Page 79 of 304

1
BIJZONDERHEDEN VAN UW HYUNDAI
67
!
LET OP:
o Als langere tijd wordt gereden met een brandende waarschuwingslamp voor het emissie-regelsysteem, dan kan hetemissie-regelsysteem beschadigen. Dit kan van invloed zijn op de rij-eigenschappen ofhet brandstofverbruik. Als de waarschuwingslamp van het emissie-regelsysteem gaatknipperen, dan is het mogelijk dat de katalysator wordt beschadigd, waardoor het motorvermogen la-ger kan worden. Laat het emissie- regelsysteem zo snel mogelijk door de Hyundai dealercontroleren.
o Als de waarschuwingslamp
knippert, laat dan het roetfilterbinnen 50 km controleren door de Hyundai dealer (Dieselmotor).! LET OP: - Dieselmotor
Wanneer het storingslampje gaat knipperen, ga dan gedurende een bepaalde tijd (ongeveer 25 minuten) rijden met een snelheid van tenminste 60 km/h of in een hogere versnelling dan de tweede met een toerental van 1.500 - 2.000 omw/min.Het lampje zal mogelijk stoppen met knipperen. Ga naar een officiële HYUNDAI-dealer als hetstoringslampje desondanks blijft knipperen en laat het DPF-systeem nakijken. Indien u gedurende langetijd blijft doorrijden terwijl het storingslampje knippert, kan het DPF-systeem beschadigd raken enhet brandstofverbruik toenemen. B260B01JM-AXT
Onderhoudsindicatie
(SRI) Van airbag-systeem
De SRS service indicator (SRI) brandtgedurende 6 seconden nadat het con-tact is aangezet of nadat de motor is gestart. Hierna dooft hij. Deze lamp gaat ook branden als hetSRS niet correct werkt. Als de SRI bij het aanzetten van het contact niet gaat branden of blijft branden nadat de lampgedurende ca. 6 seconden heeft geknipperd of tijdens het rijden gaat branden, laat het SRS dan door eengeautoriseerde Hyundai dealer controleren.
Page 80 of 304

1BIJZONDERHEDEN VAN UW HYUNDAI
68
B230T02NF-GAT "Passagiersairbag off"-
lamp (Indien gemonteerd)
De "passagiersairbag OFF"-lamp gaat gedurende ongeveer 4 secondenbranden nadat het contactslot in de stand "ON" is gezet of nadat de motor is gestart. Vervolgens dooft de lamp na3 seconden. De "passagiersairbag OFF"-lamp gaat ook branden als de AAN/UIT-schakelaarvoor de passagiersairbag in de stand "OFF" staat en brandt niet als de AAN/ UIT-schakelaar voor depassagiersairbag in de stand "ON" staat.
B260P01TG-GXT Controlelamp ABS
Als de contactsleutel in de stand "ON" wordt gedraaid, zal de controlelampvoor het ABS gaan branden en na enkele seconden doven. Als de controlelamp blijft branden, gaat brandentijdens het rijden of niet gaat branden als de contactsleutel in de stand "ON" wordt gedraaid, betekent dit dat er eenstoring in het ABS systeem is opgetreden. Laat uw auto in dit geval zo snel mogelijk door een Hyundai dealercontroleren. Het normale remsysteem blijft echter werken, maar zonder de assistentie van het ABS systeem.
! LET OP:
o Bij een storing in de AAN/UIT- schakelaar voor de passagiersairbag gaat de"passagiersairbag OFF"-lamp niet branden en wordt de passagiersairbag bij een frontalebotsing opgeblazen, ook als de AAN/UIT-schakelaar in de stand "OFF" staat.
o Als de passagiersairbag OFF-lamp niet gaat branden als de ON/OFF-schakelaar voor de passagiersairbag in de OFF-stand wordt gezet, laat dan een Hyundaidealer de ON/OFF-schakelaar en het airbagsysteem zo snel mogelijk controleren.
Page 124 of 304

1BIJZONDERHEDEN VAN UW HYUNDAI
112
!WAARSCHUWING:
o Zorg ervoor dat de vloermat goed op de vloerbedekking wordt geplaatst. Als de vloermat wegglijdt en tijdens het rijden de bediening van de pedalen hindert,kan dit tot ongelukken leiden.
o Leg geen extra mat bovenop de al
bevestigde vloermat, anders zoude extra mat naar voren kunnen glijden en de bediening van de pedalen hinderen.
B580A02NF-GXT Uw Hyundai is voorzien van zonnekleppen waarmee de bestuurderen de voorpassagier zowel van voren als van opzij tegen zonnestraling kunnen worden beschermd. Om hinder doorschittering en directe zonnestraling tegen te gaan moet de zonneklep naar beneden worden gekanteld.Beide zonnekleppen zijn aan de achterzijde voorzien van een make- upspiegel. B580A01TGN.B.: Aan de bovenzijde van de zonneklep bevindt zich een sticker van het airbagsysteem (SRS) met nuttigeinformatie.
!WAARSCHUWING:
o Zet de zonneklep in een zodanige stand dat het zicht op de weg, het verkeer of andere objecten niet wordt verhinderd.
o Draai de zonneklep niet naar de zijruit als er voorwerpen aan dezonneklep zijn bevestigd, zoals de afstandsbediening van degaragedeur, pennen, luchtverfrissers of iets dergelijks. Deze voorwerpen kunnenverwondingen veroorzaken als de headbag wordt opgeblazen.
ZONNEKLEP
Page 284 of 304

6
EENVOUDIG ONDERHOUD
43
BEVEILIGDE CIRCUITS
Actuator tankluikje & kofferdekselschakelaar Lendensteunschakelaar voor, Regeleenheid stoelgeh., Schakelaar bestuurders-/passagiersstoelverstelling Automaat key-lock regeleenheid, Audio, Stoelgeheugen-schakelaar, Accessoire-relais, BCM,Digitaal klokje & Waarsch. passagiersgordel.AudioFunctieschakelaar automaat, Relais diefstalalarmRuitbeveiligingsmodule LV, Ruitschakelaar LA Ruitbeveiligingsmodule RV, Ruitschakelaar RA Niet gebruiktInstrumentenpaneel, Boordcomputer, Jaloeziemodule achter, Regensensor,Stoelgeheugen regeleenheid, Hoofdschakelaar ruitbedieningWaarschuwingszoemer parkeerhulpInklapmotor buitenspiegel Links/Rechts, Airco-regeleenheid Spoel om contactslot, Hoofdschakelaar ruitbediening Relais mistachterlichtInstrumentenpaneelAirbag-onderbreekschakelaar, Airbag-regeleenheidRegeleenheid stuurverstelling, Schakelaar sport-functieRelais mistlampen voor, Achterlichtunit links, Kentekenverlichting, Koplamp links Achterlichtunit rechts, Kentekenverlichting, Koplamp rechts, Rheostaat
WAARDE
20A 30A 10A 15A 10A30A 30A 30A 10A 15A 10A20A15A 10A 15A15A10A10A
BENAMING
T/LID
FR P/SEAT
AUDIO-2 AUDIO-1START
P/WDW LH
P/WDW RH RR P/SEAT
MODULE-1
PEDAL ADJ MIRR HTD
KEY SOLRR FOG
A/BAG IND A/BAG
TILT
TAIL LH
TAIL RH
Page 301 of 304

10INHOUD
2
A Aanbevolen bandenspanning ........................................ 8-2
Aansteker ................................................................... 1-89
Airbagsysteem ............................................................ 1-46
Asbak ......................................................................... 1-91
Accu controleren ......................................................... 6-25
Airconditioning .......................................................... 1 -128
Achteruitkijkspiegel ................................................... 1 -103
Algemene controles ...................................................... 6-4
Als de motor niet aanslaat ........................................... 3-2
Als de motor te heet wordt ........................................... 3-4
Als uw auto moet worden gesleept ............................ 3-10
Antenne .................................................................... 1 -138
Anti-blokkeersysteem (ABS) ....... ................................2-12
Audiosysteem ........................................................... 1 -138
Automatische snel heidsregeling ................................ 1 -118
Automatische transmissie ............................................ 2-7
Automatische verwarmings en koelings systeem ..... 1 -125
B Bagagenet ................................................................ 1 -107
Banden ......................................................................... 8-2
Banden vervangen ........................................................ 8-5
Bediening verwarming en koeling ............................. 1-123
Bekerhouder ................................................................ 1-91Benzinemeter
.............................................................. 1-71
Beschrijving zekeringhouder .......................................6-40
Bij verlies van sleutels ............................................... 3-13
Boordcomputer ............................................................ 1-74
Brandstofvoorschriften .................................................. 1-2
Brillenvak .................................................................... 1-98
Buitenspiegel ............................................................ 1-100
Buitenspiegel verwatming ... ......................................1-101
C Centrale deurvergrendeling .......................................... 1-11
Claxon ...................................................................... 1-115
Corrosie voorkomen ...................................................... 4-2
DDashboardkastje ......................................................... 1-99
Diefstalbeveil igingsinstallatie .....................................1-12
EEconomisch rijden ...................................................... 2-18
Elektrisch aanslui tpunt ............................................... 1-90
Elektrisch bediende ruiten .......................................... 1-17
Elektrisch verstelbare stoelen voor ............................1-22
Elektronische stabiliteitsregeling (ESP) ......................2-13