140Klimaatregeling
Door de roosters te kantelen en te
draaien de richting van de luchttoe‐
voer instellen.
Sluit het luchtrooster door het stelwiel linksom te draaien.
9 Waarschuwing
Geen voorwerpen bevestigen aan
de roosters van de ventilatieope‐
ningen. Kans op schade en letsel
in geval van een ongeluk.
Vaste luchtroosters
Er bevinden zich bovendien nog
luchtroosters onder de voorruit en de
zijruiten, alsook in de voetenruimte.
Onderhoud
Luchtinlaat
De luchtinlaat naar de motorruimte
onder aan de voorkant van de voorruit
moet voor voldoende luchttoevoer
vrijgehouden worden. Bladeren, vuil
of sneeuw verwijderen.
Pollenfilter
Filtering lucht
passagierscompartiment
Als de auto is uitgevoerd met een ver‐
warmings- en ventilatiesysteem of
met een airconditioningssysteem,
wordt de lucht in de cabine door mid‐
del van een deeltjesfilter gezuiverd
van vaste deeltjes als pollen, stof,
schimmel en bacteriën.
Als de auto is uitgevoerd met een
elektronisch klimaatregelsysteem,
wordt de lucht in de cabine door mid‐
del van een actieve-koolstoffilter ge‐
zuiverd van vaste deeltjes als pollen,
stof, schimmel en bacteriën. Een ex‐
tra laag actieve koolstof neemt on‐
aangename geurtjes weg.