PERIODIEK ONDERHOUD EN EENVOUDIGE REPARATIES
6-10
6
8. Vul het motorblok met motorolie tot het
voorgeschreven peil. Plaats de olie-
vuldop weer en draai deze stevig aan.
DC000066
LET OP:@l
U mag geen chemische middelen
aan de motorolie toevoegen. De
motorolie dient tevens voor het
smeren van de koppeling en toege-
voegde middelen zouden de koppe-
ling kunnen doen slippen.
l
Let op dat er geen vreemde voor-
werpen in het carter terechtkomen.
@9. Start de motor en laat deze enkele mi-
nuten lang warmdraaien. Kontroleer in
de tussentijd het motorblok op olielek-
kage. Mocht u ergens een lek ontdek-
ken, stop de motor dan en probeer de
oorzaak te achterhalen.OPMERKING:@ Nadat u de motor heeft gestart, dient het
oliepeil-kontrolelampje te doven, mits er ge-
noeg olie aanwezig is, tot het voorgeschre-
ven peil. @
DC000067
LET OP:@ Als het kontrolelampje knippert of blijft
oplichten, zet de motor dan onmiddelijk
af en raadpleeg een Yamaha dealer. @
Aantrekkoppel:
Oliefilter:
17 Nm (1,7 m·kg)
Aanbevolen motorolie:
Zie blz. 8-1.
Hoeveelheid motorolie:
Totale hoeveelheid:
4,4 L
Periodieke verversing:
3,2 L
Verversen van olie en vervangen van
oliefilter:
3,4 L
INDEX
RRechter aanzicht...................................... 2-2
Richtingaanwijzer-schakelaar .................. 3-9
Richtingsaanwijzer-kontrolelampjes ......... 3-3SSchakelen ............................................... 5-4
Smeren van de middenstandaard en
zijstandaard ......................................... 6-22
Smeren van de voorremhendel en
koppelingshendel ................................ 6-22
Smeren van het rempedaal en
versnellingspedaal............................... 6-22
Smering van de gaskabel en van de
gashendel ........................................... 6-21
Snelheidsmeter ....................................... 3-6
Starten van de motor ............................... 5-1
Starten van een warme motor.................. 5-4
Startschakelaar ..................................... 3-10
Stroomlijnkap A ....................................... 6-5
Stroomlijnkap B ....................................... 6-6
Stuurschakelaars..................................... 3-9
Grootlicht/dimlicht-schakelaar ............ 3-9
Inhaal-schakelaar ............................... 3-9
Klaxon-schakelaar.............................. 3-9
Lichtschakelaar ................................ 3-10
Motorstop-schakelaar....................... 3-10
Richtingaanwijzer-schakelaar ............. 3-9
Startschakelaar ................................ 3-10
Waarschuwingslichten-schakelaar ..... 3-9
TTechnische gegevens ............................. 8-1
Tips voor het beperken van het
benzineverbruik .................................... 5-5
Toerenteller ............................................. 3-6VVeiligheid heeft voorrang......................... 1-1
Verhelpen van storingen ....................... 6-31
Versnellingspedaal ................................ 3-11
Vervangen van de gloeilamp van de
koplamp .............................................. 6-26
Vervangen van zekeringen.................... 6-25
Verversen van de eindoverbren-
gingsolie ............................................. 6-11
Verversen van de remvloeistof .............. 6-21
Verwijderen en aanbrengen van
stroomlijnkappen................................... 6-5
Voorremhendel ..................................... 3-11
Vrijstand-kontrolelampje .......................... 3-3WWaarschuwingslichten-schakelaar .......... 3-9
Wielen ................................................... 6-18
Wiellagers ............................................. 6-24ZZadel..................................................... 3-15
Zijstandaard .......................................... 3-18