Page 4 of 164

InhoudMaak eveneens gebruik van
het trefwoordenregister achter
in deze handleiding, om een
bepaald onderwerp snel te
kunnen vinden.
1 Algemeneaanwijzingen . . . . . . .... 5
Overzicht . ............... 6
Afkortingen en
symbolen . ............... 6
Uitrusting . ............... 7
Technische gegevens . .... 7
Actualiteit . ............... 7
2 Overzichten ........... 9
Linker zijaanzicht . . . . . . . . 11
Rechter zijaanzicht . . . . . . 13
Onder de buddyseat . . . . . 15
Stuurhendel, links . . . . . . . 16
Stuurhendel, rechts . . . . . . 17
Instrumentenpaneel . . . . . . 18
Koplamp . . .............. 19 3 Aanduidingen . . . . . . . . . 21
Multifunctioneel
display . . . .
.............. 22
Waarschuwings- en
controlelampen .......... 22
Waarschuwingslamp
ABS
SU
.................. 22
Functieweergaven . . . . . . . 22
Algemene
waarschuwingen . . . . . . . . . 23
Waarschuwingen van de
bandenspanningscontrole
RDC
SU
.................. 30
ABS-
waarschuwingen
SU
...... 35
4 Bediening . . .......... 39
Contact-/stuurslot . . . . . . . 40
Elektronische
wegrijbeveiliging EWS . . . . 41
Waarschuwingsknipper-
lichtinstallatie . . .......... 42
Kilometerteller . .......... 43
Klok . . . . . . .............. 45 Bandenspanningscontrole
RDC
SU
.................. 46
Boordcomputer
SU
....... 47
Noodstopschakelaar . . . . . 50
HandvatverwarmingSU
... 51
Koppeling . .............. 51
Rem .................... 52
Verlichting . .............. 52
Koplamp . . .............. 53
Richtingaanwijzers . . . . . . . 54
Buddyseat .............. 55
Helmhaak . .............. 56
Bagagelussen . .......... 57
Spiegels . . .............. 58
Veervoorspanning . . . . . . . 58
Schokdemper . .......... 59
Elektronische
demperinstelling
ESA
SU
.................. 61
Banden . . . .............. 62
Page 20 of 164
Instrumentenpaneel1Snelheidsmeter
2 Toerenteller
3 Waarschuwings- en con-
trolelampen ( 22)
4 Multifunctioneel display
( 22)
5 Controlelamp DWA (SU)
en sensor instrumenten-
verlichting
6 Bediening kilometerteller
( 43)
De verlichting van het
instrumentenpaneel
is met een automatische
dag-/nachtomschakeling
uitgerust.
218zOverzichten
Page 23 of 164
Aanduidingen
Multifunctioneel display . . . . . . . . 22
Waarschuwings- en
controlelampen . . . . . . . . . . . . . . . 22
Waarschuwingslamp ABS
SU
... 22
Functieweergaven . . . . . . . . . . . . . 22
Algemene waarschuwingen . . . . 23
Waarschuwingen van de
bandenspanningscontrole
RDC
SU
........................ 30
ABS-waarschuwingen
SU
....... 35
321zAanduidingen
Page 24 of 164
Multifunctioneel
display1Klok ( 45), Gedeelte
voor RDC-meldingen
SU
( 46), Gedeelte voor
oliepeilmeldingen
SU
( 49)
2 Paneel voor waarschu-
wingsaanduidingen
( 23)
3 Gedeelte voor meldingen
van de boordcomputer
SU
( 47)
4 Versnellingsindicatie
( 23) 5
Aanduiding koelvloeistof-
temperatuur ( 23)
6 Gedeelte voor
ESA-meldingen
SU
( 61)
7 Weergave kilometerteller
( 43)
8 Aanduiding benzinevoor-
raad ( 22)
Waarschuwings- en
controlelampen1Controlelamp richting-
aanwijzers, links
2 Controlelamp grootlicht 3
Waarschuwingslamp al-
gemeen
4 Controlelamp neutraal
5 Waarschuwingslamp
ABS (SU)
6 Controlelamp richting-
aanwijzers, rechts
Waarschuwingslamp
ABS
SU
In enkele landen is een afwij-
kende weergave van de waar-
schuwingslamp ABS mogelijk.
Mogelijke landvarianten.
FunctieweergavenBenzinevoorraad
De liggende balken on-
der het temperatuur-
symbool geven de resterende
benzinevoorraad aan.
322zAanduidingen
Page 25 of 164
Versnelling
Ingeschakelde versnel-
ling wordt weergegeven.
Als geen versnelling inge-
schakeld is, geeft de versnel-
lingsindicatie N aan, boven-
dien brandt de controlelamp
neutraalstand.
Koelvloeistoftemperatuur
De dwarsbalken onder
het temperatuursymbool
geven de hoogte van de koel-
vloeistoftemperatuur aan.
Algemene
waarschuwingenWeergave
Algemene waarschuwingen
worden door waarschuwings-
lampen of door opmerkingen
en symbolen op het multi-
functioneel display weerge-
geven, soms brandt boven-
dien de algemene waarschu- wingslamp rood of geel. In-
dien meerdere waarschuwin-
gen aanwezig zijn, worden al-
le betreffende controlelampen
en waarschuwingssymbolen
weergegeven. Waarschu-
wingsaanwijzingen worden
afwisselend weergegeven.
323zAanduidingen
Page 30 of 164

schijnt niet verder rijden, ook
bij een correct motoroliepeil.Niet verder rijden.
Storingen zo snel mogelijk
door een specialist laten
verhelpen, bij voorkeur een
BMW Motorrad dealer.
Motoroliepeil te laag Symbool oliepeil wordt
met waarschuwingCHECK OIL
weergegeven.
De elektronische oliepeilsen-
sor heeft een te laag motor-
oliepeil geconstateerd.
Het juiste motoroliepeil kan
alleen worden vastgesteld
door een controle met de
oliepeilweergave. Bij de vol-
gende tankstop: Motoroliepeil controleren
( 91)
Als het oliepeil te laag is:
Motorolie bijvullen ( 92) Als op het display de melding
"Oliepeil controleren" ver-
schijnt, hoewel met de olie-
peilweergave een correct olie-
peil wordt gemeten, is mo-
gelijkerwijs de oliepeilsensor
defect.
Neem contact op met een
specialist, bij voorkeur een
BMW Motorrad dealer.
Acculaadstroom
onvoldoende Waarschuwingslamp al-
gemeen brandt rood.
Symbool accu-
laadstroom wordt
weergegeven
Een ontladen accu kan
het onverwacht afslaan
van de motor en daarmee ge-
vaarlijke rijsituaties tot gevolg
hebben.
Storingen zo snel mogelijk
laten verhelpen. Als de accu niet meer
wordt opgeladen, kan
doorrijden tot het volledig ont-
laden en daardoor onherstel-
baar beschadigen van de ac-
cu leiden.
Indien mogelijk niet
doorrijden.
De accu wordt niet opgela-
den.
Verder rijden mogelijk tot de
accu leeg is. De motor kan
echter onverwacht afslaan
en de accu kan volledig ont-
laden en daardoor defect
raken.
Storingen zo snel mogelijk
door een specialist laten
verhelpen, bij voorkeur een
BMW Motorrad dealer.
Achterlicht defect Waarschuwingslamp al-
gemeen brandt geel.
328zAanduidingen
Page 45 of 164
Waarschuwingsknipper-
lichtinstallatie uitschake-
lenSchakelaar richtingaanwij-
zers uit1bedienen.
Waarschuwingsknipperlicht-
installatie uitgeschakeld
KilometertellerBediening van de
KilometertellerBij motorfietsen zonder
boordcomputer en zonder
RDC kan de hieronder
beschreven bediening van de
Kilometerteller als alternatief
ook met de toets INFO 1
worden uitgevoerd.Weergave selecterenContact inschakelen Na het inschakelen van
het contact verschijnt op
het multifunctioneel display
altijd eerst de informatie van
de kilometerteller die vóór het
uitschakelen van het contact
werd weergegeven.
Toets 1steeds éénmaal kort
bedienen.
443zBediening
Page 48 of 164
Toets INFO ingedrukt hou-
den, tot de weergave wij-
zigt.
Urenweergave2begint te
knipperen.
Toets INFO bedienen.
Met elke toetsbediening
worden de uren één uur
doorgeteld.
Toets INFO ingedrukt hou-
den, tot de weergave wij-
zigt.
Minutenweergave 3begint
te knipperen.
Toets INFO bedienen. Met elke toetsbediening
worden de minuten één mi-
nuut doorgeteld.
Toets INFO ingedrukt hou-
den, tot de weergave wij-
zigt.
De aanduiding knippert niet
meer.
Instelling van de klok beëin-
digd.
Bandenspanningscon-
trole RDC
SU
Bandenspanning
weergevenContact inschakelen
Toets INFO
1zo vaak be-
dienen, tot op het display
de bandenspanningen wor-
den weergegeven.
De bandenspanningen wor-
den afwisselend met de klok
weergegeven. De linker waar-
446zBediening