Page 70 of 115
70BasisbedieningBasisbedieningBediening via het scherm
Het display van het Infotainmentsys‐
teem heeft een aanraakgevoelig
oppervlak voor rechtstreekse interac‐ tie met de getoonde menubedie‐
ningsorganen.Voorzichtig
Gebruik geen puntige of harde
voorwerpen zoals balpennen,
potloden en dergelijke voor het aanraakscherm.
Gebruik de volgende vingerbewegin‐
gen voor bedienen van het Infotain‐
mentsysteem.
Druk op
Via aanraken selecteert u een picto‐
gram of optie, activeert u een app of
wijzigt u de locatie op een kaart.
Houd uw vinger op
Door uw vinger erop te houden kunt u een app verplaatsen en radiozenders op de voorkeuzetoetsen opslaan.
Page 74 of 115

74AudioAudio
OverzichtInstellen:Voorkeuzetoets Vasthou‐
den om actieve radiozen‐
der als favoriet op te
slaan.c:Andere voorkeuzetoetsen
weergeven.b:Geluidsinstellingen
aanpassen.a:Zenderlijst/mappen weer‐
geven.e:Aanraken om naar de
volgende zender/song te
gaan of vinger erop
houden voor snel vooruit‐
spoelen._:Een frequentie invoeren.d:Aanraken om naar de
vorige zender/song te
gaan of vinger erop
houden voor achteruit‐
spoelen.Meer:Audiobron selecteren.Bronnen
Raak Meer aan en selecteer de
gewenste audiobron.
De laatste drie geselecteerde bron‐
nen worden aangegeven boven
Meer op het scherm. Als een van de
laatste drie geselecteerde audiobron‐ nen een extern apparaat is, wordt het
nog steeds aangegeven hoewel het
apparaat niet meer is verbonden.
Bij het verbinden van een extern
apparaat schakelt het Infotainment‐
systeem niet automatisch over naar
het externe apparaat. Het externe
apparaat moet worden geselecteerd als audiobron. Bij het ontkoppelen
van het externe apparaat moet er een andere audiobron worden geselec‐
teerd.
Externe apparaten
Er zit een USB-poort voor het aanslui‐ ten van externe apparaten op de
middenconsole.Wanneer een externe audiobron (via
USB of Bluetooth) wordt verbonden en wordt geselecteerd als audiobron
verschijnen de volgende extra
symbolen op het audioscherm:= of l:Afspelen onderbreken of
hervatten.n:Tracks in willekeurige volg‐
orde afspelen.
Audiobestanden
De afspeelbare audiobestandsinde‐ lingen zijn MPEG-4 (AAC LC, HE
AAC, ALAC), FLAC, MP3, Vorbis,
PCM/WAVE, SBC.
Favorieten opslaan
Er zijn twee manieren om een radio‐
zender op te slaan als favoriet:
● Houd uw vinger op een van de voorkeuzetoetsen totdat er een
bijbehorend bericht verschijnt.
De momenteel actieve radiozen‐
der wordt nu opgeslagen als
Page 75 of 115

Audio75favoriet en kan worden opge‐
vraagd door de betreffende voor‐ keuzetoets aan te raken.
● Raak a en daarna het
symbool ; naast de betreffende
radiozender aan. De radiozender
wordt opgeslagen als favoriet
wanneer het symbool ; groen is.
Verkeersinformatie
Verkeersinformatie is een service van FM-radiozenders. Bij het activeren
van verkeersinformatie wordt de
momenteel beluisterde audiobron
onderbroken wanneer een FM-radio‐
zender verkeersberichten uitzendt.
Na afloop van de verkeersberichten
klinkt de audiobron weer. Tijdens het uitzenden van verkeersberichtenstaat het volume hoger.Er zijn twee manieren om verkeersin‐ formatie te activeren of te deactive‐
ren:
● Ga naar het startscherm, selec‐ teer Instellingen en ga naar
Apps . Verkeersinformatie kan
worden geactiveerd of gedeacti‐
veerd in het menu Audio.
● Wanneer FM de actieve audio‐ bron is, verschijnt er een knop
TP op het audioscherm.
Verkeersinformatie wordt door
aanraken van TP geactiveerd of
gedeactiveerd. Een gele lijn geeft aan dat verkeersinformatie geac‐
tiveerd is.
DAB-berichten
DAB-berichten zijn een service van
DAB-radiozenders. DAB-berichten
worden verdeeld in verschillende
categorieën zoals verkeer, nieuws,
weer, enz.
Ga voor activeren of deactiveren van
DAB-berichten naar het startscherm,
selecteer Instellingen , ga naar Apps
en selecteer het menu Audio. De
verschillende categorieën DAB-berichten kunnen worden geacti‐
veerd of gedeactiveerd onder DAB
berichten .
Let op
Tijdens DAB-berichten staat het volume niet harder.
Koppeling DAB-DAB
Als deze functie geactiveerd is, scha‐
kelt het systeem over op dezelfde
service van een ander DAB-ensem‐
ble (indien beschikbaar) als het DAB- signaal te zwak is om door de radio te
worden opgevangen.
Ga voor activeren of deactiveren van
de koppeling DAB-DAB naar het
startscherm, selecteer Instellingen,
ga naar het tabblad Apps en activeer
of deactiveer de functie in het menu Audio .
Koppeling DAB-FM
Deze functie maakt het mogelijk om
over te schakelen van een DAB-
zender op een FM-zender of
andersom.
Page 76 of 115
76AudioAls deze functie geactiveerd is, scha‐
kelt het systeem over op eenzelfde
FM-zender van de actieve DAB-
service (indien beschikbaar) als het
DAB-signaal te zwak is om door de
radio te worden opgevangen.
Ga voor activeren of deactiveren van
de koppeling DAB-FM naar het start‐
scherm, selecteer Instellingen, ga
naar het tabblad Apps en activeer of
deactiveer de functie in het menu Audio .
Geluidsinstellingen aanpassen
Raak voor aanpassen van de geluids‐
instellingen b aan. U kunt de
volgende instellingen aanpassen:
● Equalizer
● Fade/Balance
Page 80 of 115

80TrefwoordenlijstAAlgemene aanwijzingen ...............77
Android Auto ................................. 79
Apple CarPlay............................... 79
Audio ............................................ 74
Audio beluisteren ..........................74
Audiobestanden ........................... 74
B Basisbediening ............................. 70
Bediening met display ..................70
Bedieningselementen ...................66
Bluetooth-verbinding ....................77
D
DAB-berichten .............................. 74
E Een telefoon koppelen ..................77
Een telefoon verbinden ................77
H
Hoofdscherm ................................ 66
I
Inleiding ....................................... 66
K
Klankinstellingen........................... 74 Koppeling DAB-DAB..................... 74
Koppeling DAB-FM .......................74O
Onderste balk ............................... 66
R
Radio ............................................ 74
S
Smartphone Telefoonweergave ....................79
Smartphone-applicaties gebruiken .................................. 79
Startscherm .................................. 66
Stuurbedieningsknoppen ..............66
Systeeminstellingen...................... 70
T
Telefoon Bluetooth-verbinding .................77
Telefoonweergave ........................79
Telefoonweergave activeren ........79
Tweede telefoon ........................... 77
U Uitgebreid statusscherm ...............66
USB-poort ..................................... 74
V Verkeersinformatie .......................74
W
Wi-Fi Hotspot ................................ 70
Wi-Fi-verbinding ........................... 70
Page 81 of 115
Inleiding....................................... 82
Basisbediening ............................ 91
Radio ........................................... 95
Externe apparaten .....................100
Spraakherkenning ......................104
Telefoon ..................................... 105
Trefwoordenlijst ......................... 112R300 BT
Page 82 of 115

82InleidingInleidingAlgemene aanwijzingen...............82
Antidiefstalfunctie ......................... 83
Overzicht bedieningselementen ..84
Gebruik ........................................ 89Algemene aanwijzingen
Het infotainmentsysteem biedt u
eersteklas infotainment voor in uw
auto.
Met de functies van de radiotuner
kunt u op verschillende favorietenpa‐
gina's een groot aantal zenders
opslaan.
U kunt externe gegevensopslagappa‐ raten als andere audiobronnen op het
Infotainmentsysteem aansluiten; via
een kabel of via Bluetooth ®
.
Het digitale geluidssysteem heeft
diverse vooraf ingestelde equalizer‐
modi, waarmee u het geluid kunt opti‐
maliseren.
Ook is het infotainmentsysteem uitge‐ voerd met een telefoonportal waar‐
mee u uw mobiele telefoon comforta‐
bel in de auto kunt gebruiken.
Daarnaast kan het infotainmentsys‐
teem worden bediend met behulp van het bedieningspaneel of de knoppen
op het stuur.
Indien uw mobiele telefoon dit onder‐
steunt, kan het systeem ook door
middel van spraakherkenning worden
bediend.Let op
Deze handleiding beschrijft alle voor
de diverse Infotainmentsystemen
beschikbare opties en functies. Bepaalde beschrijvingen, zoals die
voor display- en menufuncties,
gelden vanwege de modelvariant,
landspecifieke uitvoeringen, speci‐
ale uitrusting en toebehoren wellicht niet voor uw auto.
Belangrijke informatie over de
bediening en de
verkeersveiligheid9 Waarschuwing
Rijd altijd veilig wanneer u het info‐
tainment-systeem gebruikt.
Stop bij twijfel de auto voordat u
het infotainment-systeem bedient.
Page 83 of 115
Inleiding83Radio-ontvangst
Tijdens de radio-ontvangst kunnen
gesis, geruis, signaalvervorming of
signaaluitval optreden door:
● wijzigingen in de afstand tot de zender
● ontvangst van meerdere signa‐ len tegelijk door reflecties
● obstakels
Antidiefstalfunctie
Het infotainmentsysteem is voorzien
van een elektronisch beveiligingssys‐ teem dat het systeem tegen diefstalbeveiligt.
De beveiliging houdt in dat het info‐
tainmentsysteem alleen in uw auto
werkt en daarom voor een eventuele
dief waardeloos is.