
236
308_nl_Chap07_info-pratiques_ed02-2015
Actieradiusindicatoren
Zodra de reservevoorraad van het AdBlue®-
reservoir is aangesproken of een storing in het
SCR-systeem is gesignaleerd, verschijnt bij
het aanzetten van het contact een indicator die
aangeeft hoeveel kilometer u nog ongeveer
kunt rijden voordat het opnieuw starten van de
motor automatisch wordt geblokkeerd.
Als gelijktijdig een storing wordt gesignaleerd
en het AdBlue
®-niveau laag is, wordt de laagste
actieradius weergegeven.
Als de motor mogelijk niet opnieuw kan worden gestart door een te laag AdBlue®-niveau
Het wettelijk verplichte
startblokkeringssysteem wordt
automatisch geactiveerd zodra het
AdBlue
®-reservoir leeg is. Actieradius groter dan 2400 km
Druk op deze knop om de actieradius tijdelijk
weer te geven. F
Sel
ecteer vervolgens
"Diagnose" .
Bij een actieradius van meer dan 5000 km is de
waarde minder nauwkeurig. Als het contact wordt aangezet, wordt er niet
automatisch een melding over de actieradius
weergegeven op het instrumentenpaneel.
De actieradius wordt tijdelijk weergegeven. Afhankelijk van de uitrusting van uw auto kunt u
deze informatie weergeven op het touchscreen.
F
S
electeer het menu
"Rijhulpsysteem" .Actieradius tussen 600 en 2400 km
Zodra het contact wordt aangezet, gaat het
verklikkerlampje u
ReA
branden in combinatie
met een geluidssignaal en een melding
(bijvoorbeeld "Vul brandstofadditief bij: Starten
geblokkeerd binnen 1500 km") die aangeeft
hoeveel kilometer of mijl u nog kunt rijden met
de resterende hoeveelheid additief.
ti
jdens het rijden wordt de melding elke
300 km weergegeven zolang er geen additief
is bijgevuld.
Neem contact op met het P
e
ugeot
-
netwerk
of een gekwalificeerde werkplaats om het
additief AdBlue
® te laten bijvullen.u
kunt het bijvullen ook zelf uitvoeren.
Raadpleeg de desbetreffende rubriek voor
meer informatie over het bijvullen van het
additief AdBlue
®.
Praktische informatie

246
308_nl_Chap08_en-cas-de-panne_ed02-2015
Reparatiemethode
1. Afdichting van het lek
F Rol de witte slang G volledig uit.
F
D raai de dop van de witte slang los.
F
S
luit de witte slang aan op het ventiel van
de lekke band. F
S luit de stekker van de compressor aan op
de 12V-aansluiting in de auto.
F
S
tart de motor en laat deze draaien.
Let op: dit product is schadelijk
(ethyleenglycol, colofonium...) bij
inname en irriterend voor de ogen.
Houd het middel buiten het bereik van
kinderen.
Ver wijder het voor werp dat de lekkage
heeft veroorzaakt niet uit de band.
Schakel de compressor niet in voordat
de witte slang is aangesloten op het
ventiel van de band: het afdichtmiddel
wordt anders buiten de band gespoten.
F
Z
et het contact af.
F
Ze
t de schakelaar A in de stand
"Reparatie".
F
C
ontroleer of de schakelaar B in de
stand
"O" staat.
Storingen verhelpen

247
308_nl_Chap08_en-cas-de-panne_ed02-2015
Als na vijf tot zeven minuten de
gewenste bandenspanning niet is
bereikt, is de band niet te repareren met
de bandenreparatieset; neem contact
op met het P
e
ugeot
-
netwerk of een
gekwalificeerde werkplaats om u verder
te helpen.
F
A
ctiveer de compressor door de
schakelaar B in de stand "I" te zetten, tot
de bandenspanning 2,0 bar bedraagt.
H
et afdichtmiddel wordt onder druk in
de band gespoten; neem gedurende
deze handeling de slang niet los van de
aansluiting (kans op spatten). F
V
er wijder de set en draai de dop van de
witte slang vast.
Z
org ervoor dat restanten van de vloeistof
niet op of in de auto terecht kunnen komen.
Houd de set binnen handbereik.
F
M
aak direct een rit van ongeveer vijf
kilometer met matige snelheid (tussen 20
en 60 km/h), zodat het afdichtmiddel het
lek kan dichten.
F Z et de auto stil en controleer de reparatie
en de bandenspanning met de set.
2. Op spanning brengen
F Zet de schakelaar A in de stand "Bandenspanning".
F
R
ol de zwarte slang H volledig uit.
F
S
luit de zwarte slang aan op het ventiel van
de gerepareerde band.
8
Storingen verhelpen

296
308_nl_Chap10a_BtA_ed02-2015
Noodoproep of Pechhulp
Wanneer de elektronische
eenheid airbags een botsing heeft
waargenomen, wordt onafhankelijk van
het eventueel afgaan van de airbags,
automatisch een noodoproep gedaan.
PEUGEOT Connect SOS
Druk in geval van nood langer
dan 2 seconden op deze toets.
Het knipperen van het groene
ledlampje en een geluidssignaal
bevestigen dat de oproep naar
de alarmcentrale "P
e
ugeot
C
onnect S
oS
"* is verstuurd.
Door deze toets meteen opnieuw in te drukken,
wordt de oproep geannuleerd.
Het groene ledlampje dooft.
De oproep wordt ook geannuleerd door, op
ieder willekeurig moment, de toets langer dan
8
seconden in te drukken.
Het groene ledlampje blijft branden (zonder te
knipperen) wanneer de verbinding tot stand is gebracht.
Aan het einde van het gesprek gaat het lampje uit.
De alarmcentrale "Pe ugeot Connect
SoS " lokaliseert onmiddellijk uw auto,
neemt in uw landstaal contact met u op**
en roept indien nodig de hulp in van de
bevoegde hulpdiensten**. In landen waar de
alarmcentrale niet operationeel is of wanneer
de lokalisatie uitdrukkelijk is geweigerd, wordt
de oproep meteen doorgestuurd naar de
hulpdiensten (112), zonder lokalisatie. **
Afhankelijk van de geografische dekking van "Peugeot
C onnect Assistance" en "Pe ugeot Connect SoS " en van
de officiële landstaal die door de eigenaar van de auto is
gekozen.
De lijst van de landen waar het systeem werkzaam is en de
lijst van beschikbare diensten P
e
ugeot C
oN
N
eCt
kunt u
bij uw verkooppunt opvragen of op www.peugeot.nl bekijken.
* Afhankelijk van de algemene gebruiksvoor waarden, die u bij uw
verkooppunt kunt opvragen, en de technische
beperkingen van het systeem. Indien u gebruikmaakt van de dienst
P
e
ugeot Connect Packs met S
oS
-
pakket en pechhulpservice, beschikt u
ook over aanvullende diensten via uw
persoonlijke pagina MyP
e
ugeot
o
p
de P
e
ugeot
-
internetsite voor uw land.
Surf hiervoor naar www.peugeot.com.
Audio en telematica

297
308_nl_Chap10a_BtA_ed02-2015
PEUGEOT Connect Assistance
Wanneer u uw auto buiten het
Pe
ugeot- netwerk hebt gekocht,
raden wij u aan de aanwezigheid van
deze diensten bij het netwerk te laten
controleren en eventueel configureren.
In een meertalig land kunt u het
systeem laten configureren in de
officiële landstaal van uw voorkeur.
om
technische redenenen, zoals
het verbeteren van de diensten
P
e
ugeot C
oN
N
eCt, b
ehoudt
de constructeur zich het recht voor
om op elk willekeurig moment het
telematicasysteem in de auto te
wijzigen.
Bij een storing in dit systeem kan er
met de auto worden gereden. Druk langer dan 2 seconden op
deze toets voor het aanvragen
van hulp bij het stranden van de
auto.
ee
n gesproken bericht bevestigt
dat de oproep is verstuurd**.
Door deze toets meteen opnieuw in te drukken,
wordt de aanvraag geannuleerd.
Dit wordt bevestigd door een gesproken
bericht.
Het oranje lampje blijft branden: de noodbatterij
moet worden vervangen.
In beide gevallen is het mogelijk dat de
u
rgence-oproep of Assistance-oproep niet
meer werkt.
Neem zo snel mogelijk contact op met een
gekwalificeerde werkplaats.
Werking van het systeem
Bij het aanzetten van het
contact, gaat het groene lampje
3 seconden branden. Dit duidt
op een goede werking van het
systeem.
Het oranje lampje knippert en
dooft vervolgens: er is een
storing in het systeem.
**
Afhankelijk van de geografische dekking van "Pe ugeot
C onnect Assistance" en "Pe ugeot Connect SoS " en van
de officiële landstaal die door de eigenaar van de auto is
gekozen.
De lijst van de landen waar het systeem werkzaam is en de
lijst van beschikbare diensten P
e
ugeot C
oN
N
eCt
kunt u
bij uw verkooppunt opvragen of op www.peugeot.nl bekijken.
.
Audio en telematica

303
308_nl_Chap10c_SMegplus_ed02-2015
Stuurkolomschakelaars
Indrukken: onderbreken/hervatten
van de geluidsweergave.
Verhogen van het volume.
Wijzigen van de geluidsbron: radio,
multimedia.Radio, draaien: automatisch zoeken
naar de vorige/volgende zender.
Radio, indrukken: toegang tot de
voorkeuzezenders.
Media, draaien: vorige/volgende
nummer.
Indrukken: een keuze bevestigen.
Verlagen van het volume.tel efoon: telefoon opnemen.ti
jdens gesprek: toegang tot het
telefoonmenu (gesprek beëindigen,
privacy-modus, handsfree-modus).
te
lefoon, ingedrukt houden:
inkomend gesprek weigeren, huidig
gesprek beëindigen; als de telefoon
niet wordt gebruikt, toegang tot het
telefoonmenu.
Radio: zenderlijst weergeven.
Media: afspeellijst weergeven.
Radio, ingedrukt houden: lijst van
ontvangen zenders bijwerken.
.
Audio en telematica

317
308_nl_Chap10c_SMegplus_ed02-2015
De autoradio speelt bestanden met de extensie
"wma, .aac, .flac, .ogg, .mp3" met een bitrate
van 32 kbps tot 320 kbps af.
oo
k bestanden met een VBR (Variable Bit
Rate) kunnen worden afgespeeld.
ge
luidsbestanden met een andere extensie
(.mp4, ...) kunnen niet worden afgespeeld.
Bestanden met de extensie ".wma" moeten van
het type wma 9 standaard zijn.
De bemonsteringsfrequenties (sampling rates)
zijn 32, 44 en 48 kHz.
ge
bruik voor bestandsnamen maximaal
20 karakters en vermijd speciale tekens
(bijv.: " " ? . : ù) om problemen met het afspelen
of de weergave te voorkomen.
Informatie en adviezen
gebruik uitsluitend uS B-sticks met de
bestandsindeling FAt3 2 (File Allocation ta ble).
Het systeem is geschikt voor externe
uS
B-geluidsdragers, BlackBerry's
®
of apparatuur van Apple® die op de uS
B-aansluitingen kunnen worden
aangesloten (kabel niet meegeleverd).
u
kunt deze apparatuur bedienen via
de audio-installatie van de auto.
Andere randapparatuur, die bij het
aansluiten niet door het systeem wordt
herkend, moet met een kabel (niet
meegeleverd) op de Jack-plug worden
aangesloten.
ge
bruik bij voorkeur de originele
uS
B-kabels van het externe apparaat.
Als tegelijkertijd twee identieke
apparaten zijn aangesloten (twee u
S
B-
sticks of twee Apple
®-spelers), werkt
het systeem niet. Het is wel mogelijk
om tegelijkertijd een
u
S
B-stick en een
Apple
®-speler aan te sluiten.
Selecteer bij het branden van een CD-R of CD-
RW de standaard IS
o
9660 niveau 1, 2 of bij
voorkeur Joliet om deze te kunnen afspelen.
Als de CD in een ander formaat is gebrand, kan
het zijn dat deze niet goed wordt afgespeeld.
Het is raadzaam voor één CD niet meer dan één
standaard voor het branden te gebruiken. Stel
de laagst mogelijke snelheid in (maximaal 4 x)
voor een optimale geluidskwaliteit.
Voor het branden van een multisessie- CD is
het raadzaam de standaard Joliet te gebruiken.
.
Audio en telematica

333
308_nl_Chap10c_SMegplus_ed02-2015
Selecteer de melding in de
weergegeven lijst.
Selecteer het vergrootglas om
gesproken berichten te ontvangen.
Filters instellen
Druk op Navigatie om de
hoofdpagina weer te geven.
Druk op de secundaire pagina.
Selecteer " Instellingen ".
Selecteer " Info-opties ".
Selecteer:
-
"Nieuwe berichten melden ",
-
"Spraakweergave berichten ",
Ver fijn vervolgens het gebied van
het filter.
Selecteer " Bevestigen ".
Wij adviseren een filtergebied van:
-
2
0 km in de stad,
-
5
0 km op de snelweg.
een via het gP S-navigatiesysteem ontvangen tM
C-bericht (tr afic Message Channel) is informatie
met betrekking tot de verkeersomstandigheden die
in real time wordt ontvangen.
De functie tA (tr affic Announcement) geeft
voorrang aan het luisteren naar verkeersberichten.
om t
e worden geactiveerd moet deze functie een
radiozender die deze berichten uitzendt, goed
kunnen ontvangen. Zodra een verkeersbericht
wordt uitgezonden, wordt de geluidsbron die op
dat moment wordt weergegeven automatisch
onderbroken en wordt het verkeersbericht
weergegeven. Zodra het verkeersbericht
is afgelopen, wordt de weergave van de
oorspronkelijke geluidsbron hervat.
Verkeersberichten beluisteren
Druk op Navigatie om de
hoofdpagina weer te geven.
Druk vervolgens op de secundaire
pagina.
Selecteer " Instellingen ".
Selecteer " Spraak".
Schakel " Verkeer (TA) " in
of uit.
.
Audio en telematica