
5
Selecteer of deselecteer "TXT" om
de weergave van tekstberichten in of
uit te schakelen.
Bevestig uw keuze met " OK" om de
instelling op te slaan.Media
USB-speler
Dit apparaat heeft, afhankelijk van het model,
een USB-aansluiting en een jack-aansluiting.
Het systeem maakt gebruik van
afspeellijsten (in het tijdelijke geheugen).
Het maken van deze lijsten kan enkele
seconden of soms enkele minuten duren
nadat het apparaat voor de eerste keer is
aangesloten.
Deze wachttijd kan worden verkort door
andere bestanden dan muziekbestanden
te ver wijderen en het aantal mappen te
beperken. Elke keer als het contact wordt
aangezet en als er een nieuwe verbinding
via de USB-stick wordt gemaakt, worden
de afspeellijsten bijgewerkt.
De lijsten worden in het geheugen
opgeslagen: als de lijsten niet zijn
gewijzigd, is de laadtijd korter. De eerste keer dat er verbinding wordt
gemaakt, wordt voorgesteld om een
indeling per bestand te maken. Als er later
opnieuw verbinding wordt gemaakt, blijft
de bestaande indeling behouden.
Steek de USB-stick in de USB-aansluiting of
sluit de USB-apparatuur via een kabel (niet
meegeleverd) op de USB-aansluiting aan. Druk herhaaldelijk op SRC/TEL om
" USB " te selecteren.
Druk op een van deze toetsen om
het vorige of volgende nummer in de
lijst te selecteren.
Druk op een van deze toetsen
om naar de vorige of volgende
map te gaan, afhankelijk van de
geselecteerde mappenstructuur.
Houd een van de toetsen ingedrukt
om snel vooruit of terug te spelen.
Druk op LIST om de menustructuur
van de mappen weer te geven.
.
Audiosysteem / Bluetooth®

6
Selecteer een regel in de lijst.
Bevestig met "OK".
Omhoog in de menustructuur.
Druk op MENU .
Selecteer " Media".
Selecteer of deselecteer " TA" om de
ontvangst van verkeersinformatie in
of uit te schakelen.
Selecteer de afspeelmethode:
" Normaal ", "Random ", "Alle
random " of "Herhaling ".AUX- aansluiting (AUX)
Sluit het externe apparaat (MP3 -speler...) met
een audiokabel (niet meegeleverd) aan op de
jack-aansluiting.
Druk herhaaldelijk op SRC/TEL om
" AUX " te selecteren.
Stel eerst het volume van het externe apparaat
in (luid). Regel daarna het volume van de
autoradio. De bedieningselementen worden
vanaf het draagbare apparaat bediend.
Sluit niet tegelijkertijd een extern apparaat
aan via de jack-aansluiting en de USB-
aansluiting.
CD-speler
Plaats een CD in de CD-speler; deze zal de CD
automatisch afspelen.
Plaats een MP3 - CD in de CD-speler.
Het audiosysteem scant de CD tot alle
nummers zijn gevonden, hierdoor kan het
enkele tot enkele tientallen seconden duren
voordat het afspelen begint. Druk herhaaldelijk op de toets SRC/
TEL om " CD" te selecteren.
Druk op een van deze toetsen om
naar het vorige/volgende nummer
te gaan.
Druk op een van deze toetsen om
de vorige of volgende afspeellijst te
selecteren.
Houd een van de toetsen ingedrukt
om snel vooruit of terug te spelen.
Druk op LIST om de
mappenstructuur van de afspeellijst
weer te geven.
Audiosysteem / Bluetooth®

7
Selecteer een regel in de lijst.
Bevestig met "OK ".
Ga terug naar de eerste map om de indeling te
kiezen.
-
Op Mappen (CD of USB): alle mappen met
audio-bestanden worden in een algemeen
overzicht en alfabetisch geordend
weergegeven, zonder dat daarbij rekening
is gehouden met de mappenstructuur.
-
Op Ar tiest (alleen USB): alle
artiestennamen worden weergegeven in ID3
Tags en in alfabetische volgorde.
-
Op Genre (alleen USB): alle genres worden
weergegeven in ID3 Tags.
-
Op Playlist (CD of USB): als er playlists zijn
opgeslagen.
Informatie en tips
De autoradio speelt via een CD uitsluitend
bestanden met de extensie ".mp3", ".wma",
".wav" af en via een USB-stick bestanden met
de ex tensi e".o g g".
Om problemen tijdens het afspelen of de
weergave te voorkomen, is het raadzaam om
bestandsnamen aan te maken met minder dan
20
tekens en zonder speciale tekens (bijv.: "?.; ù).
Om een opgenomen CD-R of CD-RW te
kunnen afspelen, moet u bij voorkeur bij het
opnemen van een CD de standaard ISO 9.660
niveau 1, 2 of Joliet selecteren.
Als de disc met een andere standaard is
gebrand, kan deze mogelijk niet correct worden
afgespeeld.
Het is raadzaam voor gegeven CD niet
meer dan één standaard voor het branden
te gebruiken. Stel de laagst mogelijke
snelheid (maximaal 4x) in voor een optimale
geluidskwaliteit.
Gebruik bij een multisessie- CD altijd de
standaard Joliet.
Afspeellijsten op de CD, de MP3 -speler, de
iPod of de USB-stick moeten van het type
".m3u" of ".wpl" zijn.
Het maximaal aantal herkende bestanden
is 5.000 verdeeld over 500 afspeellijsten op
maximaal 8 niveaus.
Op één CD kunt u maximaal 255 MP3 -
bestanden zetten, verdeeld over 8 niveaus in
maximaal 192
mappen. Wij raden echter aan
om het aantal niveaus te beperken tot 2, om
de duur van het lezen van de CD beperkt te
houden.
Bij het afspelen wordt geen rekening gehouden
met de mappenstructuur. Sluit geen externe harde schijf of USB-
apparaten die niet bestemd zijn voor
audioweergave aan op de USB-poort. Hierdoor
zou namelijk de audio-installatie beschadigd
kunnen raken.
Gebruik uitsluitend USB-sticks met de
bestandsindeling FAT32 (File Allocation Table).
Gebruik voor een correcte werking de
originele USB-kabels van Apple
®.
Bluetooth® streaming audio
Streaming biedt de mogelijkheid
audiobestanden van de telefoon via de
luidsprekers van de auto te beluisteren.
Maak een verbinding met de telefoon: zie de
rubriek " Telefoon ".
In het " Bluetooth: Audio "-menu, moet u de
telefoon selecteren die u wilt koppelen.
Het audiosysteem wordt automatisch
verbonden met de zojuist gekoppelde telefoon.
.
Audiosysteem / Bluetooth®

8
Activeer de bron Streaming door op
deze toets te drukken. SRC/TEL*.
Via de toetsen op het bedieningspaneel van
het audiosysteem en de bediening op het
stuur wiel kunt u op de gebruikelijke wijze de
muziekstukken aansturen**.De informatie over
de muziekstukken kan op het display worden
weergegeven.
De kwaliteit van de weergave is afhankelijk van
de kwaliteit van het signaal van de telefoon.
Apple®-speler aansluiten
Sluit de Apple®-speler met een geschikte kabel
(niet bijgeleverd) aan op de USB-aansluiting.
Het afspelen begint automatisch. Het bedienen van de randapparatuur gebeurt
via de audio-installatie in de auto.
De beschikbare indeling is die van het
aangesloten apparaat (artiesten / albums /
genres / playlists / audioboeken / podcasts).
De softwareversie van de autoradio kan
incompatibel zijn met de generatie van uw
Apple
®-speler.
*
I
n sommige gevallen moet het afspelen van
audiobestanden via het toetsenbord worden
geactiveerd.
**
A
ls de telefoon deze functie ondersteunt.
Telefoon
Koppelen van een
Bluetooth®-telefoon
Het koppelen van de Bluetooth-telefoon
aan de Bluetooth handsfree set van uw
autoradio mag om veiligheidsredenen
en vanwege het feit dat deze handeling
de volledige aandacht van de bestuurder
vraagt, uitsluitend worden uitgevoerd als
de auto stilstaat en bij aangezet contact.
Ga naar www.peugeot.nl voor meer informatie
(compatibiliteit, extra hulp enz.).
Activeer de Bluetooth-functie van uw telefoon
en zorg er voor dat deze voor iedereen
zichtbaar is (zie de gebruiksaanwijzing van de
telefoon). Druk op de toets MENU .
Audiosysteem / Bluetooth®

9
Selecteer "Bluetooth".
Selecteer " Zoeken".
Er wordt een venster weergegeven met de tekst
" Zoeken randapparaat bezig ".
Welke diensten beschikbaar zijn, is
afhankelijk van het netwerk, de simkaart
en de compatibiliteit van het gebruikte
Bluetooth-toestel.
Controleer de handleiding van uw telefoon
en de informatie van uw provider om te
kijken tot welke diensten u toegang hebt.
Selecteer in de lijst de telefoon die u
wilt koppelen.
Bevestig met " OK ".
U kunt slechts één telefoon per keer koppelen.
Soms verschijnt het Bluetooth-adres in plaats
van de naam van de telefoon. Op het scherm wordt een
toetsenbord weergegeven: voer een
code van minimaal 4 cijfers in.
Bevestig met "
OK ".
Op het scherm van de telefoon wordt een
bericht weergegeven: voer dezelfde code in en
bevestig uw invoer.
Mocht de koppeling niet gelukt zijn, dan kunt u
het nogmaals proberen. Dit kan een onbeperkt
aantal keren.
Op het scherm verschijnt een bericht ter
bevestiging van de koppeling. U kunt ook via de telefoon de koppeling tot
stand brengen door naar gedetecteerde
Bluetooth-apparatuur te zoeken.
Het telefoonboek en de gesprekkenlijst
zijn na de synchronisatie beschikbaar
(mits de telefoon compatibel is).
De automatische verbinding moet in de
telefoon ingesteld worden om elke keer bij
het aanzetten van het contact automatisch
verbinding te kunnen maken met de
telefoon.Beheer van de verbindingen
Druk op de toets MENU .
Selecteer " Bluetooth".
Selecteer " Bluetooth beheer "
en bevestig uw keuze. De lijst van
de gekoppelde telefoons wordt
weergegeven.
Geeft aan dat er een geschikte
verbinding voor Streaming-audio is.
Geeft aan dat het profiel handsfree-
telefoon actief is.
Selecteer in de lijst de telefoon die u
wilt koppelen.
Bevestig met " OK ".
.
Audiosysteem / Bluetooth®

10
"Verw. verb. " om de koppeling te
verwijderen.
Het is niet mogelijk om meer dan 5
telefoons te koppelen. Druk op MENU
en selecteer " Bluetooth". Selecteer
" Bluetooth beheer ". Als er al 5 telefoons
zijn gekoppeld, druk dan op " OK" om
de telefoon die u wilt ver wijderen te
selecteren en selecteer vervolgens
Verw. verb. (raadpleeg de paragraaf
"Verbindingen beheren").
Bellen
Vanuit het adresboek
Druk op de toets MENU . Selecteer "
Telefoon".
Selecteer " Bellen".
Selecteer " Directory".
Selecteer het gewenste nummer.
Bevestig met " OK" om het nummer
te bellen.
Bellen
Laatst gekozen nummers
(Afhankelijk van de technische specificaties
van de telefoon)
Houd de toets SRC/TEL ingedrukt
tot de lijst met gesprekken
verschijnt. Om toegang tot de lijst met gesprekken
te krijgen, kunt u ook op MENU
drukken,
" Telefoon " selecteren " Bellen" en ten
slotte " Oproep info " selecteren.
Selecteer in de lijst met gesprekken
uit: " Gemiste oproepen ", "Gekozen
nummers " of "Ontvangen
oproepen ".
Navigeren door de lijst met
gesprekken.
Bevestig met " OK ".
Druk op een van deze toetsen om
de vorige of volgende pagina van de
lijst weer te geven.
" OK " belt een nummer.
Selecteer of deselecteer:
-
"
Te l . ": handsfreeverbinding
-
"
Audio ": audiobestanden
afspelen
Bevestig uw keuze met " OK".
Audiosysteem / Bluetooth®

11
In de gesprekkenlijst zijn de nummers
van alle binnenkomende en uitgaande
gesprekken opgeslagen sinds de laatste
keer dat de auto met de desbetreffende
telefoon werd verbonden.
U kunt ook rechtstreeks met de
telefoon bellen. Zet in dat geval uit
veiligheidsoverwegingen de auto stil.
Een gesprek aannemen
Als u gebeld wordt, klinkt een beltoon en
verschijnt een pop-upvenster op het scherm.Druk op SRC/TEL .
of selecteer " JA" om het gesprek aan
te nemen,
of Selecteer " NEE" om het gesprek te
weigeren. U kunt een gesprek ook weigeren
door de terugtoets
of SRC/TEL -toets ingedrukt te
houden.
Gesprekken beheren
Radars
Selecteer in het contextmenu
" Ophangen " om het gesprek te
beëindigen.
U kunt ook de toets SRC/TEL even
ingedrukt houden om het gesprek te
beëindigen.
Privégesprek
(de gesprekspartner kan niet meeluisteren)
In het contextmenu:
Selecteer " Micro OFF " om de
microfoon uit te schakelen. Selecteer nogmaals "
Micro
OFF " om de microfoon weer in te
schakelen.
Doorschakelfunctie
(om de auto te kunnen verlaten zonder het
gesprek te onderbreken)
In het contextmenu:
Selecteer " Doorschakelfunctie "
om het gesprek via de telefoon voort
te zetten.
Selecteer " Doorschakelfunctie "
om het gesprek via de auto voort te
zetten.
In bepaalde gevallen moet u deze
doorschakelfunctie via de telefoon kiezen.
Als het contact is afgezet, wordt de
Bluetooth-verbinding automatisch weer tot
stand gebracht als het contact weer wordt
aangezet (afhankelijk van de specificaties
van de telefoon).
.
Audiosysteem / Bluetooth®

12
Audio-instellingen
Druk op ¯ om het menu Audio-
instellingen weer te geven.
Druk op ¯ om de volgende instelling
op te vragen.
De volgende instellingen zijn mogelijk:
-
A
MBIANCE: BASS, TREBBLE en
LOUDNESS.
-
B
ALANCE (balans links/rechts), FADER
(balans voor/achter).
-
S
OUND. REP (bestuurder of passagier).
-
A
UTOMATISCHE VOLUMEREGELING.
De verdeling van het geluid is een audio-
instelling die zorgt voor een optimale
geluidsweergave afgestemd op het aantal
inzittenden in de auto.
De audio-instellingen AMBIANCE,
TREBBLE en BASS zijn andere
instellingen, die u voor elke geluidsbron
apart kunt verrichten.
Configuratie
Weergave en taal instellen
Druk op de toets MENU .
Selecteer " Instelling".
Selecteer " Weergave" om het
scrollen door de tekst in- of uit te
schakelen.
Selecteer " Ta a l" om de taal van het
scherm te wijzigen.
Selecteer " Versie" om informatie
over de software op te vragen.
Selecteer " System" wanneer u
een update wilt installeren. Meer
informatie is verkrijgbaar bij een
PEUGEOT-dealer.
Selecteer " Eenheid" om de
eenheden voor temperatuur
(Celsius, Fahrenheit) te wijzigen.
Veelgestelde vragen
Hieronder vindt u de antwoorden op de meest
gestelde vragen over uw audiosysteem.
Audiosysteem / Bluetooth®