
H44
Starten van de auto
1. Neem, terwijl u de Smart Key bij udraagt, plaats in de bestuurdersstoel.
2. Doe voor het starten van de auto de veiligheidsgordel om.
3. Activeer de parkeerrem.
4. Schakel alle elektrische systemen UIT.
5. Trap het rempedaal in en houd het ingetrapt.
6. Zet de transmissie in stand P (parkeren) terwijl u het rempedaal
intrapt.
7. Druk bij ingetrapt rempedaal op de startknop. 8. Als het controlelampje " " AAN
is, kunt u met de auto rijden.
Als het controlelampje " " UIT
is, kunt u niet met de auto rijden.
Start de auto nogmaals.
9. Houd het rempedaal ingetrapt en schakel de gewenste stand van de
transmissie in. Informatie
Om veiligheidsredenen kan de
transmissie niet uit stand P (parkeren)
in een andere stand worden gezet als
de laadkabel aangesloten is.
10. Deactiveer de parkeerrem en laat het rempedaal langzaam
opkomen. Controleer of de auto
zachtjes naar voren rijdt en trapdan het gaspedaal in.
i
RRIIJJ DD EENN MM EETT EE EE NN EE LLEE KK TTRR IISS CC HH EE AA UU TTOO
OAEEQ016054

Handige voorzieningen in uw auto
Toegang tot uw auto .............................................3-4Smart Key ............................................................................3-4
Startblokkeersysteem.......................................................3-9
Sloten .....................................................................3-10 Portiersloten van binnenuit vergrendelen/
ontgrendelen ....................................................................3-11
Kenmerken van de automatische
portiervergrendeling/-ontgrendeling.........................3-14Kindersloten achterportieren .......................................3-14
Antidiefstalsysteem .............................................3-15
Geheugen Bestuurdersstoel ...............................3-16 Opslaan van standen in het geheugen ......................3-17
Instapfunctie.....................................................................3-18
Stuurwiel ...............................................................3-19 Elektrische stuurbekrachtiging (EPS) ........................3-19
In hoogte en lengte verstelbare stuurkolom............3-20
Stuurwielverwarming ......................................................3-21
Claxon ................................................................................3-21 Spiegels .................................................................3-22
Binnenspiegel ...................................................................3-22
Buitenspiegel ....................................................................3-23
Ruiten.....................................................................3-27 Elektrisch bedienbare ruiten ........................................3-27
Schuifdak ..............................................................3-33 Schuifdak openen en sluiten .......................................3-33
Schuifdak open-/dichtschuiven ..................................3-33
Schuifdak kantelen .........................................................3-34
Zonnescherm....................................................................3-35
Schuifdak resetten .........................................................3-36
Exterieur ...............................................................3-37 Motorkap ...........................................................................3-37
Achterklep .........................................................................3-39
Instrumentenpaneel .............................................3-41 Bediening instrumentenpaneel ....................................3-42
Meters en tellers .............................................................3-43
Waarschuwings- en controlelampjes.........................3-48
Meldingen LCD-display..................................................3-60
LCD-display...........................................................3-73 Bediening LCD-display...................................................3-73
LCD-modus .......................................................................3-74
3

3-4
Handige voorzieningen in uw auto
Smart Key
De Smart Key van uw HYUNDAI
kunt u gebruiken om de portieren (en
de achterklep) te vergrendelen of
ontgrendelen en zelfs om de auto te
starten.
1. Portieren vergrendelen
2. Portieren ontgrendelen
3. Achterklep ontgrendelen
Vergrendelen
Vergrendelen :
1. Sluit alle portieren, de motorkapen de achterklep.
2. Druk op de toets op de portiergreep of druk op de
vergrendeltoets voor de portieren
(1) op de Smart Key.
3. De alarmknipperlichten knipperen. Daarnaast worden de
buitenspiegels ingeklapt als de
schakelaar voor de inklapbare
buitenspiegels in stand AUTO
staat (indien van toepassing). 4. Controleer of de portieren
vergrendeld zijn door de stand van
de vergrendelknoppen voor de
portieren in de auto te controleren.
Informatie
De toets op de portiergreep werkt
alleen als de Smart Key zich binnen
een afstand van 0,7 - 1 m van de
buitenportiergreep bevindt. Als u op de toets op de
buitenportiergreep drukt, zullen in de
onderstaande gevallen de portieren
niet worden vergrendeld en zal de
waarschuwingszoemer drie
seconden klinken :
• De Smart Key bevindt zich in de auto.
De startknop staat in stand ON.
Een portier, maar niet de achterklep, is open.
i
TTOO EEGG AANN GG TT OO TT UU WW AA UU TTOO
OBA043222INOAE046001

3-5
Handige voorzieningen in uw auto
Ontgrendelen
Ontgrendelen :
1. Zorg ervoor dat u de Smart Key biju hebt.
2. Druk op de toets op de portiergreep of druk op de
ontgrendeltoets voor de portieren
(2) op de Smart Key.
3. De portieren zullen worden ontgrendeld. De
alarmknipperlichten knipperen
tweemaal. Daarnaast zullen de
buitenspiegels worden uitgeklapt
als de schakelaar voor de
inklapbare buitenspiegels in stand
AUTO staat (indien vantoepassing). Informatie
De toets op de portiergreep werkt alleen als de Smart Key zich binnen
een afstand van 0,7 - 1 m van de
buitenportiergreep bevindt. Ook
andere personen kunnen de
portieren openen zonder dat ze de
Smart Key in hun bezit hebben.
30 seconden na het ontgrendelen van de portieren worden ze
automatisch weer vergrendeld,
tenzij een van de portieren wordt
geopend.
i
3
Laat kinderen nooit zonder
toezicht achter terwijl de Smart
Key zich in de auto bevindt.
Kinderen die zonder toezicht
achterblijven, kunnen op de
startknop drukken en de
elektrisch bedienbare ruiten of
andere bedieningsorganen in
werking stellen. Het is zelfs
mogelijk dat ze de auto in
beweging zetten, hetgeen kanresulteren in ernstig letsel.
WAARSCHUWING
OAE046001

3-6
Ontgrendelen van de achterklep
Ontgrendelen :
1. Zorg ervoor dat u de Smart Key biju hebt.
2. Druk op de toets op de achterklepgreep of druk langer dan 1 seconde op de
ontgrendeltoets voor de
achterklep (3) op de Smart Key.
3. De alarmknipperlichten knipperen tweemaal.
Als de achterklep eenmaal geopend
en gesloten wordt, zal hij
automatisch vergrendeld worden.
Informatie
Als de achterklep na het ontgrendelen
niet binnen 30 seconden wordt
geopend, zal hij automatisch weer
worden vergrendeld.
Starten
U kunt de auto starten zonder de
sleutel in het contactslot te steken.
Zie voor meer informatie
"Startknop" in hoofdstuk 5.
Beschadiging van de Smart Key
voorkomen :
• Houd de Smart Key uit de buurt van water en andere
vloeistoffen, en van vuur. Als het
binnenste van de Smart Key
vochtig wordt (door vloeistof of
damp) of te heet wordt, kan er
een defect ontstaan in het
interne circuit. Dit wordt niet
gedekt door de garantie op deauto.
Zorg ervoor dat u de Smart Key niet laat vallen en gooi er niet
mee.
Bescherm de Smart Key tegen extreme temperaturen.
Mechanische sleutel
Als de Smart Key niet normaal werkt,
kunt u de portieren met de
mechanische sleutel vergrendelen of
ontgrendelen.
Houd de ontgrendelknop (1)
ingedrukt en verwijder de
mechanische sleutel (2). Steek demechanische sleutel in het
portierslot.
Druk de sleutel in de opening tot een klik hoorbaar is om de mechanische
sleutel weer te plaatsen.
AANWIJZING
i
Handige voorzieningen in uw auto
OAE046034L

3-7
Handige voorzieningen in uw auto
Verlies van een Smart Key
Er kunnen per auto maximaal twee
Smart Keys worden geregistreerd.
Als u een Smart Key verliest,
adviseren we u de auto en deresterende sleutel onmiddellijk naar
een officiële HYUNDAI-dealer te
brengen of, indien nodig, de auto te
laten wegslepen.
Voorzorgsmaatregelen metbetrekking tot de Smart Key
In de volgende gevallen werkt de
Smart Key niet :
De Smart Key bevindt zich in de buurt van een zender (bijvoorbeeld
van een radiozender of een
luchthaven), waardoor de normale
werking van de afstandsbediening
verstoord kan worden.
De Smart Key bevindt zich dicht bij een zend- en ontvangstinstallatie
of een mobiele telefoon.
Dicht bij uw auto wordt de Smart Key van een andere auto gebruikt.
Vergrendel en ontgrendel de
portieren met de mechanische
sleutel wanneer de Smart Key niet
goed werkt. Als u een probleem hebt
met de Smart Key, adviseren we ucontact op te nemen met een
officiële HYUNDAI-dealer. Wanneer de Smart Key zich in de
buurt van uw mobiele telefoon
bevindt, kan het signaal van de
Smart Key worden geblokkeerd door
de normale werkingssignalen van uw
mobiele telefoon. Dit is met name
van belang wanneer de telefoon
actief is, bijvoorbeeld wanneer u met
uw telefoon belt of wordt gebeld en
sms'jes en/of e-mails verzendt of
ontvangt.
Steek de Smart Key en uw mobiele
telefoon niet in dezelfde broek- of
jaszak en probeer altijd voldoendeafstand te houden tussen beide
apparaten.
3

3-8Informatie
Wijzigingen of aanpassingen die niet
expliciet zijn goedgekeurd door de
garantieverstrekker kunnen ertoe
leiden dat de gebruiker niet meer
bevoegd is om de apparatuur te
bedienen. Als de portiervergrendeling
met afstandsbediening door
wijzigingen of aanpassingen waarvoor
geen toestemming is verleend niet
meer bediend kan worden, valt dit
niet onder de fabrieksgarantie.
Houd de Smart Key uit de buurt
van elektromagnetischematerialen die de
elektromagnetische golven naar
de sleutel tegenhouden.
Vervangen van de batterij
Als de Smart Key niet goed werkt,
vervang de batterij dan door een
nieuw exemplaar.
Type batterij : CR2032
Vervangen van de batterij :
1. Wrik het deksel aan de achterzijde van de Smart Key los.
2. Verwijder de oude batterij en plaats de nieuwe batterij. Let op
de polariteit van de batterij.
3. Plaats het deksel aan de achterzijde van de Smart Key. Als u vermoedt dat de Smart Keybeschadigd is of als u denkt dat de
Smart Key niet goed werkt,
adviseren we u contact op te nemen
met een officiële HYUNDAI-dealer.
InformatieEen onjuist afgevoerdebatterij kan schadelijk zijn
voor het milieu en voor de
gezondheid. Zorg ervoor dat
de batterij volgens de
wettelijke voorschriften wordt
afgevoerd.
i
AANWIJZING
i
Handige voorzieningen in uw auto
OLF044008

3-10
SSLLOO TTEENN
Handige voorzieningen in uw auto
Portiersloten van buitenaf
vergrendelen/ontgrendelen
Mechanische sleutel
Verwijderen van de afdekkap:
1. Trek de portiergreep (1) naar
buiten.
2. Druk de vergrendeling (2) aan de binnenkant van de onderzijde van de afdekkap in met een sleutel of
een platte schroevendraaier.
3. Druk de afdekkap naar buiten terwijl de vergrendeling ingedrukt
wordt. Plaatsen van de afdekkap:
1. Trek de portiergreep naar buiten.
2. Plaats de afdekkap.
Draai na het verwijderen van de
afdekkap de sleutel in de richting van
de voorzijde van de auto om het
portier te ontgrendelen en in de
richting van de achterzijde om het
portier te vergrendelen.
Als u het bestuurdersportier
vergrendelt/ontgrendelt met een
sleutel, zullen alle portieren
automatisch vergrendeld/ontgrendeld
worden.
Trek na het ontgrendelen aan de
portiergreep om het portier teopenen.
Druk het portier met de hand dicht
om het te sluiten. Zorg ervoor dat de
portieren goed dichtzitten.
Smart Key
Druk, om de portieren te
vergrendelen, op de toets op de
buitenportiergreep terwijl u de Smart
Key bij u draagt of druk op de
vergrendeltoets voor de portieren op
de Smart Key.
OAEE046188N
OAE046001
OBA043224IN
VVVVeeeerrrrggggrrrreeeennnnddddeeeelllleeeennnn////oooonnnnttttggggrrrreeeennnnddddeeeelllleeeennnnVVVVeeeerrrrggggrrrreeeennnnddddeeeelllleeeennnn
OOOOnnnnttttggggrrrreeeennnnddddeeeelllleeeennnn