Page 246 of 336
06
Selecteren van een zender
De omgeving waarin u rijdt (bergen, hoge gebouwen, bruggen, tunnels enz\
.) kan leiden tot een slechte ontvangst, ook als de RDS-functie is ingeschakeld. Dit is een normaal verschijnsel en heeft niets \
te maken met een storing in de radio.
Selecteer " Radio ".
Druk op MENU om het " ALGEMENE MENU " weer te geven en selecteer "Media".
Selecteer de radiozender in de weergegeven lijst.
Selecteer indien nodig een andere geluidsbron.
Druk op de toets MODE totdat RADIO wordt weergegeven.
Selecteer de radio " FM-radio " of " AM-radio ".
OF
Selecteer " Bijwerken " om de lijst bij te werken.
RADIO
244
Page 247 of 336
06
245
Wijzigen van een frequentie
Via een alfabetische lijst
Druk op de huidige radiozender en kies vervolgens de zender uit de weergegeven lijst.
Automatisch zenders zoeken
Druk op of of verplaats de cursor om automatisch te zoeken naar de zender met een hogere of lagere frequentie.
Selecteer het wijzigen van de geluidsbron.
Handmatig zenders zoeken
Druk op " Frequentie ", voer de frequentie in met behulp van het toetsenbord en bevestig uw keuze.
Selecteer " Radio ".
Druk op MENU om het " ALGEMENE MENU " weer te geven en selecteer " Media ".
Selecteer de radio " FM-radio " of " AM-radio ".
OF
RADIO
Page 248 of 336
06
Een zender opslaan
Druk vanuit de permanente weergave op " Geheugen ".
Selecteer een zender of een frequentie
(zie de desbetreffende rubriek).
Selecteer een nummer in de lijst om de eerder gekozen/ingestelde zender op te slaan.
Lang indrukken: de zender onder dit nummer opslaan.
Oproepen van opgeslagen zenders
Druk op MENU om het " ALGEMENE MENU " weer te geven en selecteer " Media ".
Selecteer " Radio ".
RADIO
Selecteer " Geheugen ".
246
Page 249 of 336
06
247
RDS inschakelen / uitschakelen
Selecteer " RDS ".
Druk op de toets MODE totdat RADIO/MEDIAwordt weergegeven.
Selecteer " RDS-volgsysteem ".
Selecteer " Bevestigen ".
Als de RDS-functie is ingeschakeld, zoekt de radio steeds naar de sterkste frequentie van een zender, zodat u ernaar kunt blijven luisteren zonder dat u zelf de frequentie hoeft te wijzigen. Sommige RDS-zenders zijn echter niet in het hele land te ontvangen, omdat de frequenties van de zender niet het hele land dekken. Dit verklaart dat de zender tijdens het rijden kan wegvallen.
RADIO
Page 250 of 336
06
248
Weergave van de opties:
grijs indien actief maar niet beschikbaar,
uitgelicht indien actief en beschikbaar.
Weergave van de naam en het nummer van de beluisterde "multiplex" (ook wel "bundel" genoemd).
Opgeslagen radiozender, toetsen 1 t/m 15
Kort indrukken: selecteren van de opgeslagen radiozender.
Lang indrukken: opslaan van een radiozender.
Weergave van de "Radiotekst" van de beluisterde radiozender.
Selecteren van de geluidsbron.
Weergave van de "DAB"-band.
Weergave van de naam van de radiozender waarop is afgestemd.
Als de beluisterde "DAB"-zender niet in "FM" beschikbaar is, wordt de optie "DAB FM" grijs weergegeven.
Eventueel uitgezonden programmatype van de radiozender.
Volgende radiozender.
Volgende "multiplex". Vorige "multiplex".
Vorige radiozender.
Afbeelding van de radiozender.
RADIO
Page 251 of 336

06
249
Als het "Volgsysteem digitale zender / FM" is geactiveerd, kan er sprake zijn van een verschil van enkele seconden als het systeem overschakelt op de analoge "FM"-zender en kan het geluidsvolume veranderen.
Als het digitale signaal weer goed is, schakelt het systeem automatisch weer over op "DAB". automatisch weer over op "DAB".
Selecteer " RADIO ".
Druk op MENU om het " HOOFDMENU " weer te geven en selecteer vervolgens " Media ".
Selecteer de zender in de lijst.
Selecteer het veranderen van geluidsbron.
Selecteer " DAB-radio ".
Digitale radio zorgt voor een betere geluidskwaliteit en biedt de mogelijkheid grafi sche informatie weer te geven met actualiteiten van de geselecteerde radiozender.
Via de verschillende multiplexkanalen hebt u de keuze uit een aantal radiozenders die in alfabetische volgorde zijn gerangschikt.
Druk op MENU om het " HOOFDMENU " weer te geven en selecteer vervolgens " Media ".
Selecteer " RADIO ".
Selecteer " Instellingen ".
Selecteer " Automatisch volgen DAB-FM " en vervolgens " Bevestigen ".
"DAB" is niet overal beschikbaar.
Als het digitale signaal niet goed is, kunt u met het "Volgsysteem digitale zender / FM" dezelfde zender blijven beluisteren doordat het systeem automatisch overschakelt op de desbetreffende analoge "FM"-zender (indien beschikbaar).
Als de "DAB"-zender waarnaar wordt geluisterd niet beschikbaar is als "FM"-zender (optie " DAB/FM " grijs weergegeven) of als het "Volgsysteem digitale zender / FM" niet is geactiveerd, wordt het geluid onderbroken als het digitale signaal te zwak wordt.
RADIO
Digitale radio - Volgsysteem DAB / FM DAB (Digital Audio Broadcasting)
Digitale radio
Page 252 of 336

06
250
CD-, MP3-, USB-speler, AUX-aansluiting
Plaats de CD in de speler, steek de USB-stick in de USB-aansluiting of sluit de USB-apparatuur via een kabel (niet meegeleverd) op de USB-aansluiting aan.
Het systeem maakt gebruik van afspeellijsten (in het tijdelijke geheugen). Het maken van deze lijsten kan enkele seconden of soms enkele minuten duren nadat het apparaat voor de eerste keer is aangesloten.
Het verwijderen van alle andere dan muziekbestanden en het verminderen van het aantal afspeellijsten zal het aanmaken van deze afspeellijsten versnellen.
De afspeellijsten worden iedere keer na het opnieuw aanzetten van het contact of het aansluiten van een USB-stick vernieuwd. De autoradio slaat de lijsten echter wel op en als ze niet zijn gewijzigd, is de laadtijd korter.
Geluidsbron kiezen
Via de toets SRC (bron) op het stuur kunt u van de ene naar de andere geluidsbron overschakelen.
Druk op de toets OK om uw keuze te bevestigen.
" CD/CD MP3 "
" USB, iPod "
" Bluetooth (streaming) " " Aux "
" Radio "
Selecteer het wijzigen van de geluidsbron en kies vervolgens de geluidsbron. kies vervolgens de geluidsbron.
Druk op de toets MODE totdat RADIO/MEDIAwordt weergegeven.
De geluidsbron kan ook worden gewijzigd via de bovenste balk.
MUZIEK
Page 253 of 336

06
251
CD, MP3-CD, USB-speler
De autoradio speelt bestanden met de extensie "wma, .aac, .fl ac, .ogg, .mp3" met een bitrate van 32 kbps tot 320 kbps af.
Ook bestanden met een VBR (Variable Bit Rate) kunnen worden afgespeeld.
Geluidsbestanden met een andere extensie (.mp4, ...) kunnen niet worden afgespeeld.
WMA-bestanden moeten van het type WMA9 Standaard zijn.
De bemonsteringsfrequenties (sampling rates) zijn 11, 22, 44 en 48 kHz.
Gebruik voor bestandsnamen maximaal 20 karakters en vermijd speciale tekens (bijv.: " ", ?, ù) om problemen met het afspelen of de weergave te voorkomen.
Selecteer bij het branden van een CD-R of CD-RW de standaard ISO 9660 niveau 1, 2 of bij voorkeur Joliet om deze te kunnen afspelen.
Als de CD in een ander formaat is gebrand, kan het zijn dat deze niet goed wordt afgespeeld.
Het is raadzaam voor één CD niet meer dan één standaard voor\
het branden te gebruiken. Stel de laagst mogelijke snelheid in (maximaal 4 x) voor een optimale geluidskwaliteit.
Voor het branden van een multisessie-CD is het raadzaam de standaard Joliet te gebruiken.
Informatie en tips
Het systeem is geschikt voor externe geluidsdragers zoals USB-spelers, BlackBerry®zoals USB-spelers, BlackBerry®zoals USB-spelers, BlackBerry-apparatuur of Apple®-spelers via de USB-aansluiting. De bijbehorende kabel wordt niet meegeleverd.
U kunt deze apparatuur bedienen via de audio-installatie van de auto.
Andere randapparatuur, die bij het aansluiten niet door het systeem wordt herkend, moet met een kabel (niet meegeleverd) op de Jack-plug worden aangesloten.
Een USB-stick moet geformatteerd zijn naar FAT 16 of 32 om te kunnen worden afgespeeld.
MUZIEK
Het systeem werkt niet als twee identieke apparaten tegelijkertijd zijn \
aangesloten (twee USB-sticks, twee Apple ® -spelers). Het is echter ® -spelers). Het is echter ®
wel mogelijk een USB-stick en een Apple ® -speler aan te sluiten. ® -speler aan te sluiten. ®
Gebruik voor een goede werking bij voorkeur originele Apple ® USB-® USB-®
kabels.