
27
AdBlue®-vloeistof, actieradiusindicatoren
Zodra de reservevoorraad van het AdBlue®-
reservoir is aangesproken of een storing in het
SCR-systeem is gedetecteerd, verschijnt bij
het aanzetten van het contact een indicator die
aangeeft hoeveel kilometer u nog ongeveer
kunt rijden voordat het opnieuw starten van de
motor automatisch wordt geblokkeerd.
Als gelijktijdig een storing wordt gesignaleerd
en het AdBlue
®-niveau laag is, wordt de laagste
actieradius weergegeven.
Actieradius groter dan 2.400
km
Als het contact wordt aangezet, wordt er geen
informatie over de actieradius weergegeven op
het instrumentenpaneel.
Als de motor mogelijk niet opnieuw kan worden gestart
door een te laag AdBlue®-niveau
Het wettelijk verplichte
startblokkeringssysteem wordt
automatisch geactiveerd zodra het
AdBlue
®-reservoir leeg is. Actieradius tussen 600 en 2.400
km
Zodra het contact wordt aangezet, gaat het
verklikkerlampje AdBlue branden in combinatie
met een geluidssignaal en de tijdelijk op het
instrumentenpaneel weergegeven melding
"NO START IN" en een afstand die aangeeft
hoeveel kilometer of mijl u nog kunt rijden met
de resterende hoeveelheid vloeistof voordat
het starten van de motor wordt geblokkeerd –
(bijv.: "NO START IN 1500
km" betekent dat
na 1.500
km het starten van de motor wordt
geblokkeerd).
Tijdens het rijden wordt de melding elke
300
km weergegeven zolang er geen AdBlue
®
is bijgevuld.
Het minimumniveau is bereikt; vul zo snel
mogelijk vloeistof bij.
Het is raadzaam niet meer dan 10
liter AdBlue
bij te vullen.
Raadpleeg de desbetreffende rubriek voor meer
informatie over AdBlue
®, het SCR-systeem
(BlueHDi-dieselmotor) en in het bijzonder het
bijvullen van vloeistof.
1
Instrumentenpaneel

28
of
Actieradius tussen 0 en 600
km
of
Star ten geblokkeerd vanwege te weinig
AdBlue
®
Om de motor weer te kunnen starten
moet het reservoir met minimaal 3,4
liter
AdBlue
® worden gevuld.
Raadpleeg de desbetreffende rubriek voor
meer informatie over AdBlue
®, het SCR-
systeem (BlueHDi-dieselmotor) en in
het bijzonder het bijvullen van vloeistof.
Als het contact wordt aangezet, gaat het
verklikkerlampje SERVICE branden en knippert
het verklikkerlampje AdBlue in combinatie
met een geluidssignaal en de tijdelijk op het
instrumentenpaneel weergegeven melding "NO
START IN" en de afstand 0
km of mijl – ("NO
START IN 0
km" betekent dat het starten van
de motor is geblokkeerd).
Het AdBlue
®-reservoir is leeg: het starten van
de motor wordt geblokkeerd door het wettelijk
verplichte startblokkeringssysteem.
Zodra het contact wordt aangezet, gaat het
verklikkerlampje SERVICE branden en knippert
het verklikkerlampje AdBlue in combinatie
met een geluidssignaal en de tijdelijk op het
instrumentenpaneel weergegeven melding
"NO START IN" en een afstand die aangeeft
hoeveel kilometer of mijl u nog kunt rijden met
de resterende hoeveelheid vloeistof voordat het
starten van de motor wordt geblokkeerd – (bijv.:
"NO START IN 300
km" betekent dat na 300
km
het starten van de motor wordt geblokkeerd).
Tijdens het rijden wordt de melding elke
30 seconden weergegeven zolang er geen
AdBlue
® is bijgevuld.Vul zo snel mogelijk vloeistof bij om te
voorkomen dat het reservoir helemaal leeg
raakt en de motor niet meer gestart kan worden.
Raadpleeg de desbetreffende rubriek voor
meer informatie over AdBlue®, het SCR-
systeem (BlueHDi-dieselmotor) en in het
bijzonder het bijvullen van vloeistof.
Instrumentenpaneel

29
Als een storing in het emissieregelsysteem wordt gedetecteerd SCR
Er wordt automatisch een
startblokkeringssysteem geactiveerd als
meer dan 1.100 km is gereden nadat een
storing in het SCR-systeem is bevestigd.
Laat het systeem zo snel mogelijk
controleren door het
CITROËN-netwerk of
door een gekwalificeerde werkplaats. Als een storing wordt gedetecteerd
In het geval van een tijdelijke storing
verdwijnt de waarschuwing tijdens
de volgende rit na controle van de
zelfdiagnose van het SCR-systeem. of
Als een storing in het SCR-systeem is
bevestigd (nadat 50 km is gereden ter wijl
de melding van de storing permanent wordt
weergegeven), gaan de verklikkerlampjes
SERVICE en zelfdiagnose motor branden
en knippert het verklikkerlampje AdBlue
in combinatie met een geluidssignaal en
de tijdelijk op het instrumentenpaneel
weergegeven melding "NO START IN" en een
afstand die aangeeft hoeveel kilometer of mijl
u nog kunt rijden voordat het starten van de
motor wordt geblokkeerd – (bijv.: "NO START
IN 600
km" betekent dat na 600 km het starten
van de motor wordt geblokkeerd).
Tijdens het rijden wordt deze melding elke
30
seconden weergegeven zolang de storing in
het SCR-emissieregelsysteem niet is verholpen.
De waarschuwing wordt opnieuw weergegeven
zodra het contact wordt aangezet.
Neem zo snel mogelijk contact op met het CITROËN-
netwerk of een gekwalificeerde werkplaats.
Als u dit niet doet, kan de motor niet meer
worden gestart. Tijdens de toegestane rijfase (tussen
1.100 en 0 km)
of
De verklikkerlampjes AdBlue, SERVICE en
zelfdiagnose motor gaan branden in combinatie
met een geluidssignaal en de melding "Storing
emissieregeling".
De waarschuwing wordt tijdens het rijden
gegeven als de storing voor de eerste keer
wordt gedetecteerd en vervolgens steeds bij
het aanzetten van het contact zolang de storing
niet is verholpen.
1
Instrumentenpaneel

30
Elke keer dat het contact wordt aangezet, gaan
de verklikkerlampjes SERVICE en zelfdiagnose
motor branden en knippert het verklikkerlampje
AdBlue in combinatie met een geluidssignaal
en de tijdelijk op het instrumentenpaneel
weergegeven melding "NO START IN" en de
afstand 0 km of mijl – ("NO START IN 0 km"
betekent dat het starten van de motor is
geblokkeerd). Starten geblokkeerd
U hebt de limiet van de toegestane
rijfase overschreden: het
startblokkerringssysteem voorkomt dat de
motor opnieuw wordt gestart.Om de motor
weer te kunnen starten, is het noodzakelijk
dat u contact opneemt met het
CITROËN-
netwerk of een gekwalificeerde werkplaats.
Kilometerteller/dagteller
Kilometerteller
De kilometerteller geeft de totale
kilometerstand van de auto aan.
De kilometerteller en dagteller worden
gedurende 30 seconden weergegeven bij het
afzetten van het contact, bij het openen van het
bestuurdersportier en bij het vergrendelen en
ontgrendelen van de auto.
Dagteller
De dagteller geeft het aantal gereden
kilometers weer nadat de bestuurder de teller
op 0 heeft gezet (bijvoorbeeld dagelijks).
F
D
ruk bij aangezet contact op de knop tot de
dagteller op 0 staat.
of
Instrumentenpaneel

31
Datum en tijd instellen
InstrumentenpaneelAudiosysteem / Bluetooth
Met CITROËN Connect
Radio
Voer de volgende handelingen met behulp
van de knop aan de linkerzijde van het
instrumentenpaneel in onderstaande volgorde uit:
F Houd de knop langer dan twee seconden ingedrukt: de minuten knipperen.
F Druk op de knop om de minuten te verhogen.F Houd de knop langer dan twee seconden ingedrukt: de uren knipperen.
F
D
ruk op de knop om de uren te verhogen.
F
H
oud de knop langer dan twee seconden
ingedrukt: 24 H of 12 H wordt weergegeven.
F Druk op de knop om 24 H of 12 H te selecteren.F Houd de knop langer dan twee seconden ingedrukt om de instellingen te bevestigen.
Ongeveer 30 seconden nadat de knop is
losgelaten schakelt het display weer over naar
de normale weergave. F
D
ruk op de toets "MENU".
Voer de volgende handelingen met behulp
van de toetsen van het audiosysteem in
onderstaande volgorde uit:
F Selecteer met behulp van de pijlen het menu
"Persoonlijke instellingen – Configuratie" en
bevestig door op de knop te drukken.
F Selecteer met behulp van de pijlen het menu "Configuratie display" en bevestig.
F
S
electeer met behulp van de pijlen het
menu "Datum en tijd instellen" en bevestig. F
Sel
ecteer de parameter en bevestig.
F
W
ijzig de parameter en bevestig opnieuw
om de wijziging op te slaan.
F
S
tel de parameters één voor één in en
bevestig iedere keer.
F
S
electeer het tabblad "OK" op het display
en bevestig om het menu "Datum en tijd
instellen" te verlaten.
F
S
electeer het menu Instellingen
.
F
Sel
ecteer "
Datum" of "Tijd".
F
S
electeer het formaat van de weergave.
F
W
ijzig de datum en/of de tijd met het
numerieke toetsenbord.
F Be vestig met "
OK".
F
Sel
ecteer "
Datum en tijd ".
1
Instrumentenpaneel

132
AdBlue® en SCR-systeem voor BlueHDi-dieselmotoren
Met behulp van een vloeistof die AdBlue® wordt
genoemd en ureum bevat, kan een katalysator
tot 85% stikstofoxide (NOx) omzetten in stikstof
en water (deze zijn niet schadelijk voor de
gezondheid en het milieu).
De AdBlue
® bevindt zich in een specifiek
reservoir van ongeveer 17 liter. De actieradius
bedraagt ongeveer 20.000
km. Wanneer
u met de resterende hoeveelheid nog
maximaal ongeveer 2.400
km kunt rijden tot
het reservoir leeg is, wordt automatisch een
waarschuwingssysteem geactiveerd.
Om ervoor te zorgen dat het SCR-systeem
goed blijft werken, wordt bij elke periodieke
onderhoudscontrole aan uw auto in het
CITROËN-netwerk of bij een gekwalificeerde
werkplaats het reservoir van de AdBlue®
bijgevuld. Als u ver wacht tussen twee periodieke
onderhoudscontroles meer dan 20.000
km
te rijden, moet tussentijds AdBlue
®. worden
bijgevuld.
Als het AdBlue
®-reservoir leeg is, zorgt
een wettelijk verplicht systeem ervoor
dat de motor niet opnieuw kan worden
gestart.
Als het SCR-systeem niet goed werkt,
stoot uw auto te veel schadelijke stoffen
uit, waardoor hij niet meer aan de Euro
6-emissienorm voldoet.
Neem bij een storing in het SCR-systeem
zo snel mogelijk contact op met het
CITROËN-netwerk of een gekwalificeerde
werkplaats: na 1.100 km wordt een
systeem geactiveerd dat het opnieuw
starten van de motor blokkeert.
In beide gevallen geeft een
actieradiusindicator aan hoever u nog kunt
rijden voordat de auto stilvalt.
SCR-systeem
Om het milieu zo min mogelijk te belasten en
om aan de nieuwe Euro 6 -norm te voldoen,
heeft
CITROËN ervoor gekozen zijn auto's
met dieselmotor te voorzien van een systeem
waarbij het roetfilter (FAP) wordt gecombineerd
met een SCR-systeem (Selective Catalytic
Reduction) voor de behandeling van de
uitlaatgassen zonder dat de prestaties
veranderen of het brandstofverbruik toeneemt.
Praktische informatie

133
Bijvullen van AdBlue®
Het AdBlue®-reservoir moet bij elke periodieke
onderhoudscontrole worden gevuld door het
CITROËN-netwerk of een gekwalificeerde
werkplaats.
Vanwege de inhoud van het reservoir kan
het echter noodzakelijk zijn om het reservoir
tussentijds bij te vullen, zeker als u hier door
een waarschuwing (verklikkerlampjes en
melding) op wordt geattendeerd.
Dit kunt u laten uitvoeren door het
CITROËN-
netwerk of door een gekwalificeerde
werkplaats.
Als u zelf het reservoir wilt bijvullen, lees dan
eerst aandachtig de volgende waarschuwingen.
Bevriezing van AdBlue
®
AdBlue® bevriest bij temperaturen lager
dan ongeveer -11 °C.
Het SCR-systeem is voorzien van een
voorverwarmingssysteem voor het
AdBlue
®-reservoir waardoor u onder alle
weersomstandigheden kunt blijven rijden.
Gebruiksvoorschriften
AdBlue® is een oplossing op ureumbasis.
Deze vloeistof is onontvlambaar, kleurloos en
geurloos (indien koel bewaard).
Als het additief in contact komt met de huid,
moet u de huid wassen met kraanwater en met
zeep. Als additief in de ogen komt, spoel de
ogen dan onmiddellijk en grondig gedurende
ten minste 15 minuten met kraanwater of met
een oogspoelmiddel. Raadpleeg een arts bij
een branderig gevoel of blijvende irritatie.
Als AdBlue wordt ingeslikt, spoel de mond dan
met schoon water en drink vervolgens een
ruime hoeveelheid water.
Onder bepaalde omstandigheden (bijvoorbeeld
bij een hoge omgevingstemperatuur) kan het
risico van het vrijkomen van ammoniakdampen
niet worden uitgesloten: adem deze niet in.
Deze ammoniakdampen werken irriterend op
de slijmvliezen (ogen, neus en keel).
Bewaar AdBlue
® buiten het bereik van
kinderen, in de originele flacon of jerrycan.
Als het AdBlue
® niet in de originele flacon
wordt bewaard, verliest het zijn zuiverheid. Gebruik uitsluitend AdBlue
® die aan de norm
ISO 22241 voldoet.
Verdun de AdBlue
® nooit met water.
Giet nooit AdBlue® in de brandstoftank.
De verpakking in flacons of jerrycans met
een antidruppelsysteem vergemakkelijkt het
bijvullen. U kunt 1,89
liter flacons of 5 liter
jerrycans krijgen bij een
CITROËN-dealer of
een gekwalificeerde werkplaats.
Vul nooit AdBlue
® bij vanuit een
vulsysteem dat is bedoeld voor
vrachtwagens.
7
Praktische informatie

134
Voorschriften voor opslag
AdBlue® bevriest bij temperaturen rond -11 °C
e
n verliest zijn kwaliteit bij temperaturen vanaf
25
°C. Het is raadzaam de flacons en jerrycans
koel en buiten direct zonlicht te bewaren.
Onder deze omstandigheden is de vloeistof ten
minste één jaar houdbaar.
Als de vloeistof bevroren is geweest, kan
deze weer worden gebruikt nadat deze bij
kamertemperatuur volledig is ontdooid.
Bewaar de flacons of jerrycans AdBlue
®
niet in uw auto.
Voer de lege AdBlue
®-flacons of
-jerrycans niet als huisvuil af.
Deponeer ze in een daartoe bestemde
container of breng ze naar uw
verkooppunt.
Procedure
Controleer voordat u gaat bijvullen of de auto
op een vlakke en horizontale ondergrond staat.
Controleer 's winters of de
omgevingstemperatuur van de auto hoger
is dan -11
°C. Als het kouder is, bevriest het
AdBlue
® waardoor u het niet in het reservoir
kunt gieten. Laat uw auto enkele uren op een
warmere plaats staan en vul vervolgens het
reservoir bij.
F
Z
et het contact uit en haal de sleutel uit het
contactslot.
F
M
aak de plastic dop los.
F
S
teek uw vingers in de opening en draai
de blauwe dop een zesde omwenteling
linksom.
F
V
er wijder de dop door hem voorzichtig
omhoog te trekken, zonder hem los te
laten.
Praktische informatie