
106Radio
Verkeersinformatie in- of
uitschakelen
Om de stand-by verkeersberichten‐
functie van het Infotainmentsysteem in- en uit te schakelen:
Druk op de TP-toets.
■ Als verkeersinformatie is ingescha‐
keld, verschijnt [ ] in het radiohoofd‐
menu.
■ Er worden alleen verkeersinforma‐ tiezenders weergegeven.
■ Als de actuele zender geen ver‐ keersinformatiezender is, wordt er
automatisch naar de volgende ver‐
keersinformatiezender gezocht.
■ Wanneer een verkeersinformatie‐ zender is gevonden, wordt [TP] in
het hoofdmenu van de radio weer‐
gegeven.
■ Verkeersberichten worden op het van tevoren ingestelde TA-volume3 97 weergegeven.
■ Als verkeersinformatie is ingescha‐
keld, wordt de cd-/mp3-weergave
voor de duur van het verkeersbe‐
richt onderbroken.Alleen naar verkeersberichten
luisteren
Schakel verkeersinformatie in en
draai het volume van het infotain‐
mentsysteem helemaal omlaag.
Verkeersberichten blokkeren
Om verkeersberichten te blokkeren,
bijv. tijdens afspelen van CD/MP3:
Druk op de knop TP of de multifunc‐
tionele knop om het annuleringsbe‐
richt op de display te bevestigen.
Het verkeersbericht wordt onderbro‐
ken, maar verkeersinformatie blijft in‐ geschakeld.
EON (Enhanced Other Networks)
Met EON kunt u naar verkeersberich‐
ten luisteren ook als de zender waar‐
naar u luistert zelf geen verkeersin‐
formatie uitzendt. Als een dergelijke
zender is ingeschakeld, wordt net als
bij verkeersinformatiezenders TP op
het display in zwart weergegeven.Digital Audio Broadcasting
Digital Audio Broadcasting (DAB) is
een innovatief en universeel uitzend‐
systeem.
DAB-zenders worden aangeduid met de programmanaam i.p.v. met de
zendfrequentie.
Algemene aanwijzingen
■ Met DAB kunnen verschillende pro‐
gramma's (diensten) op dezelfdefrequentie worden uitgezonden(ensemble).

Radio107
■Naast hoogwaardige diensten voor
digitale audio is DAB ook in staat
om programmagerelateerde gege‐
vens en een veelheid aan andere
dataservices uit te zenden, inclusief reis - en verkeersinformatie.
■ Zolang een bepaalde DAB-ontvan‐ ger een signaal van een zender op
kan vangen (ook al is het signaal
erg zwak), is de geluidsweergave
gewaarborgd.
■ Er is fading (zwakker worden van het geluid) dat typerend is voor
AM - of FM-ontvangst. Het DAB-
signaal wordt op een constant vo‐
lume weergegeven.
■ Als het DAB-signaal te zwak is om door de radio te worden geïnterpre‐teerd, wordt de weergave geheel
onderbroken. Dit probleem kan
worden vermeden door in het menu
DAB-instellingen Automatische
groeplinks en/of Automatische links
DAB-FM te activeren.■Interferentie door zenders op nabu‐
rige frequenties (een verschijnsel dat typisch is voor AM - en FM-
ontvangst) doet zich bij DAB niet
voor.
■ Als het DAB-signaal door natuur‐ lijke obstakels of door gebouwen
wordt weerkaatst, verbetert dit de
ontvangstkwaliteit van DAB, terwijl
AM- en FM-ontvangst in die geval‐
len juist aanmerkelijk verzwakt.
■ Na het inschakelen van DAB-ont‐ vangst blijft de FM-tuner van het In‐fotainmentsysteem op de achter‐
grond actief en zoekt voortdurend
naar de best ontvangbare FM-zen‐
ders. Als TP 3 104 geactiveerd is,
worden er verkeersberichten van de momenteel best ontvangbare
FM-zender doorgegeven. Deacti‐
veer TP als u niet wilt dat de DAB-
ontvangst door FM-verkeersmel‐
dingen wordt onderbroken.DAB configureren
Druk op de CONFIG-toets.
Selecteer Radio-instellingen en ver‐
volgens DAB-instellingen .
In het configuratiemenu zijn de vol‐ gende opties beschikbaar:
■ Automatische groeplinks : als deze
functie ingeschakeld is, schakelt
het systeem over op dezelfde ser‐
vice van een ander DAB-
ensemble (frequentie indien be‐
schikbaar) als het DAB-signaal te
zwak is om door de radio te worden
opgevangen.

108Radio
■Automatische links DAB-FM : als
deze functie ingeschakeld is, scha‐ kelt het systeem over naar eenovereenkomstige FM-zender van
de actieve DAB-service (indien be‐
schikbaar) als het DAB-signaal te
zwak is om door de radio te worden opgevangen.
■ Dynamische geluidsaanpas. : als
deze functie geactiveerd is, wordt
het dynamische bereik van het
DAB-signaal gereduceerd. Dat
houdt in dat het volume van hard
geluid wel, maar dat van zacht ge‐
luid niet wordt gereduceerd. Daar‐
door kan het volume van het Info‐
tainment zo worden afgesteld dat
zacht geluid goed hoorbaar is zon‐
der dat hard geluid te hard klinkt.
■ Frequentieband : na het selecteren
van deze optie kan worden bepaald
welke DAB-frequentiebereiken
door het Infotainmentsysteem die‐
nen te worden ontvangen.

Telefoon123voordat u de telefoon in hands‐free-modus gebruikt. Volg de be‐
palingen van het land waarin u
zich bevindt.
Volg de voorschriften die in som‐
mige gebieden gelden op en zet
uw mobiele telefoon uit als mobiel telefoneren verboden is, als de
mobiele telefoon interferentie ver‐
oorzaakt of als er zich gevaarlijke
situaties kunnen voordoen.
Bluetooth
Het telefoonportal is gecertificeerd
door de Bluetooth Special Interest
Group (SIG).
Meer informatie over de specificatie
vindt u op internet op
http://www.bluetooth.com
De spraakherkenning gebruiken
Gebruik de spraakherkenning niet in
noodsituaties, omdat uw stem onder
stress zodanig kan veranderen dat hij
mogelijk niet meer herkend wordt en
de gewenste verbinding daardoor
wellicht niet snel genoeg tot stand kan worden gebracht.
Bedieningselementen
De belangrijkste telefoonspecifieke bedieningselementen zijn de vol‐
gende:
PHONE -toets: opent het telefoon‐
hoofdmenu.
Knoppen op het stuurwiel:
q , w : gesprek aannemen, spraak‐
herkenning activeren.
n , x : gesprek beëindigen/weige‐
ren, spraakherkenning uitschakelen.
Het telefoonportaal kan daarnaast ook met spraakherkenning worden
bediend 3 116.
Bluetooth-verbinding Bluetooth is een radiografische norm
voor het draadloos verbinden van
bijv. een mobiele telefoon met andere
apparatuur. Informatie zoals een te‐
lefoonboek, gesprekslijsten, de naam van de netwerkoperator en de sterkte
van de verbinding kan worden over‐
gedragen. Welke functies er beschik‐ baar zijn hangt af van het type tele‐
foon.Om een Bluetooth-verbinding met het telefoonportaal tot stand te kunnen
brengen, moet de Bluetooth-functie
van de mobiele telefoon zijn inge‐
schakeld en moet de mobiele tele‐
foon in de stand "zichtbaar" worden
gezet. Zie hiertoe de gebruiksaanwij‐
zing van de mobiele telefoon.
Bluetooth-menu
Druk op de CONFIG-toets.
Selecteer Telefooninstellingen en
vervolgens Bluetooth.

132Telefoon
■Gesprekken samenvoegen : bij
meerdere actieve gesprekken twee gesprekken samenvoegen.
■ Van gesprek wisselen : bij meer‐
dere gesprekken tussen gesprek‐
ken wisselen.
■ Ruggespraakstand : het geluid van
een gesprek onderdrukken.
Mobiele telefoons en
CB-zendapparatuur
Montage- en
gebruiksvoorschriften
Bij de montage en het gebruik van
een mobiele telefoon moeten de mo‐
delspecifieke montagehandleiding en de gebruiksvoorschriften van de fa‐
brikant van de telefoon en de hands‐
free-carkit in acht genomen worden.
Anders kan de typegoedkeuring van
de auto vervallen (EU-richtlijn
95/54/EG).Aanbevelingen voor een storingsvrij
gebruik:
■ Vakkundig gemonteerde buitenan‐ tenne, waardoor de maximale reik‐
wijdte wordt bereikt,
■ Maximaal zendvermogen 10 watt,
■ installatie van de telefoon in een geschikte plek, raadpleeg rele‐vante opmerking in de gebruikers‐
handleiding, hoofdstuk
Airbagsysteem .
Laat u informeren over de voorziene
montageposities voor de buitenan‐
tenne of de toestelhouder en de mo‐
gelijkheden tot gebruik van toestellen
met een zendvermogen van meer dan 10 watt.
Het gebruik van een handsfree-carkit
zonder buitenantenne voor mobiele
telefoons type GSM 900/1800/1900
en UMTS is alleen toegestaan, wan‐
neer het maximale zendvermogen
van de mobiele telefoon niet groter is
dan 2 watt bij GSM 900 en niet groter
is dan 1 watt bij de andere types.Uit veiligheidsoverwegingen wordt te‐
lefoneren tijdens het rijden afgera‐
den. Ook bij handsfree telefoneren
kan de aandacht op het verkeer ver‐
slappen.9 Waarschuwing
Gebruik van zendapparatuur en
mobiele telefoons die niet aan de
bovenstaande normen voor mo‐
biele telefoons voldoen en radio's
is alleen toegestaan met een bui‐ tenantenne op de auto.
Voorzichtig
Mobiele telefoons en zendappara‐ tuur kunnen als de voornoemde
aanwijzingen niet in acht worden
genomen bij gebruik in het interi‐
eur zonder buitenantenne aanlei‐
ding geven tot functiestoringen in
de autoelektronica.

134TrefwoordenlijstAAfspelen van een cd starten .......110
Algemene aanwijzingen ............
.................. 82, 109, 113, 114, 122
Algemene informatie................... 116
Antidiefstalfunctie ........................83
Autostore-lijsten .......................... 100
B BACK-toets ................................... 91
Basisbediening ............................. 91
Bediening.................................... 128
Bluetooth .................................... 122
Bluetooth-verbinding ..................123
C
CD-speler activeren.................................. 110
belangrijke informatie ..............109
gebruik .................................... 110
CD-speler activeren ....................110
CD-speler gebruiken................... 110
D DAB ............................................ 106
DAB configureren .......................106
De AUX-ingang gebruiken ..........113
De radio gebruiken .......................99
De radio inschakelen ....................99De USB-poort gebruiken ............114
Digital Audio Broadcasting .........106
E Enhanced Other Networks .........104
EON ............................................ 104
F Favorietenlijst ............................. 101
Frequentiebereikmenu's .............101
Frequentiebereik selecteren .........99
G Gebruik ................... 90, 99, 110, 113
Geluidsinstellingen .......................95
H
Handsfree-modus .......................123
Het infotainmentsysteem gebruiken .................................. 90
Het Infotainmentsysteem in- of uitschakelen .............................. 90
I Infotainmentsysteem automatische aanpassing vanhet volume................................. 97maximaal opstartvolume ...........97
personalisering .......................... 98
tooninstellingen ......................... 95

135
volume voor verkeersberichten. 97
volume: instellingen ..................97
M
Menubediening ............................. 91
Mobiele telefoons en CB-zendapparatuur .................132
Multifunctionele knop ....................91
Mute.............................................. 90
N Noodoproep ................................ 128
O
Opgeslagen audiobestanden afspelen................................... 114
Overzicht bedieningselementen ...84
P Personaliseren.............................. 98
Persoonlijke instellingen configureren .............................. 98
R Radio Radio Data System (RDS) ......104
activeren.................................... 99
autostorelijsten ........................ 100
Digital audio broadcasting
(DAB) ...................................... 106
favorietenlijst ........................... 101frequentiebereik selecteren .......99
frequentiebereikmenu's ...........101
gebruik ...................................... 99
zender zoeken .......................... 99
zenderlijsten ............................ 101
Radio activeren............................. 99
Radio Data System (RDS) ......... 104
RDS ............................................ 104
RDS configureren .......................104
Regionalisatie ............................. 104
S
SAP-modus ................................ 123
SIM Access Profile (SAP) ...........123
Spraakherkenning ..............116, 117
activeren.................................. 117
gebruik .................................... 117
telefoonregeling ......................117
volume voor stemoutput ..........117
Spraakherkenning activeren .......117
Stemherkenning ......................... 116
T
Telefoon bedieningselementen ..............122
belangrijke informatie ..............122
belsignalen instellen ................123
berichtfuncties ......................... 128
Bluetooth ................................. 122
Bluetooth-verbinding ...............123een telefoonnummer vormen ..128
functies tijdens een gesprek ...128
gesprekkenlijsten ....................128
handsfree-modus ....................123
het volume instellen ................128
noodoproepen ......................... 128
SIM Access Profile (SAP) .......123
telefoonbatterij opladen ...........122
telefoonboek ........................... 128
Telefoonbatterij opladen .............122
Telefoonregeling .........................117
V Verkeersberichten ........................97
Volume instellen ........................... 90
Volume-instellingen ......................97
Volume voor stemuitvoer ............117
Voor snelheid gecompenseerd volume....................................... 90
Z
Zenderlijsten bijwerken ...............101
Zenders ophalen ................100, 101
Zenders opslaan .................100, 101
Zender zoeken.............................. 99