2018 1:38 PM