
151
308_nl_Chap06_conduite_ed01-2016
Bij temperaturen onder het
vriespunt wordt bij auto's met
een dieselmotor de motor
pas na het doven van het
verklikkerlampje "Voorgloeien"
gestart.
Als dit verklikkerlampje
gaat branden nadat u op de
knop "START/STOP" hebt
gedrukt, moet u het rem- of
het koppelingspedaal ingetrapt
houden tot het verklikkerlampje
dooft. Druk niet nogmaals op de
knop "START/STOP" voordat
de motor draait.
F
Z
org ervoor dat de elektronische sleutel
zich in het interieur van de auto, binnen de
detectiezone, bevindt.
Starten
F Druk op de knop " START/STOP ". De elektronische sleutel van het
"Keyless entry and start"-systeem
moet zich in de detectiezone bevinden.
Verlaat om veiligheidsredenen deze
zone niet als de motor draait.
Als de elektronische sleutel niet binnen
de zone wordt gedetecteerd, wordt een
melding weergegeven. Om de motor te
kunnen starten moet u ervoor zorgen
dat de elektronische sleutel zich binnen
de zone bevindt.
Starten - afzetten van de motor,
"Keyless entry and start"
Het stuurslot wordt ontgrendeld en de motor
wordt bijna onmiddellijk gestart.
Als aan een van de voor waarden voor
het starten niet wordt voldaan, wordt
ter herinnering een melding op het
display van het instrumentenpaneel
weergegeven. In sommige gevallen
moet het stuur wiel heen en weer worden
bewogen ter wijl de knop "START/STOP"
wordt ingedrukt om het stuurslot te
ontgrendelen; u wordt hiervan via een
melding op de hoogte gebracht.
(Lees de waarschuwing voor de
dieseluitvoeringen). F
A
ls uw auto is uitgerust met een
handgeschakelde versnellingsbak, zet dan
de versnellingshendel in de neutraalstand
en trap vervolgens het koppelingspedaal
volledig in.
F
A
ls uw auto is uitgerust met een
automatische transmissie, zet dan de
selectiehendel in de stand P en trap
vervolgens het rempedaal stevig in.
6
Rijden

152
308_nl_Chap06_conduite_ed01-2016
Als de auto niet stilstaat, wordt de motor
niet afgezet.
Afzetten
F Zet de auto stil.F
D
ruk op de knop " START/STOP "
terwijl de elektronische sleutel zich
in het interieur van de auto bevindt.
De motor wordt afgezet en het stuurslot wordt
vergrendeld.
Contact aanzetten
(zonder te starten)
Als het contact aanstaat, gaat
het systeem na een bepaalde tijd
automatisch over op de eco-mode om
de laadtoestand van de accu op peil te
houden.
Het contact kan worden aangezet door, ter wijl
de elektronische sleutel van het Keyless entry
and start-systeem zich in de auto bevindt,
zonder pedalen in te trappen op de knop
"START/STOP" te drukken.
U kunt dan ook de verschillende accessoires
activeren (radio, verlichting, enz.).
F
D
ruk op de knop "START/STOP":
de verlichting en lampjes van
het instrumentenpaneel gaan
branden zonder dat de motor
wordt gestart.
F
D
ruk nogmaals op de knop om het
contact af te zetten en de auto te kunnen
vergrendelen.
Sleutel niet herkend
Als de elektronische sleutel zich in het
detectiegebied bevindt en uw auto niet start als
u op de knop "START/STOP" drukt:
F
S
teek de elektronische sleutel in de lezer.
Alternatieve procedure voor het starten
Rijden

213
308_nl_Chap07_info-pratiques_ed01-2016
Brandstoftank
Tank meer dan 6 liter brandstof om er voor te
z orgen dat de stijging van het brandstofniveau
wordt weergegeven op de brandstofmeter.
Tijdens het openen van de tankdop kan een
geluid van aangezogen lucht hoorbaar zijn.
Dit wordt veroorzaakt door de onderdruk
die ontstaat door de afdichting van het
brandstofcircuit. Dit geluid is normaal.
Openen
Indien uw auto is voorzien van het
Stop & Start-systeem, tank dan nooit
wanneer de motor zich in de STOP-
stand bevindt; zet in dat geval altijd het
contact af met de sleutel of met de knop
"START/STOP" bij een auto met het
Keyless entry and start-systeem.
F
O
ntgrendel de auto als deze is voorzien
van het Keyless entry and start-systeem.
F
D
ruk op de klep (in het achterste deel van
de zijkant van de auto) en trek de klep
vervolgens open.
Ta n k e n
F Ver wijder de vuldop en plaats deze op de steun (aan de klep).
F
S
teek het vulpistool zo ver mogelijk in de
vulopening en druk hierbij de metalen
klep A in.
F
V
ul de brandstoftank. Laat het vulpistool
maximaal drie keer afslaan, aangezien er
anders storingen kunnen optreden.
F
P
laats de vuldop terug en sluit deze door
de dop rechtsom te draaien.
F
D
ruk de klep van de tankdop dicht (uw auto
moet ontgrendeld zijn).
F
K
ies bij het tankstation de juiste brandstof
(deze staat vermeld op de sticker aan de
binnenzijde van de brandstofvulklep van
uw auto).
Inhoud van de brandstoftank: ongeveer 53
liter (of 45
liter, afhankelijk van de uitvoering).
F
A
ls uw auto is voorzien van een
conventionele sleutel, steek deze dan in de
vuldop.
F
D
raai de vuldop linksom.
7
Praktische informatie

236
308_nl_Chap07_info-pratiques_ed01-2016
Voer de lege AdBlue®-flacons niet als
huisvuil af, maar deponeer ze in de
daartoe bestemde containers of breng
de flacons naar uw verkooppunt.
F
V
eeg nadat u de flacon leeg hebt gegoten
met behulp van een vochtige doek
eventuele vloeistofsporen van de rand van
de vulopening van het reservoir. Spoel gemorste AdBlue
®-vloeistof
onmiddellijk weg met koud water of
veeg het weg met een vochtige doek.
Als de AdBlue
®-vloeistof is
gekristalliseerd, verwijder het dan met
een spons en warm water.
F
B
reng de blauwe dop aan op de vulopening
van het reservoir en draai de dop een
zesde omwenteling rechtsom tot hij stuit.
F
B
reng de zwarte dop aan en draai hem
een kwart omwenteling rechtsom zonder
er druk op uit te oefenen. Zorg ervoor dat
het merkteken op de dop in lijn staat met
merkteken op de steun.
F
L
eg het reservewiel en/of de opbergbak
(volgens uitvoering) terug op de bodem van
de bagageruimte.
F
P
laats de vloerbekleding van de
bagageruimte terug en sluit de achterklep. Belangrijk: als u AdBlue
® hebt
bijgevuld nadat het reser voir leeg is
geraakt , aangegeven door de melding
" Vul AdBlue bij: starten geblokkeerd",
dient u ongeveer 5
minuten te wachten
voordat u het contact weer aanzet,
zonder het bestuurderspor tier te
openen, de auto te ontgrendelen,
de sleutel met afstandsbediening
in het contactslot te steken of
de elektronische sleutel van het
"Keyless entr y and star t"-systeem in
het interieur te leggen.
Zet vervolgens het contact aan en start
na 10
seconden wachten de motor.
F
P
ak een flacon AdBlue
®. Controleer de
houdbaarheidsdatum en lees vervolgens
aandachtig de gebruiksaanwijzing op het
etiket voordat u de inhoud van de flacon in
het AdBlue
®-reservoir van uw auto giet.
Praktische informatie

264
308_nl_Chap08_En-cas-de-panne_ed01-2016
Zekeringen dashboard
De zekeringkast bevindt zich aan de onderzijde
van het dashboard (linkerzijde).Zekering
n r. Ampère
(A) Functies
F4 5Urgence- en Assistance-oproepen.
F6
A of B15Autoradio, touchscreen, CD-speler, navigatiesysteem.
F11 5Keyless entry and start-systeem
F13 1012V-aansluiting vóór.
F14 1012V-aansluiting bagageruimte.
F16 3Verlichting dashboardkastje, plafonnier achter.
F17 3Verlichting make-upspiegel, plafonnier vóór.
F19 5Instrumentenpaneel.
F21 10Multifunctioneel display, airconditioning.
F22 5Achteruitrijcamera, parkeerhulp.
F24 3Regen- en lichtsensor.
F25 5Airbags.
F28
A of B15Autoradio (+ accu).
F30 20Ruitenwisser achter.
F31 30Sloten.
F32 10Hifi-versterker.
F33 3Geheugen zitposities.
F34 5Elektrische stuurbekrachtiging.
F35 3Weergave niet-vastgemaakte veiligheidsgordels.
F
M
aak het deksel los door het aan de
bovenzijde eerst links en vervolgens rechts
los te trekken.
Versie 1 (Full)
Toegang tot de zekeringen
Storingen verhelpen

381
308_nl_Chap11_index-alpha_ed01-2016
Jack .........................................................8 5, 312
JACK-aansluiting ...................... 8
2, 85, 312, 367
Jack-kabel
..................................................... 312
Kaartleeslampjes
.......................................... 103
Kentekenplaatverlichting
.............................. 2
61
Keyless entry and start
.......58 - 60, 65, 151, 154
Kilometerteller
................................................. 35
K
inderbeveiliging
.................................... 63, 14 4
Kinderen
........................................ 13 8, 142, 143
Kinderen (veiligheid)
..................................... 14 4
Kinderzitjes
............ 1
26, 131-13 3, 137, 13 8, 14 5
Kinderzitjes (conventioneel)
.........................137
Kleurcode lak
................................................ 292
Kleurendisplay
..................................... 300, 301
Klimaatregeling
............................................... 98
Klokje (instellen)
...............................
..........47- 4 9
Koelvloeistoftemperatuur
................................28
Koelvloeistoftemperatuurmeter
......................28
Kofferdeksel sluiten
........................................ 61
Koplampsproeiers
......................................... 115
Koplampverstelling
....................................... 11
3
Krik
................................................................ 246Laden accu
.................................................... 270
Lampen (vervangen) .....................252, 257, 259
Lampen vervangen
....................... 25
2, 257, 259
LED's
.............................................252, 257, 259
LED-verlichting
.............................252, 257, 259
Lekke band
....................................................239
Lendensteun
.............................................73, 78
Lendensteun, verstelling
................................. 73
L
ichtschakelaar
.......................................14
, 107
Lokaliseren van de auto
............................53, 57
Luchtfilter
......................................................231
Luchtfilter (vervangen)
..................................231
Luchtrecirculatie ........................................95, 99
J
K
L
Massagefunctie ............................................... 78
Matten ............................................................. 83
Mat verwijderen
.............................................. 83
M
enu
................................... 302, 304, 306, 316,
318, 322, 330, 342, 344
Menu's (audio)
.....................302, 304, 306, 316,
318, 342, 344
Menu's (Touchscreen)
................. 2
95, 300, 301
Menustructuren display
......302, 304, 306, 316,
318, 322, 330, 342, 344, 372-374
Milieu
................................................... 10, 55, 64
Mistachterlicht
............................... 109, 257, 259
Mistlampen
...............................
.....................252
Mistlampen vóór
............................ 109, 252, 256
Monochroom display
..................................... 37
2
Monochroom display A
.................................372
Monteren allesdragers
..................................223
Motoren
......................................... 275, 281, 285Navigatiesysteem
.......................................... 322
Neerklappen stoelen achter
...........................
80
Niveau brandstofadditief diesel
............
230, 231
Niveau koelvloeistof ................................
28, 230
Niveau koplampsproeiervloeistof .........
11 6 , 2 3 0
Niveau remvloeistof ...................................... 2
29
Niveau ruitensproeiervloeistof
..............11 6 , 2 3 0
Niveaus controleren
..............................228-230
Niveaus en controles
............................226-230
Noodbediening achterklep
..............................62
Noodbediening portieren
................................ 63
N
oodoproep
..................................................11 9
Noodprocedure afzetten van de motor
.........152
Noodprocedure starten
.................................152
Noodremassistentie
......................................121
Noodsleutel
.....................................................63
Nulstelling dagteller
........................................ 35
N
ulstelling onderhoudsindicator
.....................30
M
N
Motorkap ....................................................... 225
Motorkapsteun ............................... ...............225
Motorolie
...............
........................................ 228
Motorolieniveaumeter
..................................... 31
M P3
(CD)
...................................................... 368
Multifunctioneel display (met autoradio)
...................................... 49, 362
Multifunctioneel display (zonder autoradio)
........................................ 49
.
Index